weblog

‘Tuinders worden geboren’

Maken tuinders zich zorgen over bedrijfsopvolging? Het tuindersgen lijkt zich nog steeds via het bloed te verspreiden.

Ik ben zelf de zoon van een groenteboer, maar geen seconde heb ik overwogen om zijn bedrijf voort te zetten. Niet tot zijn verdriet. Het werd niet van me verwacht. Ook niet van mijn oudere broer.

Geboren onder de rook van de kas

Hoe anders gaat dat één stapje terug in de keten. Tuinders worden al generaties lang niet gemaakt. Ze worden gebóren. In de gezinnen van tuinders. De beste vooropleiding om een miljoenenbedrijf in de tuinbouw te gaan leiden, is kennelijk nog steeds het dagelijks leven in de bedrijfswoning onder de rook van de kas en met de deur naar de schuur open.

Opgroeien in het ritme der seizoenen; met het planten, de gewasverzorging, het omgaan met personeel, de oogst, de afzet. Zo leer je hoe de natuur in elkaar zit, hoe techniek werkt en hoe die twee met elkaar gecombineerd tot het beste economisch rendement leiden.

Te groot om over te nemen

De voortschrijdende schaalvergroting en modernisering van de tuinbouw, of dat nu in kassen is, in de open lucht of alles daar tussenin, zou leiden tot bedrijven die niet meer zijn over te nemen. Zo horen we al tientallen jaren.

En natuurlijk zijn er bedrijven die stoppen omdat zich geen opvolger aandient. Of omdat een opvolger wel wil, maar het niet voor elkaar krijgt. Maar anno 2019 is het tuinbouwbedrijf nog steeds een familiebedrijf, een doodenkele uitzondering daargelaten. En die familiebedrijven zijn nog steeds de stevige basis van een ijzersterke sector.

Of registreer je om te kunnen reageren.