teeltgeluid

‘Net in peen een proef met druppelslangen gelegd’

Vorig jaar was het te zien op de Landelijke Peendag, druppelslangen in peen. Koen, de zoon van Huub in ’t Zandt uit Meerlo, wist zijn vader te overtuigen.

Daarom hebben ze op 9 juni een proef aangelegd ter breedte van de werkbreedte van de beregeningsboom. “Er staan vier rijen op een bed en daar ligt per twee rijen een druppelslang tussen. Ze zijn gelegd na het frezen van de bedden en voor het zaaien. Ze liggen op 4 centimeter in de grond”, vertelt Huub in ’t Zandt.

3% meer kilo’s halen

“We hebben een stagiaire die de haalbaarheid heeft uitgerekend. Het komt erop neer dat het uit kan als we 3% meer kilo’s halen ten opzichte van onze beregeningsboom. We gaan kijken of dat gaat lukken”, licht Huub toe.

De slangen liggen in Nairobi, het laatst gezaaide ras dat wel gevoelig is voor echte meeldauw. “Bij een beetje stress sluipt dat er al in. Ik ben benieuwd of we daarin ook verschillen gaan zien. Je zou het met druppelbevloeiing beter onder controle moeten kunnen houden.”

Jaarrond vraag B-peen

De afzet van zijn onderdekkersteelt eindigde 25 mei, op 9 juni werd de laatste ‘in de polder’ bewaarde koelcel peen verwerkt. “Via onze telersvereniging Fossa Eugenia is er vraag naar B-peen, ook in de korte periode tussen het einde van onze onderdekkersteelt en het begin van het nieuwe seizoen. Op deze manier is dat opgelost en kunnen we aan die vraag voldoen. Al blijft het wel zo dat onderdekkers een andere peen is dan in de koelcel bewaarde peen.”

Houdbaarheid wat minder

De houdbaarheid van de laatste onderdekkers was niet meer optimaal. “De kwaliteit was nog goed, maar de houdbaarheid was wel minder. Je kon ze niet meer op voorraad rooien, het was een kwestie van rooien, spoelen en direct afzetten.”

Theorie blijkt ook praktijk

Omdat hij zijn vroegste peen van het ras Napoli pas in de tweede helft van maart kon zaaien, een maand later dan gepland, zaaide hij dunner om de peen sneller op dikte te krijgen. “Die theorie is wel uitgekomen, ze komen sneller op dikte. Maar als we binnenkort de eerste gaan rooien zullen er in verhouding tot nog teveel dunne tussen zitten. We zullen te weinig kilo’s gaan oogsten.”

Regelmatig beregenen

Tussen Napoli en Nairobi gingen de zaaisels met het hoofdras Maestro de grond in. “Van mei tot half juni zaaien we de meeste peen. Dat betekende dit jaar dus veel beregenen met onze haspels, waaronder een met een beregeningsboom. We beregenen meteen na zaaien, voeren dan de onkruidbestrijding uit met een bodemherbicide en dan nog een keer beregenen.”

In totaal krijgen ze in twee weken vier keer water, steeds in een niet te grootte hoeveelheid, aldus In ’t Zandt . Sinds afgelopen vrijdag is dat voor de wat grotere peen in ieder geval voor het moment niet meer nodig, want toen is hier 20 millimeter gevallen. Daar kunnen ze dan wel weer even mee vooruit.”

Auteur: Stan Verstegen

Of registreer je om te kunnen reageren.