Fruit

Achtergrond

Peter van den Avoird: ‘Arbeid rationaliseren en automatiseren moet’

Planten kweken is grotendeels handwerk. Dat is dan ook direct het probleem, analyseert Peter van der Avoird van kwekerij Van der Avoird Trayplant. Hoe pakt hij de dreiging van een tekort aan arbeidskrachten aan? Het antwoord daarop is bijna klaar en gaat vanaf maart vol in bedrijf.

Van alle ‘uitdagingen’ waar agrarisch Nederland tegenaan loopt, springen er voor kweker Peter van der Avoird twee uit: het gebrek aan ruimte en het toenemend gebrek aan arbeidskrachten. En daarmee samenhangend de oplopende kosten voor arbeid. “Een bedrijf als het onze heeft in de toekomst alleen nog bestaansrecht door te automatiseren en te rationaliseren.”

De arbeidsbehoefte fluctueert te veel. Die moet vlakker, met meer vast personeel

Van der Avoird doelt op zijn bedrijf Van der Avoird Trayplant, gespecialiseerd in de opkweek van jaarlijks 25 miljoen frambozenplanten en 8 miljoen aardbeiplanten. De planten worden wereldwijd afgezet. Om dat alles in goede banen te leiden zit het bedrijf op meer locaties in en rond Bavel, met een huidige personeelsbezetting van 140 voltijds arbeidskrachten. Dat is een gemiddelde. Tijdens piekmomenten kan dat aantal wel twee keer zo hoog zijn. “De arbeidsbehoefte fluctueert te veel. Die moet vlakker, met meer vast personeel. Van de 140 krachten zijn er nu 50 in vaste dienst; ik ga liever naar 100 mensen met 80 vast”, zegt Van den Avoird.

Bedrijfsgegevens Van der Avoird Trayplant

Van der Avoird Trayplant in Bavel (N.-Br.) heeft in 2022 een mooie aanleiding voor een feestje, want het bedrijf bestaat twintig jaar. Peter van der Avoird startte in 2002 – met zijn vader, en toen nog als deeltijd DLV’er – met de opkweek van aardbeiplanten: het eerste jaar 250.000 stuks. Het volgende jaar volgde de uitbreiding met frambozenplanten. “Na vijf jaar was onze omzet vertienvoudigd, maar dat was omdat we heel kleinschalig waren gestart.”

Het bedrijf won in 2018 de prijs voor Agrarisch Ondernemer van het Jaar. De huidige jaarproductie bedraagt 25 miljoen frambozenplanten en 8 miljoen aardbeiplanten op vier verschillende locaties in Bavel en in Molenschot. De planten worden wereldwijd afgezet.

Arbeidsbehoefte fluctueert

De fluctuerende arbeidsbehoefte hangt samen met het keurslijf voor het maken van die genoemde 8 miljoen aardbeiplanten. Het stekken moet in vier weken gebeuren, het inpakken van de planten in drie weken. “Ik doe dat liever in 52 weken: door een andere aanpak van de opkweek, en door het werk zo veel mogelijk te rationaliseren en te automatiseren.”

In het verlengde van jaarrond vermeerderen en planten maken, is jaarrond produceren een logische volgende stap. “Daar horen teeltwijzen bij die kunnen afwijken van wat nu gangbaar is. Daarvoor hebben we een nieuwe demokas; om teeltstrategieën te ontwikkelen, te toetsen en om in de praktijk te laten zien.”

Stekken in juli, oogst in december

Naast de nieuwe opkweekfaciliteit staat een eveneens nieuwe demokas. De ruimte vervangt de demotunnels die het bedrijf de afgelopen tien jaar gebruikte voor op de praktijk gericht onderzoek. Dat betreft onder ander het toetsen en ontwikkelen en laten zien van nieuwe teeltwijzen, mede gericht op jaarrond productie: voor aardbei bijvoorbeeld met verse planten, zonder koeling vooraf. Peter van der Avoird: “Vijf jaar geleden was de vraag of het mogelijk is om op 1 december de eerste aardbeien te plukken van planten die in hetzelfde jaar op 1 juli zijn gestekt. Het antwoord was negatief, omdat de benodigde kennis ontbrak.”

Nu, vijf jaar later, is de kennis en technologie er wel om de noodzaak aan koude te omzeilen: met (led)licht in specifieke spectra. Voor Elsanta, maar bijvoorbeeld ook voor Sonsation. “Het komt erop neer dat het onderscheid tussen korte dag en lange dag steeds meer vervaagt. We zijn die nieuwe opkweekwijze nu aan het finetunen.”

Allemaal mooi, maar de praktijk vraagt om onderbouwing met harde cijfers. “Mogelijk kan dat volgend jaar al. Wordt zeker vervolgd.” Veel van de opgedane kennis komt uit de chrystantenteelt, omgekeerd profiteert die sector van de bevindingen met aardbei. “Ook voor chrysant is voor bloemaanleg niet per se een korte dag meer nodig. Het zijn resultaten die voortkomen uit samenwerking pur sang.”

