teeltgeluid

IJsbergslateler Nico Knibbe: ‘Helaas veel niet gelukt’

De bedoeling was dat NPPL-deelnemer Nico Knibbe uit Wieringerwerf in 2020 in zijn ijsbergsla aan de slag ging met een cameragestuurde schoffelrobot. Door onder meer problemen veroorzaakt door corona, gebeurde dat niet. Toch geeft hij de moed niet op. “Het ging niet zoals ik voor ogen had, maar we gaan door.”

Nico Knibbe heeft bij het Noord-Hollandse Wieringerwerf een maatschap met zijn ouders en broers. Ze runnen een akkerbouwbedrijf van zo’n 350 hectare. Ze telen onder meer ijsbergsla, uien en peen. Omdat hij graag nieuwe dingen probeert, wilde hij in 2020 voor NPPL met autonome trekkers en voertuigen werken. De bedoeling was dat een cameragestuurde schoffel hem zou helpen bij de onkruidbestrijding in ijsbergsla, maar zover kwam het niet.

“Helaas hadden we veel gedoe”, verzucht Knibbe. “We wilden met een robot gaan schoffelen. Daarvoor gingen we in gesprek met een leverancier die voor ons een trekker kon ombouwen zodat deze autonoom kon rijden. Dat plan werd uiteindelijk afgeschoten, toen bleek dat we na het ombouwen min of meer verplicht waren het ook te kopen, terwijl wij alleen de techniek wilden uitproberen.”

Spoorbreedtes sluiten niet aan

Vervolgens ging Knibbe op zoek naar een alternatief. Dat werd gevonden in de autonome mechanische wiedrobot Dino van Naïo Technologies. “We kwamen er al snel achter dat deze machine vrij beperkt is qua spoorbreedte. De machine werkte – uit mijn hoofd – op een breedte van 1.80 meter, terwijl wij een spoorbreedte van 2.25 meter hanteren. De oplossing was een proefveld waar de robot dan aan de slag kon. Dat hadden we geregeld, maar toen kwamen we in de knel met de verhuurder: op het moment dat wij hem nodig hadden, stond het voertuig nog in Duitsland.”

Corona bleek de druppel. “Omdat er vanwege de pandemie veel problemen waren met transport lukte het niet om de machine tijdig naar Nederland te halen.”

Nico Knibbe en Niels Danenberg observeren de schoffelrobot - Foto: NPPL
Nico Knibbe en Niels Danenberg observeren de schoffelrobot - Foto: NPPL

Technische beperkingen

Toch ging de Dino ging later aan de slag, bij Pater Broersen, de buurman van Knibbe. Hij nam een kijkje, maar was bepaald nog niet onder de indruk. “Ik zag eerlijk gezegd een robot die verreweg van praktijkrijp was. Eerst was iedereen enthousiast, maar toen hij eenmaal reed constateerden we toch veel technische beperkingen. Je moet bijvoorbeeld bij deze schoffelrobot vooraf lijnen inmeten, zodat het voertuig de juiste beweging maakt over het perceel. De robot volgt de gps-lijnen die eerder zijn opgetekend. De software van de robot communiceert niet met veel gebruikte gps-systemen. Naio heeft zijn eigen gps-systeem Septentrio.”

Erg bewerkelijk

Omdat de machine door lithiumaccu’s elektrisch aangedreven is, kan er slechts 3 hectare geschoffeld worden in zo’n 8 uur tijd. Daarna moeten er opnieuw lijnen worden opgetekend. “Dat werd heel bewerkelijk, omdat je in feite steeds opnieuw kleine perceeltjes moet inmeten. Dat is veel werk wanneer je zoals Pater Broersen meer dan 100 hectare hebt.”

Knibbe vond ook dat de robot bij het schoffelen regelmatig tegen obstakels aanliep. “Vaak stond hij halverwege weer stil. Dan moest er toch weer een instelling worden aangepast. Het was dus alles behalve het perceel in één keer afwerken. Dat lukt goed als de fabrikant er zelf bij is, maar deze keer niet. Ik vond het eerlijk gezegd nogal een tegenvaller.”

