‘Een medaille voor alle boeren’

“Het is nog steeds droog”, meldde Johan Doff in Uithuizen midden vorige week. Uithuizen ligt boven de stad Groningen, aan de Waddenzee.

“Ze zijn nog peen aan het beregenen, en veel aardappelen kunnen nog steeds niet altijd gerooid worden. Massa’s telers zijn er al mee gestopt.” Beregenen voorafgaand aan het rooien mag niet: meestal betreft het pootgoed, dat moet perse gevrijwaard blijven van infecties als ring- en bruinrot.

Goed overleg Waterschap

Doff zelf heeft ook het nodige beregeningswerk voor de kiezen gehad.

Iedereen ging door totdat ze er bij wijze van spreken bij neervielen

“We zijn de eerste week met een haspel begonnen. In het weekend daarna, op 7 juli, ben ik getrouwd. In het weekend daarna werkten we met 2 haspels, en daarna hebben we er elke week een bijgekocht. We hebben in totaal 5 haspels in bedrijf gehad. De hele familie heeft ook meegeholpen om alles aan de gang te houden, iedereen ging door totdat ze er bij wijze van spreken bij neervielen.” De wateraanvoer was geen enkel probleem, in weerwil van bangmakerige spookverhalen over te hoge zoutgehalten in het water. “Het water leverde geen centje pijn op. Dat was in orde, in goed overleg met het Waterschap.”

'Mooie spruiten, vindt Johan Doff'. Dat vroeg wel veel arbeid en kosten. Voor de beregening was wekelijks 5000 à 6000 liter gasolie nodig. - Foto: Jan Willem van Vliet
'Mooie spruiten, vindt Johan Doff'. Dat vroeg wel veel arbeid en kosten. Voor de beregening was wekelijks 5000 à 6000 liter gasolie nodig. - Foto: Jan Willem van Vliet

Werk niet voor niets

Alles bij elkaar is er 5,5 tot 6 weken beregend. “Het was echt ongekend; alle boeren zijn zo hard bezig geweest, dat ze wat mij betreft een medaille hebben verdiend. Hadden ze al dat extra werk niet gedaan, dat zou dat te merken zijn in de winkelschappen.”

In Duitsland goedkoper

De kosten zijn ook aardig in beeld: wekelijks ging er 5.000 tot 6.000 liter gasolie doorheen, en de investering voor 4 beregeningsunits kwam uit op zo’n € 125.000. “Ik heb er 1 in Nederland gekocht en 3 in Duitsland: hier in Nederland voelde ik me letterlijk afgezet. Dat was geen ‘leven en laten leven’ meer. Je kreeg een offerte, daar moest je het mee doen, over korting viel niet te praten. Voor dezelfde apparatuur met exact dezelfde specificaties betaalde ik in Duitsland € 15.000 tot € 20.000 minder.”

Start met Divino

De gewassen staan er goed bij. Doff maakte op 22 augustus een begin met de pluk van het ras Divino, dit is met 17 à 18 hectare het hoofdras voor in het begin. “Tot en met afgelopen weekend (2/9) hebben we rustig aan gedaan. Dat kwam goed uit, want dat gaf even de ruimte om achterstallig werk weer wat in te lopen. Want dat lag er na al die beregeningsuren wel.” De productiviteit van Divino liep vorige week op. “Nu met 95% B-spruiten. Dat is fraai, zo hard zijn ze gegroeid.”

Problemen koolmot relatief

In zijn vorige bijdrage meldde Doff dat hij alles uit de kast moest halen om de koolmotten onder de duim te houden. “Naar wat ik hier en daar beluister, zijn we er nog redelijk goed vanaf gekomen. We hebben wel wat schade, maar het lijkt mee te vallen. Het is ook rasafhankelijk, in Divino hebben we in ieder geval weinig problemen.”

Een hectare per dag

In de loop van vorige week werd de plukproductie opgevoerd. “We werken met een 7-rijer, deze week plukken we dagelijks 10 tot 11 uur, dan doe je een hectare per dag. In dit tempo zijn we er 14 dagen doorheen, dan volgt het ras Franklin, een oudgediende met alleen B’s, dat ziet er ook goed uit. Franklin is sterk bij de omslag naar herfstig/vochtig weer, de spruiten zijn dan weinig kwetsbaar voor smet en oogstbeschadiging.”

Personeel geen probleem

Het werk rond de oogst wordt hoofdzakelijk gedaan door Nederlanders plus enkele Polen. “Personeel is geen probleem, ook de Poolse mensen kosten gemakkelijk € 20 per uur.

Ik kan me groen en geel ergeren aan grote bedrijven die op papier alles voor elkaar hebben, maar er ook alles aan doen om geen cent te veel aan hun personeel te hoeven geven

Wellicht kan dat minder, maar daar doe ik niet aan mee. Iedereen moet hard werken, dus ook netjes verdienen, en dan maakt het niet uit welke taal iemand spreekt. Als je je bedrijf overeind moet houden van beknibbelen op personeel, waar ben je dan mee bezig? Ik kan me groen en geel ergeren aan grote bedrijven die op papier alles voor elkaar hebben, maar er ook alles aan doen om geen cent te veel aan hun personeel te hoeven geven.”

Auteur: Joost Stallen

Of registreer je om te kunnen reageren.