Home

Achtergrond

Extra ingangen naar consument via Korte Keten

Burgers zijn vervreemd geraakt van de voedselproductie en daarom hebben boeren en tuinders moeite om hun rendement op peil te houden, zo blijkt uit de landbouwvisie van het kabinet. De Korte Keten kan daarop een antwoord zijn. Stichting Platteland Rivierenland zet dat in een Betuws perspectief.

Circulair ondernemen kan ook worden begrepen als iets vergelijkbaars terugkrijgen voor wat je geeft. Hoe gaat dat voor veel tuinders? Ze produceren als anonieme telers voor een internationale markt met miljardenbedrijven als klant. Voor het pakket aan werk, zorg, liefde en kosten dat de teler in zijn product stopt krijgt hij een strak berekend geldbedrag terug.

Directer en persoonlijk contact

In de Korte Keten is dat anders. Daar is sprake van een veel directer en persoonlijker contact tussen mensen, die elkaar de hand kunnen schudden, met elkaar praten, waardering kunnen overbrengen. Vandaar dat lokaal of regionaal verkopen van producten en diensten op veel belangstelling kan rekenen.

“Op een inspiratiebijeenkomst die wij voor het project Lekker Lokaal Rivierenland vorige maand belegden, kwamen 60 boeren en tuinders af. Fruittelers, melkveehouders, maar ook sap-persers en appeltaartenmakers. Terwijl het Nederlands elftal die avond speelde en Rabobank niet ver hiervandaan ook een avond gaf”, zegt projectmanager Jolijn Zwart-van Kessel.

Zij bekijkt het platteland van allerlei kanten. Ze is samen met haar vader en moeder maat in een familiemaatschap met akkerbouw en fruitteeltbedrijf in het Gelderse Erichem. Ze werkt aan Wageningen UR en heeft haar eigen adviesbedrijfje. En dan is ze nog raadslid namens de VVD in de Gelderse gemeente Buren.

Lees verder onder de foto‘s

Jolijn Zwart-van Kessel van Lekker Lokaal Rivierenland: "In Oostenrijk halen boeren en tuinders 60% van hun omzet uit korte ketens.” - Foto: Ton van der Scheer
Jolijn Zwart-van Kessel van Lekker Lokaal Rivierenland: "In Oostenrijk halen boeren en tuinders 60% van hun omzet uit korte ketens.” - Foto: Ton van der Scheer

Ondernemers elkaar laten leren kennen en laten leren van elkaars kennis. En als het even kan meteen vraag en aanbod bij elkaar brengen voor nieuwe producten en verdienmodellen. Nu 6 maar straks misschien meer gemeenten in de Betuwe; de provincie Gelderland en het Europees Landbouwfonds vinden dat belangrijk genoeg om daar tijd en geld in te steken.

“We zijn nu aan het inventariseren wie er al iets doen in directe afzet of met een bewerkingsslag van het geoogste product. Er zijn al genoeg voorbeelden. Fruittelers met huisverkoop bijvoorbeeld. Dat lijkt ieniemienie ten opzichte van onze totale agrarische productie. Maar kan dat niet groeien? Daarnaar doen WUR, CBS en Fruitdelta Rivierenland nu ook extra onderzoek. En ook verkoop in lokale supermarkten gebeurt al her en der.”

Moderne herenboer

Ook een voorbeeld van de korte keten is het verschijnsel van de moderne herenboer: een agrariër met een zo breed mogelijk gemengd bedrijf, die voor een vaste lokale klantenkring van zo’n 200 gezinnen produceert. Die gezinnen investeren én werken ook samen met hun herenboer, die zo een gegarandeerd inkomen krijgt.

“Bij alle activiteiten die in een Korte Keten georganiseerd kunnen worden, is van belang dat je als teler goed nadenkt wat wel of niet bij je past. Niet alleen vanwege het directe contact met consumenten op je erf. Maar ook omdat de teler in een Korte Keten veel meer rollen en verantwoordelijkheden op zich moet nemen, van voedselveiligheid tot aan etikettering van producten.”

