Hoeveel ruimte geven telers directie coöperatie?

07-04 | Laatste update op 01-08 | |
Foto: ANP
Foto: ANP

Bij The Greenery is het coöperatiemodel gewijzigd en krijgt de directie meer macht. Bij Growers United start een zoektocht naar een nieuw model en willen telers dicht bij directie staan. De verschillen lijken groter tussen coöperaties, of toch niet?

Leden worden groter, kijken verder vooruit en vragen daarom om een transparante en slagvaardige marktbenadering. Daarbij willen ze graag rechtstreeks contact met de directie van het bedrijf. Coöperatie Coforta stelt dat dit aanleiding is het besturingsmodel aan te passen. Telers vormen niet meer het bestuur van de coöperatie, dat is de directie geworden.

Dat klinkt zeer ingrijpend. Geven de telers daarmee de touwtjes uit handen en boeten ze daarmee in aan zeggenschap? Dat is niet altijd het geval en er zijn goed werkende voorbeelden van dit model, zo blijkt uit een rondgang langs Nederlandse coöperaties. De zeggenschap is gewoon anders geborgd.

Naam Coforta verdwijnt

De Algemene Ledenvergadering van Coforta koos eerder dit jaar voor deze stap. De directie van The Greenery (Steven Martina en Arthur Swijter) wordt het bestuur van de coöperatie. De naam Coforta verdwijnt voor de naam Coöperatie The Greenery. Een slagkrachtiger bedrijfsvoering wordt daardoor mogelijk, zo stelde de afzetorganisatie bij het bekendmaken van de opvallende wijziging. Die wijziging volgt op een aanscherping van de organisatie The Greenery met de inrichting van de bv’s International, Growers en Logistics, ook al om slagkrachtiger te opereren op die drie fronten.

Eenzelfde model heeft bloemenveiling Royal FloraHolland ook, maar ook daar is de zeggenschap van leden weer anders geregeld. Met 3.700 sierteeltleden (The Greenery heeft er 362) is er geen algemene ledenvergadering voor siertelers, maar een ledenraad. Dat is dus een getrapte inspraak.

Lees verder onder de foto

Fruitveiling in Elst in de Betuwe in 1919, de begintijd van coöperaties in Nederland. - Foto: ANP

Fruitveiling in Elst in de Betuwe in 1919, de begintijd van coöperaties in Nederland. – Foto: ANP

Bij FruitMasters werkt het model

Feitelijk kiest The Greenery voor het coöperatiemodel dat FruitMasters al jaren voert: het rvc+model. Ook daar is de directie van drie man het bestuur en is het toezicht van leden georganiseerd in de raad van commissarissen. “Ja, het klopt. De directie heeft meer te zeggen en hoeft niet meer bij elke investering verantwoording af te leggen”, zegt teler Bert de Haan van FruitMasters.

Telers in de raad van commissarissen houden toezicht en hebben allemaal een plek in een productgroep. Zo komt van onderuit nog steeds inbreng van leden. De Haan: “En de algemene ledenvergadering blijft het belangrijkste orgaan. Dat kan de raad van commissarissen wegsturen.” Die raad van commissarissen is weer de werkgever van de directie.

Of het aan het model ligt met een dominante directie of aan de groei van zachtfruit: FruitMasters maakt de laatste jaren onmiskenbaar omzetgroei door.

Gerard Pronk, oud-voorzitter van het bestuur van Coforta, was betrokken bij de wijziging van het besturingsmodel bij Coforta (nu The Greenery). Hij ziet meerdere voorbeelden voor dit model op de markt. “We kennen modellen en hebben statuten opgevraagd. Ons model is toch weer anders dan FruitMasters. Dat is afhankelijk van wat je afspreekt in je statuten. Uiteindelijk is elke coöperatie uniek.”

Mengvormen coöperatiemodellen

Grofweg zijn er vier coöperatiemodellen: het basismodel, het rvc+model, het zandlopermodel en het onetier-model (lezers kunnen deze namen gerust vergeten). In de praktijk zijn de modellen eigenlijk allemaal een beetje uniek verworden tot mengvormen. The Greenery gaat van een zandlopermodel naar een rvc+model. De uitvoering van The Greenery maakt de directie dus belangrijker. De raad van commissarissen is versterkt met telers om het verdwijnen van het telersbestuur op te vangen.

De Nederlandse Coöperatieve Raad (NCR) herbergt veel expertise over coöperaties. De complexere wereld van de afzet van groenten en fruit zorgt ervoor dat over het algemeen een ledenbestuur een andere rol krijgt. Een directie bestaat uit specialisten. Een ledenbestuur heeft die kennis vaak niet en komt op afstand te staan. Ze gaan feitelijk meer toezicht houden. Daar is vaak al een raad van commissarissen voor.

Die dubbelrol is bij The Greenery ook verdwenen met het wegsnijden van het bestuur. Is het bij The Greenery daarmee een bezuinigingsmaatregel? “Het wordt er niet duurder op”, zegt Pronk. Volgens NCR vallen de besparingen mee, omdat de goedwillende bestuursleden op minder hoge vergoedingen zaten als directie.

