Sluitkool

23-05-2011 | |
Demyttenaere
Paul Demyttenaere preiteler
Sluitkool

‘Deze grond moet perse droog zijn’

“Droog? Bij jullie? Maar het heeft daar afgelopen weekend toch geregend”, merkt Paul Demyttenaere met gespeelde verwondering op. In werkelijkheid is hij er zich goed van bewust dat het in Nederland net zo droog is als op zijn bedrijf in Zonnebeke (in het zuidwesten van België, richting Franse grens). Hij ervaart het evenwel (nog) niet als een heel groot probleem. Zijn vroegste sluitkool plantte hij vijf weken geleden, daarna ging er direct vliesdoek overheen. “De grond was toen nog mooi vochtig, en dan scheelt zo’n bedekking natuurlijk enorm in vergelijking met een onbedekte teelt.”

Bewerken om te drogen
Bovendien heeft de grondsoort een enorme invloed. Die bestaat in die regio uit zware zandleem: goed vochtvasthoudend, en onder vochtige omstandigheden enorm plakkerig. Dan is het juist de kunst om de grond voldoende droog te krijgen, zelfs in een voorjaar als 2011. “We gaan morgen (vrijdag 20 mei) planten op een perceel waar afgelopen seizoen prei heeft gestaan. Die prei is onder niet al te beste omstandigheden gerooid, met veel rijsporen. De grond hebben we dit voorjaar eerst goed laten uitdrogen, en daarna drie keer gecultivaterd om de bovenlaag te breken en op te lichten. Vorig week maandag is geploegd, en op woensdag en op donderdag bewerkt met de kopeg. Tussen de eerste en tweede keer kopeggen is bemest, en vandaag -donderdag- zijn we aan het planten.”

Geen ideaal concept
Op het eerste gezicht lijkt dat een ideaal recept om de grond te ver uit te laten drogen, maar dat is volgens Demyttenaere op deze zandleem zeker niet het geval. “In tegenstelling tot lichte grond, is deze grond na drie keer cultivateren nog opvallend vochtig. En vanwege de zwaarte, moet de grond ook perse goed droog zijn om te kunnen ploegen. Door dat te doen met voorscharen, werk je de droge kluiten onderin de bouwvoor tot op de vochtige grond. Die kluiten kunnen dan voldoende vocht aantrekken; de bovenliggende grond is dan vochtig genoeg om met de kopeg mooi fijn te maken.’’

Erosieploeg
Een alternatief voor de gangbare ploeg is wat Demyttenaere betitelt als de erosieploeg: een soort cultivator met halve maanvormige tanden, die naar de bovenkant toe uitlopen in drie uiteinden naar de linkerkant van de tandsteel, en drie uitenden naar rechts. “Die hebben we vorig voorjaar gebruikt, toen kwam de grond door de vorstinwerking beter de winter uit dan deze keer, en vervangt het ploegen in het kader van de niet-kerende grondbewerking. Het komt erop neer dat we kijken hoe de grond erbij ligt: is de structuur goed, dan pakken we de erosieploeg, eventueel in combinatie met een kopeg die er dan direct achter gehangen wordt.”
De beregenigsapparatuur wordt dan ook mondjesmaat ingezet. “Soms om het gewas aan de gang te krijgen, en dan heb ik het over sluitkool en prei. Zijn die eenmaal aan de groei, dan voorzie ik  voor die gewassen de eerste anderhalve maand nog geen probleem, ook omdat deze gewassen nog niet in volle wasdom zijn. Voor teelten als spinazie, vlas en graan is de situatie wel nijpender.

Aanpak onkruiden
De onkruidbestrijding is wel wat anders dan in andere jaren. In de eerste planten kon nog een behandeling worden uitgevoerd met Stomp Aqua (een nieuwe in Nederland niet toegelaten formulering van Stomp) en dat pakte goed uit. “Voor de hierna volgende plantingen hebben we niets meer gespoten, daar moet het met dit weer lukken het onkruid mechanisch op te ruimen.“
Luis en rupsen zijn in sluitkool nog geen probleem. “We hebben wel wat kleine rupsen gehad, en die hebben ook wat schade gegeven, maar die zijn niet bestreden. Ze zijn ook weer verdwenen.“

Bron: Groenten&Fruit – Auteur: Joost Stallen 

Meer over


Beheer