Het zwarte gat

10-03-2011 | |
Bijman-Kroon
Bernadette Bijman-Kroon chrysantenkweker
Het zwarte gat

Afgelopen week mocht ik in Den Bosch een inleiding houden over bedrijfsbeëindiging. Ik denk dat ze mij als ervaringsdeskundige zien.

Maar ik ben meer dan dat, want ik heb de afgelopen jaren veel vertrouwelijke gesprekken gevoerd met collega’s, die ook afscheid hebben moeten nemen van hun bedrijf. Gesprekken die ik zonder onze eigen ervaring nooit zo had kunnen hebben.

Hun verhaal is vaak herkenbaar en vaak veel verdrietiger dan dat van ons. Want wij zijn er door een soort Ruimte voor Ruimte regeling beter uitgesprongen dan de meesten. Daardoor kregen wij de kans om een gestrand bedrijf weer op gang te helpen. En dan komt het gekke; er is bijna geen (ex)collega die dat kan begrijpen. Aan de ene kant vechten ze zich bijna dood om hun bedrijf in de benen te houden. Alles hebben ze er voor over om tuinder te blijven. Als de bijl gevallen is, dan hebben ze vaak moeite om een ander leven op te bouwen. Want, en dat hoor je altijd, de tuin bepaalde het leven. Het is wat je doet, waar je woont, wie je bent. Je staat er mee op en je gaat er mee naar bed.

Voor bedrijfsbeëindigers is de laatste periode vaak een moeilijke, want het afscheid is zelden een vrijwillige keuze. Gezondheid, perspectief, bestemmingsplannen, allerlei onheil leidt tot de moeilijke beslissing. En wat daarna? Mijn inleiding heette ‘Het zwarte gat bestaat niet’, naar een uitspraak van een vriend. Want het is wel een diep dal waar je in valt, maar iedereen komt daar weer uit. Dat duurt bij de ene langer dan bij de ander, maar ondernemers zijn over het algemeen uit taai hout gesneden.

Wat me daarom extra verbaast, is het algemene onbegrip van collega’s, die niet kunnen begrijpen waarom ik het avontuur van het ondernemen opnieuw ben aangegaan. Vooral het risico dat wij privé lopen, stuit op bijna agressief onbegrip. Denkt iedereen dan dat zorgeloos zijn het hoogste goed is? Ja, als je diep in de problemen zit, lijkt dat zo. Maar de uitdaging van het ondernemen wint het. En dat durf ik toch nog te zeggen, alhoewel ik echt mijn portie tegenslag alweer te verduren heb.



Beheer