‘Nederlander wil eigenlijk best bij tuinder werken’

04-08 | Laatste update op 12-10 | |
van der Scheer
Ton van der Scheer Redacteur
Werken in de fruitteelt zien wat oudere en hoge opgeleide Nederlanders best zitten. - Foto: Vidiphoto
Werken in de fruitteelt zien wat oudere en hoge opgeleide Nederlanders best zitten. - Foto: Vidiphoto

Personeel is schaars en op tuinbouwbedrijven is ‘een blik Polen’ sowieso geen makkelijke optie meer. Beter kijken naar binnenlands aanbod wel?

Aan het begin van de zomervakantie kwam Colland Arbeidsmarkt met een interessant onderzoek. Conclusie: 28% van de Nederlanders zou eigenlijk best in de tuinbouw willen komen werken. En – opgelet – die positiviteit was bovenmatig aanwezig bij hoger opgeleiden en bij mensen tussen 45 en 54 jaar oud.

Kennelijk hebben degenen die als voordeel voor het werken in de tuinbouw ‘buiten kunnen werken’ noemen, meer zin in fruit dan in groente

Het onderzoek past in het bredere project Werken in de land- en tuinbouw. LTO Noord, ZLTO en LLTB en de vaktechnische clubs NFO en Glastuinbouw Nederland doen daar samen hun best in om tegen de stroom in genoeg personeel te vinden. Onderzoeksbureau Sparkey|Motivaction bekeek de bereidheid bij 1268 Nederlanders om te komen werken.

Vooral in fruitteelt en kassen

Het best in de markt liggen de fruitteelt en de glastuinbouw. Beduidend minder hoog scoren dan weer de paddenstoelen- en de bollenteelt. Ook de groenteteelt buiten doet het wat minder goed. Kennelijk hebben degenen die als voordeel voor het werken in de tuinbouw ‘buiten kunnen werken’ noemen, meer zin in fruit dan in groente.

Een ander voordeel dat mensen noemen: dat het werk met maatschappelijke betekenis is. Werken met de natuur, vindt men wel een pluspunt. Maar ook: de handen uit de mouwen kunnen steken.

Men staat op de drempel

“28% van de beroepsbevolking staat open voor onze sector. Ze staan op de drempel; we moeten ze overtuigen om voor onze sector te kiezen met praktische info over functies, hulp bij hun keuze en vacatures”, concluderen de onderzoekers. De helft van deze ja-zeggers wil graag op de hoogte worden gehouden van vacatures in de buurt. En ook voor laagdrempelig contact met werkgevers zou men wel open staan.

Het lijkt de weg te openen naar een geheel nieuwe doelgroep. Niet meer alleen maar kijken naar die standaard scholieren – die tegenwoordig nog maar zelden een hele zomervakantie willen komen werken. En niet automatisch terugvallen op de Poolse uitzendkrachten – die tegenwoordig heel veel alternatieve werkgevers hebben.

Rijk rekenen

Of rekenen de onderzoekers van Sparkey|Motivaction ons rijk? Zowel de mensen die wel in de tuinbouw zouden willen komen werken als de nee-zeggers blijken volgens het onderzoek ook nadelen te vermoeden. Van links tot rechts heeft men een nogal sombere kijk op de kwaliteit van de arbeidsvoorwaarden. Een goed salaris, doorgroeimogelijkheden en een goede werk-privébalans, dat verwacht men allemaal níét te zullen vinden in de tuinbouw.

Bereid tot werken of tot vriendelijk woord?

Met andere woorden: de vrijblijvendheid horend bij dit onderzoek is nogal fors. Wat de onderzoekers vooral hebben onderzocht is de bereidheid onder Nederlanders om iets vriendelijks te zeggen over de tuinbouw. Ja, die goedgemutste hoogopgeleide luitjes van rond de 50 zouden in principe best in de in het fruit of bij de groenteteler willen komen werken. Als ze zelf hun uren zouden mogen bepalen en het (bijna) net zo goed zou betalen als de best wel goeie baan die ze nu al hebben – en die ze in werkelijkheid heus niet gaan opgeven om bij u tomaten of frambozen te komen plukken. Nee zeg!

Meer over

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.



Beheer