Home

Nieuws 3481 bekeken laatste update:28 apr 2015

Huren en verhuren van land onder Nieuw Gemeenschappelijk Landbouwbeleid

Vanaf 1 januari 2015 wordt het nieuw Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) ingevoerd. Uitgangspunt is dat bedrijven hierdoor meer gaan innoveren, zich beter op de markt richten en minder afhankelijk worden van inkomenssteun. Zo moeten de bedrijven een goede concurrentiepositie behouden. Het GLB kent verschillende subsidies, waarvan de bedrijfstoeslag (directe inkomenssteun voor agrariërs) de bekendste is.

In Europa wordt hiervoor jaarlijks bijna 60 miljard euro beschikbaar gesteld. Met de uitbetaling van bedrijfstoeslag in Nederland is komende jaren zo'n 730 miljoen euro per jaar gemoeid. Serieuze bedragen, waar ook bloembollentelers aanspraak op maken. De werkwijze bij toewijzing van betalingsrechten in 2015 zorgt echter voor veel vragen rondom huur en verhuur van grond. Vollegrondgroentetelers ervaren meer moeite om grond te huren. Gelukkig zijn er ook oplossingen.

Aanspraak en toewijzing betalingsrechten

Landbouwers die in 2013 bedrijfstoeslag ontvingen of die kunnen aantonen dat ze toen al landbouwer waren, maken aanspraak op betalingsrechten. Landbouwers die fruit, groente, aardappelen, bloembollen of siergewassen teelden of een wijngaard hebben (in 2013) komen ook in aanmerking. Belangrijke eis is dat ook in 2015 sprake is van een actieve landbouwer (inschrijving bij de Kamer van Koophandel met juiste SBI-code 011 t/m 015). Starters kunnen gebruik maken van een Nationale Reserve.

Eventueel bestaande betalingsrechten vervallen. Basis voor de toewijzing van (nieuwe) betalingsrechten is het aantal hectares in gebruik en opgegeven per 15 mei 2015 bij de Gecombineerde Opgave  2015. Het maakt niet uit of sprake is van eigendom, pacht of grondgebruikersverklaring. Eén hectare grondgebruik levert één betalingsrecht. Vervolgens is jaarlijks eenzelfde oppervlakte grond  nodig om het recht jaarlijks te verzilveren. Het recht moet minimaal één maal per twee jaar worden benut en is overdraagbaar aan een andere gebruiker.

Soorten premie

De betalingsrechten geven recht op basispremie per hectare, oplopend van circa 54 euro in 2015 tot circa 270 euro in 2019. Bedrijven die minder bedrijfstoeslag ontvangen dan voorheen, worden deels gecompenseerd via een compensatiebijdrage.

Als wordt voldaan aan de vergroeningseisen, wordt ook vergroeningspremie ontvangen. De groenpremie is in de overgangsperiode tot 2019 een percentage van de basispremie plus compensatiebijdrage en bedraagt  daarna uiteindelijk ongeveer 115 euro per hectare.

De totale jaarpremie bedraagt hiermee vanaf 2019 ongeveer 385 euro per hectare. Jonge landbouwers (jonger dan 41 jaar in het jaar van aanvraag) kunnen 5 jaar nog 50 euro extra premie per hectare krijgen.

Tabel 1  Basispremie (in euro per hectare per jaar)

Jaar 2015 2016 2017 2018 2019
Basispremie €54 €108 €162 €216 €270

 

Voorbeeld praktijksituatie

Veehouder A beschikt over 30 hectare grond en kan de komende periode 5 hectare grond verhuren aan vollegrondgroenteteler B. Veehouder A heeft dan zelf per 15 mei 2015 25 hectare grond in gebruik en geeft deze op in zijn Gecombineerde Opgave 2015. Op grond hiervan zou veehouder A  in principe dus 25 in plaats van 30 betalingsrechten krijgen. Vollegrondgroenteteler B geeft minimaal 5 gehuurde hectare op in zijn eigen Gecombineerde Opgave en krijgt hierdoor (minimaal) 5 betalingsrechten toegewezen (naast eventuele aanspraken via de eigen grond). Veehouder A twijfelt of hij het land wel moet verhuren aan B, in verband het missen van een deel van de betalingsrechten.

Ook onder het nieuwe GLB is het prima mogelijk dat  A  land verhuurt aan B.  Hierbij is van belang dat er tussen A (verhuurder) en B (huurder) goede afspraken worden gemaakt.

Waarop moet worden gelet?

  • Breng de gevolgen van huur en verhuur voor de premie in beeld;
  • Berekening effect compensatiebijdrage;
  • Afspraken over de verrekening van de premie;
  • Afspraak wat te doen met betalingsrechten bij einde (ver)huur.

Private Overeenkomst bij verhuur

Alternatieve en betere optie  is om te kiezen voor de oplossing waar het ministerie (RVO) aan werkt, namelijk: verhuur van grond met "Private Overeenkomst", hetgeen dan bij RVO wordt gemeld. Hierbij telt gehuurde grond in 2015 voor de vaststelling van het aantal rechten mee bij de verhuurder (actieve landbouwer) en voor de uitbetaling bij de huurder.

Resultaat is dat beide partijen het goede aantal rechten krijgen vastgesteld met de bijbehorende eigen compensatiebijdrage  (op basis van eventueel bestaande eigen toeslagrechten).  Let op, deze oplossing is alleen mogelijk  tussen actieve agrariërs onderling. Dus niet met bijvoorbeeld een particuliere verhuurder. RVO heeft aangegeven dat het nog enige tijd duurt voordat deze oplossing bij RVO kan worden gemeld. Vooruitlopend hierop is ons advies dat huurder en verhuurder onderling afspreken c.q. (laten) vastleggen dat men samen kiest voor de oplossing "Verhuur van grond met Private Overeenkomst". Met de afspraak dat ze in later stadium de hiervoor benodigde administratieve handelingen bij RVO uitvoeren.

Voordelen van deze oplossing

  • De grondeigenaar krijgt automatisch op al zijn hectares eigen betalingsrechten geregistreerd;
  • Geen vermenging van de overgangsbetaling. Hierdoor zijn geen ingewikkelde berekeningen nodig wie welke bedragen toekomt.

Geen goede oplossing

Partijen willen er soms voor kiezen dat de veehouder de groente of aardappelen gaat telen, ter behoudt van alle mestplaatsingsruimte en bedrijfstoeslag . Insteek is dan een vorm van deelteelt waarbij de veehouder de groenteteelt meeneemt in de Gecombineerde Opgave.  In de praktijk zien wij dat deze "oplossing"   veelal niet juist is uitgewerkt, waardoor deze (bij controle) uiteindelijk niet voldoet. Met alle nadelige gevolgen van dien voor beide partijen. Ons advies betreft deze optie is niet doen!

Ook bij mest soms meer mogelijk

Veehouders waarvan de melkproductieomvang stijgt, hebben steeds vaker behoefte aan extra mestplaatsingsruimte. Mede als gevolg van landverhuur. Op van de veehouder gehuurde grond, kan dierlijke mest van deze veehouder (onder voorwaarden) worden aangewend zonder wegen en bemonsteren (Vogelaar-variant). Hiernaast heeft de vollegrondgroenteteler via de overige grond soms meer mestplaatsingsruimte beschikbaar. Wij zien dat deze ruimte nog lang niet altijd wordt benut, terwijl dit kansen biedt voor beide partijen. Ons advies: breng de totale mestplaatsingsruimte in beeld en beoordeel samen ook  de mogelijkheden ten aanzien van mest.

Hans Scholte, Flynth

Of registreer je om te kunnen reageren.