Home

Nieuws

Minister sust zorgen over vergunningvrij intern salderen

Bedrijven die ontwikkelen op basis van intern salderen hoeven niet bang te zijn dat ze bij een aanscherping van Aerius alsnog een vergunning moeten hebben. Dat blijkt uit antwoorden van demissionair minister Schouten van LNV op Kamervragen.

Sinds een uitspraak van de Raad van State begin dit jaar is het niet meer mogelijk een vergunning aan te vragen voor intern salderen, als de bedrijfsverandering niet leidt tot extra stikstofuitstoot en -depositie. De uitspraak leidde tot onrust onder ondernemers en hun adviseurs. Provincies stopten de uitgifte van vergunningen omdat ze niet wisten hoe met de nieuwe situatie om te gaan. Een artikel hierover in Boerderij / Food&Agribusiness leidde tot Kamervragen van CDA. Die gaan onder meer over de vraag of bij een aanscherping van Aerius een bedrijf later alsnog vergunningplichtig zou worden en dus gevoelig voor handhavingsverzoeken.

Toetsing blijft geldig

De minister spreekt dat tegen. Ze wijst erop dat bij een wijziging in de bedrijfsvoering een Aerius-berekening van de effecten nodig is. Zijn die effecten op dat moment niet groter dan de bestaande situatie, dan is geen vergunning nodig en ook niet mogelijk, en gelden de oude vergunning of de onderliggende rechten. Ook wie voor de zekerheid toch een vergunning wil, krijgt die dus niet. Bij een eventuele latere aanscherping van het rekenmodel is geen nieuwe toetsing van dan bestaande situaties nodig, aldus de minister. Ze wijst er in haar brief op dat ondernemers de Aerius-gegevens later als uitgangspunt kunnen dienen bij eventuele controles.

‘Positief afwijzen’ of buiten behandeling laten

Schouten noemt wel een andere manier om meer rechtszekerheid te krijgen voor bedrijven die intern salderen. Zo kan een bevoegd gezag een aanvraag ‘positief afwijzen’ of buiten behandeling laten. “Beide besluiten zijn vatbaar voor bezwaar en beroep en kunnen dus in rechte vast komen te staan. Aan zo’n besluit kunnen geen voorschriften worden verbonden, maar het besluit kan wel de aangevraagde situatie vastleggen op basis van de geldende Aerius-versie, zodat bijvoorbeeld toekomstige wijzigingen in Aerius geen gevolgen hebben voor de betrokken activiteit”, aldus de minister.

PAS-melders

De vergelijking tussen intern-saldeerders zonder vergunning en PAS-melders zonder vergunning gaat volgens de demissionaire minister niet op. “De PAS-melders zijn in de knel gekomen doordat de PAS als basis voor toestemmingsbesluiten in het kader van de Wet natuurbescherming is komen te vervallen door de uitspraak van de RvS van 29 mei 2019. Deze groep PAS-melders hebben wél een toestemmingsbesluit nodig voor hun activiteiten. Conform de uitspraak van de RvS over de Logtsebaan is er bij intern salderen helemaal geen toestemmingsbesluit nodig omdat verslechteringseffecten zijn uitgesloten.”

Zomer

Schouten kan zich voorstellen dat de uitspraak tot onzekerheid leidt, schrijft ze. Ze is nog bezig samen met provincies om de impact van uitspraak van de Raad van State te inventariseren. Ze denkt de Kamer voor de zomer te kunnen informeren.

Of registreer je om te kunnen reageren.