1 maart klaar

Van der Avoird vertaalt een ‘totaal andere aanpak van de opkweek’ in de realisatie en inrichting van een compleet nieuwe productielocatie in het buitengebied van Molenschot. De nieuwe locatie heeft eenzelfde fraaie uitstraling als de hoofdlocatie van het bedrijf, enkele kilometers verderop in Bavel (N.-Br.).

Het is begin januari, kijkend met het oog van een leek zou je verwachten dat je voor de oplevering eerder moet rekenen in maanden dan in weken. Bijna overal op de bouwplek wordt gebouwd, geschroefd, gegraven, geëgaliseerd en geïnstalleerd. Er moet nog zo veel gebeuren. “Dat mag zo zijn, maar begin maart moet alles startklaar zijn, buiten en binnen. Dat gaan we halen”, klinkt het geruststellend. “In de laatste weken gaat het altijd enorm snel.” Van der Avoird kan het weten, want hij heeft in de afgelopen twintig jaar ruime ervaring opgedaan met nieuw bouwen, aanpassen en uitbreiden. Echter, nog niet eerder op een hightech niveau als deze keer.

Kijken, kopiëren, plakken

“We zijn echt zo ver mogelijk gegaan met rationaliseren en automatiseren”, licht Van der Avoird toe. “In de voorbereiding zijn we ook op allerlei typen bedrijven geweest om te zien hoe men het daar aanpakt: met tomaten, champignons, chrysanten. Dan merk je steeds weer hoe innovatief de agrarische sector is in vergelijking met veel andere sectoren. Dat helpt: onze nieuwe productielocatie is ook voor een groot deel het resultaat van kopiëren en plakken van al die slimme oplossingen.”

Als je van bovenaf op de kwekerij zou kunnen kijken, vallen tussen alle innovaties twee onderdelen direct op. Dat is als eerste het systeem en de infrastructuur voor de opkweek van het stekmateriaal voor framboos. Daarnaast is er de inrichting van de kas voor de vermeerdering van aardbei(moederplanten) met hangend stek en voor de opkweek in trays van frambozen- en aardbeiplanten.

Meerlagig vermeerderen

De voor framboos benodigde stekken (of shoots) zijn afkomstig van moederblokken. Dat zijn doorwortelde blokken die zijn afgedekt met een laagje potgrond. Deze vermeerderingsstap staat tot nu in een eenlagige teelt. Het afsnijden en sorteren van de shoots gaat via handwerk.

In de nieuwe opzet gaan vermeerdering en oogsten van deze shoots zoals gebruikelijk, maar in een aparte vermeerderingsruimte. De tafels in vier lagen boven elkaar, in een volledig mobiele opzet. De vermeerderingsoppervlakte is 4 x 1.800 vierkante meter. Bij jaarrond productie – vooralsnog theorie – is dat toereikend voor 50 miljoen frambozenstekken.

Meerlagensystemen zijn op zich niet nieuw. Denk aan het teeltsysteem voor aardbei op Proefcentrum Hoogstraten. Of aan tulpenbroeierijen, met robots die de tafels naar de begane grond brengen voor het oogsten van de tulpen.

De compactheid van het systeem maakt dat het gewas onder gelijkmatige, goed stuurbare klimaatcondities kan groeien. Maar het is ook al gauw een relatief duur systeem. “Vooral de robot is duur”, reageert Van der Avoird. “Daarom pakken we het op onze manier aan. We keren de routing om: het personeel dat de stekken afsnijdt gaat naar de tafels toe. Van tevoren brengen we de tafels in twee verdiepingen bij elkaar. Dat gaat met schaarliften. Dat is relatief goedkoop, we hebben dat zelf zo bedacht.”

Ondergronds grondvervoer

Het tussen de opeenvolgende vermeerderingsrondes legen, zuiveren en weer vullen van de tafels met nieuwe moederblokken en potgrond gebeurt in een ruimte naast de vermeerderingsruimte. De logistiek en alle handelingen zijn ook hier zo veel mogelijk gerationaliseerd en geautomatiseerd, met zo min mogelijk handwerk. De potgrond komt uit een voorraadbunker van 150 kuub (een volle vrachtwagen). De aanvoer van het materiaal naar de vul-unit gaat met een ondergrondse transportband, door een 80 meter lange tunnel. Een tweede band in deze tunnel dient voor de afvoer van de afvalgrond met moederblokken. Dat materiaal – jaarlijks 170 vrachtwagens – gaat naar een boomkweker.

