Leren van Ehec

06-07-2011 | |
de Snoo
Esther de Snoo redacteur ondernemen
Leren van Ehec

De Ehec-crisis zet de tuinbouw weer met beide benen op de grond.

Primair moet het voedsel veilig zijn. Net als bij andere voedingsmiddelen zoals vlees, eieren en melk kunnen ongewassen, rauwe groenten altijd een bron van bacteriebesmetting zijn. In 2006 kwam de belangrijkste waarschuwing toen in de Verenigde Staten een vergelijkbare zaak speelde. Het eten van spinazie bleek levensgevaarlijk vanwege een soortgelijke bacteriele besmetting. Supermarkten in Europa waarschuwden toen dat beleid voor microbiologische besmetting scherper moest.

De Ehec-crisis is ‘een wake-up call’. Er is de laatste tijd veel aandacht besteed aan zaken als gezondheid en duurzaamheid. Ook omdat de sector er zonder meer van uitgaat dat het met de voedselveiligheid wel goed zit. Nederlandse telers lopen immers voorop. De betrekkelijkheid daarvan is wel gebleken. Via social media gingen berichten over besmette groente in een seconde de hele wereld over waarop een hele sector onderuit ging. Daar is geen communicatiebeleid tegen opgewassen. De manier waarop de Duitse overheden dit probleem aanpakten is een aanfluiting op het gebied van crisiscommunicatie. Daarentegen handelde het crisisteam – geleid door het Productschap Tuinbouw – wel adequaat en deed precies wat nodig is tijdens een crisis, namelijk transparant communiceren. Een daadkrachtige lobby in Den Haag en Brussel was snel op de been.

De evaluatie van de Ehec-crisis is in volle gang en helder is al wel dat er lessen geleerd kunnen worden. De kwetsbaarheid van daghandel bijvoorbeeld. Ook zullen Nederlandse afzetorganisaties nog eens goed naar hun beleid in crisis moeten kijken. Product blijven verkopen voor een paar cent – terwijl er een interventieregeling is – heeft bij telers de grootste schade veroorzaakt.

Uiteraard kunnen niet alle problemen voorkomen worden. Maar crisis valt te leren en creëert naast de chaos ook een vruchtbare bodem voor verandering.

Meer over


Beheer