teeltgeluid

‘Druk van trips bij paprika is best wel heftig’

De afgelopen periode werden bij paprikateeltbedrijf Dalipa in Bleiswijk de klimaatinstellingen regelmatig aangepast aan de soms sterk wisselende weersomstandigheden.

Paprikateler Paul Moerman: “Je had dagen dat het buiten zonnig was en 20 graden, en andere momenten dat er sneeuwbuien vielen. Dat was soms scherm open en scherm weer dicht. Of de luchtlijn aanpassen, meestal naar niet te vroeg luchten.”

In de onbelichte teelt met Gina is Moerman in week 15 weer volop aan het oogsten van het tweede zetsel. “Dat is een week eerder begonnen, en zal in week 16 al weer hard afnemen.” Het vruchtgewicht ligt rond de 195 gram. “In het begin snijd ik nooit zo grof.”

Schermgebruik

Er wordt een dagtemperatuur van 21,5 graden Celsius aangehouden, met een voornacht van 18 graden en een nanacht van 19 graden Celsius. De etmaaltemperatuur kan met zonnige dagen net boven de 22 graden uitkomen, met donkere weersomstandigheden is dat uiteraard lager. “Als het een paar uur langer 27 graden in de kas is, dan scheelt dat al snel een graadje in etmaaltemperatuur.”

Het scherm gaan in de nacht nog makkelijk dicht. Ook bij extreme uitstraling, op heldere koude momenten, wordt het voor 90% gesloten. “En een paar weken geleden hadden we best een hoop wind, met daarbij een laag vochtdeficiet van 14 gram. Met een best schrale gewasstand hebben we toen ook overdag geschermd.” Het ene schermdoek ging daarbij 75% dicht, terwijl het tweede doek daar tussenin voor 25% werd gesloten om geen directe instraling op het gewas te krijgen.

Toenemende watergift

Met de toenemende daglengtes groeit ook de waterbehoefte van het gewas. “In april kom je al weer rond drie keer de hoeveelheid instraling uit. Ik druppel nog 2,8 EC mee, en ook in de mat zit de EC op 2,8. Want je krijgt hergroei, door het oogsten van het zetsel dat we nu zitten te snijden.”

Heftige trips-druk

Bij de plagen is het voor de tijd van het jaar nog opvallend rustig met luis. Er zaten slechts een paar plekjes, waar plaatselijk handmatig een correctie kon worden uitgevoerd. Ook is parasitering te zien van de aanwezige biologie.

Tegenovergesteld is het gesteld met trips-druk. “Trips is best wel heftig, terwijl we op deze tuin normaal bijna nooit trips hebben. De bestrijding door montdorensis valt zwaar tegen. Daar had ik meer van verwacht. En de Orius zie je nu wel gaan toenemen, maar het zal nog wel een paar weken duren voordat die de trips echt onder controle heeft.”

Daarnaast heeft het gewas ook best last van spint, zodat correcties uitgevoerd moesten worden. Er is twee keer volvelds biologie uitgezet, die van lieverlee zijn werk zal gaan doen om de spint te beheersen.

“Maar gelukkig zien we nog geen stinkwantsen. Dat blijft toch onze grootste zorg. In de wandelgangen hoor je dat die al wel wat gesignaleerd is. Als het buiten warmer wordt, hou je het niet meer tegen, en zullen ze toch binnen komen.” De wantsen blijven meestal op een paar takken zitten, waardoor ze in begin pleksgewijs bestreden kunnen worden. Maar in juni is te verwachten dat er een volvelds behandeling nodig zal zijn. “Meestal gaat daarna de Orius het wel weer oppakken.”

Lampen worden nog benut

Op een andere locatie staat een belichte teelt met het nieuwe ras Margrethe. “Die is groeikrachtiger dan Gina, maar inmiddels is die wel goed in de hand te houden. Er hangen voldoende vruchten aan. De belichting zorgt voor een andere zettingsgolf dan in de onbelichte kas, waardoor er in week 15 juist minder wordt geoogst, en in wee 16 volop productie wordt verwacht.

In de ochtenduren, meestal tussen 06.00 uur en 09.00 uur worden de lampen nog ingeschakeld. Ook op hele donkere dagen wordt het groeilicht benut. “Maar we gaan nu wel hard afbouwen. Anders hou je warmte over.”

Auteur: Peter Visser

Of registreer je om te kunnen reageren.