Fruit in een boerderijwinkel. - Foto: Peter Roek
Fruit in een boerderijwinkel. - Foto: Peter Roek

Belemmerend beleid

Het voornemen van minister Carola Schouten om belemmerend overheidsbeleid aan te passen, beziet Zwart-van Kessel vanuit de gemeente, bijvoorbeeld op gebied van Economische Ontwikkeling en Ruimtelijke Ordening. “De bestemming Agrarisch kan in de weg staan van het beginnen van een restaurant met uitzicht op de boomgaard of in de kas. Het zou toch raar zijn als je als gemeente en als Rijk dit soort agrarisch ondernemerschap aan het stimuleren bent en dan toch zo in hokjes blijft denken, waarin vooral van alles níét kan.”

De gemeente die durft mee te werken aan dit soort initiatieven krijgt een sterkere lokale economie als beloning. En een verbeterde positie van wat tegenwoordig de belevingseconomie heet: toerisme geënt op de authenticiteit van bedrijven die passen in het kleinschalig cultuurlandschap van de Betuwe met zijn rijke geschiedenis en natuurwaarden.

In Oostenrijk halen boeren en tuinders 60% van hun omzet uit Korte Ketens

Maar als veel meer boeren en tuinders de Korte Keten in duiken, bestaat dan niet het gevaar van marktverzadiging? Hoeveel huisverkoopwinkels kunnen er bestaan aan één tuinderslaan?

Dat ziet Zwart-van Kessel niet zo somber. “Hoe meer verschillende ideeën en activiteiten, hoe meer spreiding. Andere landen zijn ook al veel verder, Wageningen UR heeft dat in Europees verband onderzocht. In Oostenrijk bijvoorbeeld halen boeren en tuinders 60% van hun omzet uit Korte Ketens.”

Veldbonen naar foodsector

Op het eigen familiebedrijf zijn het vooral de akkerbouwproducten waarmee de Korte Keten wordt opgezocht. De veldbonen bijvoorbeeld, tot voor kort geheel bedoeld voor veevoer, gaan nu na verwerking de foodsector in. Past helemaal in de transitie van dierlijke naar plantaardige eiwitten. En ook het koolzaad gaat via de Korte Keten in een eigen merk koolzaadolie dat door samenwerkende boeren is opgezet.

Is Fruitdelta Rivierenland ook al een streekmerk? “Nog niet, maar als medio 2020 het stimuleringsproject afloopt, hopen we dat wel te hebben. Vaak hebben producenten nu wel al een eigen merk. Zoals de wijn uit Erichem die Betuws Wijndomein heet. Met een overkoepelend Rivierenland-merk krijgen dat soort eigen merken nog een extra ingang.”

Huisverkoop van kersen. - Foto: ANP
Huisverkoop van kersen. - Foto: ANP

Tegen extra kosten aanhikken

Extra ingangen naar de consument, dat is voor al die beginnende Korte Keten-boeren en -tuinders veel waard. Want de nietsvermoedende burgerij van omliggende dorpen en steden laten weten dat je er bent en dat wat je te bieden hebt de moeite van het ritje ernaartoe waard is, dat is een welbekende bottleneck, waar heel wat leuke plannen in blijven steken.

Kleine ondernemers hikken aan tegen wel meer opstartkosten, ziet Zwart-van Kessel. Zo is er een ontwerp gemaakt voor design-fruitstalletjes. Met steun van het regionale investeringsfonds Fruitdelta. “Een mooi ontwerp, waarmee fruittelers in de regio iets moois en herkenbaars kunnen neerzetten in plaats van zelf wat in elkaar te knutselen. Maar ja, zo’n ding laten maken kost natuurlijk toch geld.”

Of registreer je om te kunnen reageren.