Te weinig tijd

Eerder al gingen plannen met drones om bio-massa te onderscheiden niet door. Na een jaar waarin wederom weinig van de grond kwam, is Knibbe teleurgesteld. Toch gaat hij strijdbaar verder. “Ik heb onderschat hoeveel gedoe het is om de machine op de juiste plek te krijgen, waarbij de corona-uitbraak natuurlijk een rol speelde. Ook is de techniek minder ver dan ik dacht. Wat ik mezelf kan verwijten, is dat ik te weinig tijd heb gehad om alles goed te regelen. Je bent er meer uren aan kwijt dan gedacht. En ja, natuurlijk wist ik van tevoren dat het allemaal niet op rolletjes zou lopen. Dat hoort erbij wanneer je iets nieuws probeert.”

Danenberg gebruikt een afstandsbediening om de robot naar het juiste perceel te sturen - foto: NPPL.
Danenberg gebruikt een afstandsbediening om de robot naar het juiste perceel te sturen - foto: NPPL.

Stapje terug

Knibbe wil aankomend jaar een stap terug doen, maar is zeker niet minder enthousiast en nieuwsgierig geworden als het gaat om autonome voertuigen en robotica. “Kijk, schoffelen, wat we vorig jaar wilden doen, is best ‘controlegevoelig’. De lat ligt dan eigenlijk al extreem hoog voor een robot. In het aankomende jaar gaan we daarom pas op de plaats maken en ga ik een klein stapje terug in mijn ambitie. De bedoeling is zeker om weer iets met robots te doen, maar dan verderop in het seizoen wanneer ik meer tijd heb. Tijdens het seizoen heb ik simpelweg onvoldoende tijd hiervoor. Er lopen hier tussen maart en oktober soms wel veertig man rond, dan is tijd maken lastig.”

Simpele bewerkingen

De werkzaamheden voor een nieuwe robot waarmee Knibbe mogelijk aan de slag gaat, worden in ieder geval eenvoudiger. Welke robot het dan wordt, is nog gissen. “Er lopen gesprekken met een loonbedrijf uit de buurt die in contact is met AgXeed over een autonome trekker. We hopen aan de slag te gaan met een robot die een aantal simpele bewerkingen kan. Hiermee willen we samen ervaring opdoen.”

Knibbe ziet wel iets in autonoom aansturen van een hakenfrees, kort vóór het planten. “Je kan die dan een uur voordat je gaat planten al laten beginnen of bijvoorbeeld tijdens de pauzes door laten werken. Dat is een efficiëntieslag. Bovendien is het simpel werk dat goed te controleren valt.”

Voor de nog naamloze AgXeed-robot zijn rupsen van 300, 400, 620, 760 en 910 mm beschikbaar. Met een heftruck neem je de rupsen los van de elektrische aandrijving om ze te wisselen. De spoorbreedte is verstelbaar van 2,25 tot 3,2 meter - Foto Margriet Nijenhuis.
Voor de nog naamloze AgXeed-robot zijn rupsen van 300, 400, 620, 760 en 910 mm beschikbaar. Met een heftruck neem je de rupsen los van de elektrische aandrijving om ze te wisselen. De spoorbreedte is verstelbaar van 2,25 tot 3,2 meter - Foto Margriet Nijenhuis.

Meer ervaring nodig

Waar Knibbe vooral nog op hoopt is meer ervaring. “Eigen ervaring, maar ook leren van andere deelnemers die hiermee aan de slag zijn. Het probleem is dat het werken met robots en autonome trekkers niet echt meetbaar is. Dat maakt het moeilijk vergelijken met anderen. In 2021 ga ik in ieder geval met goede moed verder ervaring opdoen, maar dan wel buiten het hoogseizoen.”
De komende jaren hoopt Knibbe door ervaring weer terug te kunnen keren naar zijn eerder gestelde doel om te schoffelen met autonome robots.

Bron: NPPL

Of registreer je om te kunnen reageren.