Productgroepen belangrijker

De veranderingen maken de productgroepen binnen de afzetorganisaties belangrijker. Pronk: “Als in het vorige model een lid iets wilde bereiken met het bedrijf, kwam hij eerst uit bij het bestuur van de coöperatie. Nu loopt het proces via de productgroepen of via de ledenvergadering. Komt men er niet uit of duurt het te lang, dan kan het bestuur (nu bestaande uit directie; red.) worden ingeschakeld. Dit sluit goed aan bij de gewenste slagvaardige marktbenadering.”

Opslag en buffer van oogstkarren. Modernisering en schaalvergroting stellen andere eisen coöperatie. - Foto: Gerard Boonekamp

Opslag en buffer van oogstkarren. Modernisering en schaalvergroting stellen andere eisen coöperatie. – Foto: Gerard Boonekamp

Samenwerken directie Growers United

Growers United gaat het hele bestuursmodel tegen het licht houden. Bestuur én de leden gaan hierover het komende halfjaar in gesprek.

Growers United (voorheen DOOR) is een jonge coöperatie. Volgens de overzichten van NCR is Growers United een klassieke basiscoöperatie. Jonge coöperaties starten altijd in dat basismodel. Voorzitter Jack Groenewegen schetst een ontwikkeling waarbij dat basismodel verlaten wordt. Bestuur en directie zullen daarin dicht op elkaar functioneren.

“Wij willen niet een rvc+model, maar meer een onetier-model, waarbij bestuur en directie het samen doen. Bij een rvc+model staat het bestuur te ver op afstand, vinden wij. Het grootste belang is het rendement van de teler. We willen dan ook dat ze dicht bij elkaar blijven. Aan de andere kant willen we ons als bestuur niet overal mee bemoeien in de dagelijkse bedrijfsvoering in bijvoorbeeld het verpakkingsbedrijf”, zegt Groenewegen.

Sinds 2013 zijn er veel ontwikkelingen in de coöperatie DOOR (nu Growers United). In de coöperatie op aandelen vindt gezamenlijke ondernemen plaats. Er is dus een winstoogmerk. Groenewegen: “Op zich maakt dat voor het coöperatiemodel niet uit, denk ik. We hebben wel een goed model te pakken, maar we houden het tegen het licht nu we groter worden.”

Zo heeft Growers United op dit moment geen raad van commissarissen (rvc). Hoe het toezicht straks geregeld zal worden, moet de komende maanden besproken worden.

Bestuur BelOrta stevig in zadel

Peter Nouws was tot voor kort komkommerteler in Wouwse Plantage. Hij verkocht zijn tuin afgelopen winter en is daarmee nog kort lid van de raad van bestuur bij BelOrta. Tot 2015 was hij bestuurder in de productgroep (PAC) komkommer bij The Greenery. Hij las over de besturingswijziging bij The Greenery en was verrast. “Maar wie ben ik om een oordeel te geven. Als je het bestuur wegneemt, zul je op een andere manier inspraak borgen. Er zal goed over nagedacht zijn.”

Op de rol van telers binnen BelOrta wil hij wel ingaan, dat – anders dan The Greenery – een coöperatieve vennootschap is. De raad van bestuur bij BelOrta bestaat uit twintig actieve telers, waaronder vijf fruittelers, één biologische teler, vier vollegrondstelers en tien glastuinders. Dit bestuur komt om de drie weken bij elkaar. Een kernbestuur van zes daaruit vergadert intensiever. De taak van het bestuur is opdrachten geven aan de directie en toezicht houden. Nouws: “Het bestuur handelt uit het principe ‘van, door en voor telers’ en daarbij de optimale prijsvorming te realiseren. We snappen als bestuur dat het bedrijf ook gezond moet blijven, met de klok als leidend afzetinstrument.” BelOrta kent geen raad van commissarissen. Het toezicht ligt dus ook bij het bestuur.

Specialisme

Algemeen wordt aangenomen dat het leiding geven aan de afzetorganisatie steeds specialistischer wordt. Een directie heeft daarvoor de gezochte kwaliteiten, telers komen steeds meer op afstand en worden minder opdrachtgever aan directie. Is dat bij BelOrta ook voelbaar? Nouws denkt van niet. “Als het nodig is, halen we externe deskundigen in de bestuursvergadering, maar dat was nog niet nodig.”

Buiten het brede bestuur zijn 250 telers betrokken in BelOrta-productgroepen. De productgroepen worden voorgezeten door een lid van de raad van bestuur. Bij BelOrta is dus een op de vijf bedrijven betrokken bij het beleid van de coöperatie. De productgroep heeft veel invloed: Nouws: “Als zij bijvoorbeeld het percentage voorverkoop bij witlof willen veranderen, moet het bestuur van goede huizen komen om daar geen klap op te geven.”

Het klassieke besturingsmodel van BelOrta was niet de reden voor Nouws om over te stappen. Dat hij bestuurlijk actief werd, was ook niet gepland. “Eigenlijk vind ik dat jonge telers in het bestuur moeten plaatsnemen, maar je zult overal horen dat zij juist zo met hun bedrijf bezig zijn, dat ze geen tijd hebben.”

Verheul
Jeroen Verheul redacteur


Beheer