Toch niet alweer een CDA’er?

14-01-2011 | |
van der Scheer
Ton van der Scheer Redacteur
Toch niet alweer een CDA’er?

Nog nooit was het CDA zo klein in de Tweede Kamer. Nog nooit was de invloed van het CDA zo groot tuinbouw, straks misschien ook al met Eurlings als CEO. Is dat erg?

Hoe groot de invloed van het CDA in de tuinbouw is wordt duidelijk aan de bezetting van de sleutelposities. Op rijksniveau hebben we minister Verhagen en staatssecretaris Bleker. Agnes van Ardenne treedt straks aan als voorzitter van het Productschap Tuinbouw. Albert Jan Maat is voorzitter van LTO Nederland. En als CEO voor de tuinbouw wordt Camiel Eurlings genoemd, zo heeft Sjaak van der Tak bevestigd. Van der Tak die zelf als burgemeester van de grootste tuinbouwgemeente ongetwijfeld een belangrijke rol zal blijven spelen aan de overheidskant van de straks gesplitste Greenport-organisatie. Pieter van Geel is voorzitter van het Platform Duurzame Glastuinbouw. En het lijstje is ongetwijfeld nog veel langer te maken, bijvoorbeeld als we op provinciaal en gemeentelijk niveau gaan speuren.

Tuinbouwvolk in stemhokje
Het is in Nederland volkomen normaal dat bestuursfuncties worden verdeeld door partijprominenten van de gevestigde politieke partijen. Daarbij is het een belangrijke pré dat de betreffende prominent in een regering heeft gezeten. Voor functies van iets lagere categorie is een kamerlidmaatschap of wethouderservaring in een grotere gemeente ook al goed. Dat tuinbouwfuncties vervolgens alleen maar voor CDA’ers interessant lijken te zijn, kun je in verband brengen met het feit dat tuinders nu eenmaal altijd in meerderheid CDA hebben gestemd. Maar oorzaak en gevolg lopen hier wel wat door elkaar. Bovendien is het tuinbouwvolk als het er in het stemhokje op aan komt ook niet vies van VVD en PVV of van lokale partijen.

Centrum van de macht
Zou ook daarom Eurlings, of de andere CDA’er die het anders waarschijnlijk wordt, niet een beetje te veel zijn van het Christendemocratische? Nu is deze partij er dankzij knap onderhandelingswerk nog in geslaagd in het centrum van de macht te blijven. Maar de kans is groot dat over anderhalve maand met de provinciale verkiezingen zal blijken dat dat niet voor herstel heeft gezorgd. Dat hoeft geen ramp te zijn. Want ook de partijen die nu oppositie voeren, complimenteren de tuinbouw al een paar jaar met de vorderingen op het gebied van milieu en arbeid. De vraag is hoe lang dat zo blijft, als er nog een paar schandaaltjes overheen komen en de tuinbouw voor links weer een sector wordt om mee te scoren naar hun achterban. De volgende vraag is dan hoe vierkant VVD en PVV achter die nu in het regeerakkoord zo geroemde tuinbouw blijft staan.

Op de achtergrond blijven
Die zorgen blijven echter op de achtergrond zolang ook de tuinbouw zelf op de achtergrond blijft. Een plek waar ze al tientallen jaren prima gedijt. En waar ook Eurlings als boegbeeld weinig aan zal kunnen en misschien ook wel weinig zal moeten wíllen veranderen.



Beheer