Vollegrond

Nieuws

Phytophthora in asperge lijkt in opkomst

Phytophthora megasperma lijkt in asperge steeds meer voor te komen, maar er heerst ook nog veel onduidelijkheid rond deze schimmel. Onderzoeker Huub Schepers van PPO pleit daarom voor een monitoringssysteem om de aard en omvang van de ziekte goed in beeld te krijgen.

Huub Schepers ziet in monitoring de beste methode om de risicofactoren in beeld te krijgen, zoals de invloed van rassen, perceelkeuze, grondsoort en weersomstandigheden. Verder zou in de monitoring gekeken kunnen worden naar de effecten van (mogelijk besmet) plantmateriaal, compostgebruik, foliegebruik en de inzet van fungiciden. Bovendien is op die manier vast te stellen of het ook daadwerkelijk om Phytophthora megasperma gaat of dat andere ziekteverwekkers op Phytophthora gelijkende symptomen kunnen veroorzaken.
Bekend is in ieder geval wel dat de schimmel houdt van vocht en matige temperaturen met een optimum voor verspreiding en aantasting van rond 15 graden. Uit Amerikaans onderzoek in groene asperge blijkt dat er ook verschillen zijn in de gevoeligheid van rassen: Grolim scoorde in dat onderzoek 1,6, Gijnlim 2,6 en Thielim 4,6. Een lage score betekent weinig gevoelig.
In witte asperge ontstaat vooral schade als in de periode net na het stoppen met steken de omstandigheden voor de schimmel gunstig zijn.

Of registreer je om te kunnen reageren.