Bloemenrand zorgt voor meer sluipwespen

21-04 | Laatste update op 19-08 | |
Foto: Inagro
Foto: Inagro

Een bloemenrand op de kop van aardbeien op stellingen leidt tot meer sluipwespen en nauwelijks meer bladluizen. Dat blijkt uit oriënterend onderzoek van Inagro.

Al langere tijd is er discussie over het zaaien van bloemenranden. Trekken die wel extra natuurlijke vijanden aan en zorgen ze niet voor extra druk van plagen? Het Belgische onderzoekscentrum Inagro deed oriënterend onderzoek door een bloemrand te zaaien op de kop van een proefperceel met aardbeien op stellingen.

De techniek in een notendop

De ingezaaide bloemenrand is vervolgens overgoten met een oplossing die Rubidium bevat. Dat is een chemisch element dat in lage concentraties in ieder levend wezen te vinden is. Deze stof wordt opgenomen en ingebouwd in het plantenweefsel waardoor de concentratie van de stof verhoogt.

Zo komt het element in de nectar en pollen van de planten. Insecten die zich vervolgens voeden in de bloemenrand bouwen de stof op hun beurt in hun weefsel in. Daardoor stijgt de concentratie in deze insecten sterk, zonder gevolgen voor het insect.

Concentratie in insect

Later zijn in het perceel insecten gevangen en is de concentratie aan Rubidium in de insecten bepaald. Bij een statistisch aantoonbare hogere concentratie kan met zekerheid gezegd worden dat het insect zich voedde in de bloemenrand of er aanwezig was toen de stof werd toegediend.

Conclusies

  • Tijdens de vijf weken durende bemonstering werd een beperkte beweging aangetoond van gevleugelde bladluizen vanuit de bloemstrook naar het gewas, en dan bijna uitsluitend naar de uiterste rand (op 1 meter) van het veld. Op 7 meter in het perceel bleek er nog slechts één insect (van de acht aangetroffen insect) positief voor de stof. Verder in het perceel bleek er zelfs geen enkele gevleugelde bladluis nog te herleiden tot de bloemenrand.
  • Overal in het gewas werden sluipwespen (Braconidae) vastgesteld die aantoonbaar gebruik hadden gemaakt van de bloemenrand. Van sluipwespen die zich met een suikerbron kunnen voeden, is bekend dat ze langer leven en meer nakomelingen kunnen voortbrengen (en dus meer bladluizen parasiteren).
  • De vaststelling dat sluipwespen in het perceel zich gevoed hebben in de bloemenrand aan de andere kant van het perceel, is goed nieuws voor de bestrijding van bladluizen in het hele perceel. Het toont rechtstreeks het nut van een bloemenrand aan.
  • Zweefvliegen (soorten met bladluis-etende larven) die in het gewas gevangen werden gebruikten de bloemenstrook ook sterk.
  • Bladluizen in het gewas werden gedurende het hele teeltseizoen in toom gehouden door de natuurlijke vijanden, zonder gebruik te maken van chemische behandelingen of het uitzetten van natuurlijke vijanden.
Verstegen
Stan Verstegen Redacteur


Beheer