‘Voor de versmarkt blijft alles gevraagd’

05-01-2017 | |
Sonneveld
Jan Sonneveld spruitkoolteler
Foto: Ruud Ploeg
Foto: Ruud Ploeg

Jan Sonneveld in Dronten (Flevoland) was tussen kerst en oudjaar volop spruiten aan het plukken, tenminste als de temperatuur dat toeliet. “Het valt me nog niet eens tegen hoe veel vraag er ook nu is. Met de B’s hoef je niet omhoog te zitten, voor de A’s hangt het af wie je afnemer is.”

Zijn opmerking heeft met name betrekking op het gangbare deel van zijn spruitkoolteelt. “Voor biologische spruiten voor de versmarkt blijft alles gevraagd, al zie je wel dat het tegen het eind van het seizoen loopt. Je treft weleens een geel blaadje aan, noem het slijtage.”

Dubbel biologisch areaal

Bij gelijkblijvende vraag schatte hij vorige week in nog een weekje plukwerk aan zijn biospruiten te hebben – op een streepje Nautic na hoofdzakelijk het ras Staedia. “We zijn met de biologische teelt niet veel vroeger of later klaar dan anders. Wel hebben we in vergelijking met 2015 een dubbel areaal gehad. Van die spruiten is ook veel aan de industrie geleverd; die afspraken lagen er al voor de pluk begon.”

De grond voor de biologische teelt geploegd, daar gaan komend seizoen (biologische) aardappelen op. De bemesting is voorjaarswerk: voor het planten gaat er compost op en tijdens de teelt vaste kippenmest, voor het ruggen maken.

Koolmot in zwaar gewas

Voor Sonnevelds gangbare spruitkool blijft er deze maand nog werk, met de pluk van Cobelius, Albarus en een beperkte oppervlakte van het nieuwe Bejo-ras Hemera. De kwaliteit van Albarus noemt hij ‘vrij mooi, maar niet geheel gevrijwaard van koolmot. “Op dat perceel stond ook Martinus, ook met wat schade: niet veel, maar je zag het wel. We hebben er genoeg aan gedaan, maar beide gewassen waren zwaar. Dat speelt wellicht een rol. Albarus en Hemera staan een stuk van de andere spruitenpercelen vandaan, die zijn helemaal schoon. Die gewassen zijn wel schraler gegroeid.”

Geen trips

Net als voor zijn collega’s was voor Sonneveld koolmot de belangrijkste dwarsligger. “We hebben dit jaar wel minder pyrethroïden gespoten dan andere jaren. Misschien is er geen verband, maar het viel op dat we geen trips hebben gehad, misschien op een enkel kantrijtje na. Daar was ik erg blij mee, want we hebben vanwege de tripsaantasting ook weleens een gewas moeten klappen.”

Start met Divino

De keus van de meeste rassen voor het komend seizoen moet nog gemaakt worden. Wel is zeker dat het spits afgebeten wordt door het ras Divino. “Die is al gezaaid; die wil ik tussen 20 en 25 maart planten, als dat lukt. Het is een echt probeersel, de tijd zal leren hoe dat uitpakt.”

Auteur: Joost Stallen



Beheer