Deze vermeerderingsafdeling, met alles eromheen, moet ook in maart klaar zijn. Begin januari lijkt het constructieve hoogstandje nog vooral op een apenkooi met kruipdoor-sluipdoor hindernissen. Van der Avoird: “Alles komt goed.”

Tekst gaat verder onder de foto‘s


  • De plantvermeerdering voor framboos gebeurt op tafels in vier lagen boven elkaar, in een volledig mobiele opzet. De vermeerderingsoppervlakte is 4 x 1800 vierkante meter. Er moet nog veel gebeuren voor dat het af is, maar de afzonderlijke teeltlagen zijn al te onderscheiden. - Foto's: Joost Stallen

    De plantvermeerdering voor framboos gebeurt op tafels in vier lagen boven elkaar, in een volledig mobiele opzet. De vermeerderingsoppervlakte is 4 x 1800 vierkante meter. Er moet nog veel gebeuren voor dat het af is, maar de afzonderlijke teeltlagen zijn al te onderscheiden. - Foto's: Joost Stallen

  • Het afsnijden van de stekken gebeurt in de vermeerderingsruimte, op twee verdiepingen. Schaarliften zorgen er mede voor dat de tafels bij het oogstpersoneel worden gebracht.

    Het afsnijden van de stekken gebeurt in de vermeerderingsruimte, op twee verdiepingen. Schaarliften zorgen er mede voor dat de tafels bij het oogstpersoneel worden gebracht.

  • Het legen, schoonmaken en weer vullen van de tafels tussen de opeenvolgende vermeerderingsrondes gaat nagenoeg volautomatisch. Dit gebeurt in een aparte ruimte. De aan- en afvoer van de potgrond gaat door een 80 meter lange tunnel.

    Het legen, schoonmaken en weer vullen van de tafels tussen de opeenvolgende vermeerderingsrondes gaat nagenoeg volautomatisch. Dit gebeurt in een aparte ruimte. De aan- en afvoer van de potgrond gaat door een 80 meter lange tunnel.

  • De logistiek in de kas gaat volautomatisch met transportwagens en overgewaswagens. Luchtbehandelingskasten zorgen mede voor het klimaat in de opkweekruimte. De slangen zijn voor de vloerverwarming.

    De logistiek in de kas gaat volautomatisch met transportwagens en overgewaswagens. Luchtbehandelingskasten zorgen mede voor het klimaat in de opkweekruimte. De slangen zijn voor de vloerverwarming.

  • In elke kaspaal komt een meetbox met een ventilatiesysteem. Eventueel kan van boven het scherm lucht worden aangezogen.

    In elke kaspaal komt een meetbox met een ventilatiesysteem. Eventueel kan van boven het scherm lucht worden aangezogen.

Kasinrichting 4.0

De kasruimte dient voor de vermeerdering met hangend stek van aardbeiplanten, en voor de opkweek van aardbei- en frambozenplanten: weer met de minimale inzet van arbeid en maximale hulp van slimme techniek. Het transport van en naar de werkruimte naast de kas gebeurt met automatisch rijdende transportwagens. In de kas zelf nemen hangende overgewaswagens (één in elke tralie) de logistiek voor hun rekening. Deze wagens worden ook gebruikt voor verzorgingstaken als gewasbescherming, bloemen verwijderen en dergelijke.

Luchtbehandelingskasten zijn bekend in veel andere teelten, maar uniek voor onze sector

In het dek is scherm- en verduisteringsdoek voorzien. Met verduisteringsdoek worden ook de gevels lichtdicht gemaakt. Verder komt er ledlicht in, aan een hijssysteem waarmee de lamphoogte gevarieerd kan worden. “Min of meer als op chrysantenbedrijven, daar doen ze hetzelfde met verwarmingsbuizen.” De grondverwarming werkt met warmte-koudeopslag in het grondwater onder het bedrijf. Zowel in de meerlagige vermeerderingsruimte voor framboos als in de kas komen luchtbehandelingskasten, waarmee binnen- en/of buitenlucht kan worden verwarmd, gekoeld of ontvochtigd. “Bekend in veel andere teelten, maar uniek voor onze sector.”

250 meetboxen

Eveneens uniek en nog niet eerder vertoond, is het systeem waarmee de kassenbouwer (Alcomij) aan de slag is gegaan. Van der Avoird: “Normaal hangen er enkele meetboxen per hectare kasoppervlakte. In deze kas hebben we er 250 per hectare. In elke kaspoot zit er één, met een ventilator om lucht van onderaf aan te zuigen en bovenin de paal weg te blazen of omgekeerd. In de winter kan boven het scherm lucht worden aangezogen. Dat is in plaats van een kier. Dit moet ook weer bijdragen aan optimale klimaatcondities.”

Of Van der Avoird misschien al heel voorzichtig denkt aan weer een volgend project. Grijnzend zegt de kweker: “Voorlopig is het dit wel even.”

Of registreer je om te kunnen reageren.