Home

Nieuws laatste update:9 jun 2009

Locatie Terneuzen kiest voor andere aanpak

Bij Terneuzen wordt gewerkt aan een grootschalig tuinbouwgebied met collectieve voorzieningen. DLV glas & energie, ingeschakeld door diverse telers die van plan zijn zich daar te vestigen, keek per teeltbedrijf naar de voordelen en beperkingen van het nieuwe gebied. DOOR PETER VISSER. peter.visser@reedbusiness.nl

Het aanbod aan vestigingslocaties voor, met name
grootschalige, groentebedrijven is beperkt. Een nieuw glastuinbouwgebied bij
Terneuzen (zie kader Eerste percelen verkocht) biedt weer wat ruimte aan
glastelers. Enkelen van hen klopten aan bij DLV glas&energie, om voor hun
specifieke bedrijfssituatie een kritische vergelijking te maken: òf een eigen
wkk gebruiken, òf de centraal geregelde warmte, CO2 en water benutten bij
Terneuzen. Onder andere DLV-adviseurs Matthijs Plas en Ronald-Jan Post waren
betrokken bij voorstudies naar de aantrekkelijkheid van Terneuzen als
vestigingslocatie voor glastuinbouw.

Grote rechte kavels
Plas: ”Terneuzen is een mooi project, met genoeg mogelijkheden. De beschikbare kavels zijn mooie grote blokken. Het bestemmingsplan voor het gebied laat hoge kassen toe, tot 10 meter
bouwhoogte (8 meter goothoogte). Ook is voor warmtebuffers een hoogte tot 15
meter toegestaan. Het tuinbouwgebied wordt ook gedragen door de gemeenten. Dat
vind je terug in de bereidheid om, binnen de grenzen van de geldende
regelgeving, samen met telers te zoeken naar oplossingen voor (individuele)
problemen in de bedrijfsvoering. Er is echt rekening gehouden met een optimale
inrichting van het gebied. Wegen die er nu nog kris kras doorheen lopen, de
bestaande bebouwing: alles gaat plat en er uit. Er komen fietspaden en
waterpartijen rondom het gebied, voor de landschappelijke inpassing, maar
werkverkeer wordt wel gescheiden gehouden van het toeristische verkeer.”

Flexibiliteit of uitbesteding
De aantrekkelijkheid van het gebied in Zeeland is erg persoons- en bedrijfsgebonden. Telers die zich puur willen richten op hun teelt, zullen eerder de voorkeur geven aan collectieve
voorzieningen, zoals bij Terneuzen. Telers die flexibel willen blijven en zelf
de touwtjes in handen willen houden, zullen eerder kiezen voor een eigen wkk
elders. Post: “Telers zijn kritisch. Het project moet zich nog wel bewijzen,
terwijl ze voorbeelden hebben gezien van centrale warmteleveringen die niet goed
bleken te werken, zoals in Bergerden en Emmen/Klazienaveen.”Een aantal
bedrijfssituaties is doorgerekend om te kijken wat gunstiger is: gebruik van de
centrale voorzieningen in het gebied of individueel in elektriciteit handelen
met een eigen wkk. Als het gaat om de totale energiekosten lijken beide elkaar
niet veel te ontlopen. Post: “Bij Terneuzen zit er in de energiekosten echter
een grote component vaste kosten en een kleine voor variabele kosten. Met een
eigen wkk is 80 procent juist variabel. Als je de variabele (gas)kosten kunt
goedmaken met de verkoop van stroom kun je daar met een centrale
warmtecoöperatie nooit tegenop. Stijgt de gasprijs daarentegen verhoudingsgewijs
sterker dan de elektriciteitsprijs, dan zit je met collectieve voorzieningen
beter.”Er is een gezamenlijke energie-bv opgericht, waarin lokale overheden
en leveranciers van warmte en CO2 participeren. “Kunstmestfabriek Yara is daar
ook deels eigenaar van. Dat belang zorgt voor een zekere mate van
leveringszekerheid voor de toekomst, omdat Yara toch de warmte produceert en de
infrastructuur in handen heeft. De warmte van Yara wordt via een warmtewisselaar
afgeleverd bij de buffertanks van de individuele bedrijven.”

Beperken retourtemperatuur
Om op een maximaal aantal hectares gebruik te kunnen maken van de energievoorzieningen wordt een vlak patroon in de warmte-afname gestimuleerd door de tariefstructuur. Restwarmte
dekt de basislast, wat ongeveer 90 procent van de totale warmtevraag is. Een
klein deel van de vraag wordt daar bovenop ingevuld met een centrale
wkk-gasturbine, die ook als back-up dient bij een eventuele storing in de
toevoer van de restwarmte. Daarvoor is een capaciteit van 100 kiloWatt per
hectare beschikbaar. Echte pieken in de warmtebehoefte wekken telers op met hun
eigen (oliegestookte) back-upketels. Om zo effectief mogelijk met de
centrale warmtevoorziening om te kunnen gaan is koel retourwater nodig. Een
goede uitkoeling, tot maximaal 40 graden Celsius, wordt dan ook beloond. Post:
“Bij veel teelten zul je al snel naar een tweede groeinet of naar dikkere
buisrailpijpen toe moeten om dat te kunnen realiseren.”Het gebruik van een
eigen wkk wordt niet of uiterst beperkt gefaciliteerd. Plas: “Als je je hier in
het gebied vestigt, moet je dus niet willen belichten. Ook voor gesloten kassen
leent het gebied zich minder goed. Het systeem hier is gebaseerd op het
ontvangen en opnemen van warmte, terwijl je met een gesloten kas juist met
warmte-overschotten zit.”

Gunstige CO2-inkoop
Post:” De CO2-voorziening is goed geregeld in het gebied. Wat betreft de tariefsopbouw is die te vergelijken met OCAP. Er is een basis-vastrechttarief. Bij voldoende afname ontstaat een prijs
die de helft is van wat je betaalt aan zuivere CO2.” Om meer zekerheid in de
CO2-levering te garanderen worden grote CO2-buffers aangelegd. De twee
opslagtanks hebben elk een capaciteit voor 900 ton CO2. Yara kan namelijk nooit
jaarrond een leveringszekerheid van 100 procent garanderen.

berging Gietwater
Bij de plannen voor het gebied bij Terneuzen wordt uitgegaan van bassins met een capaciteit van 500 kuub wateropslag per hectare glas op de percelen. Plas vindt dit uitgangspunt erg
minimaal. “Wij hebben voor onze klanten rekening gehouden met een
opslag-capaciteit van 3 duizend kuub per hectare. Er moet een buffer zijn voor
langdurige perioden met geen of geringe neerslag. Daarnaast is er de
Groenlabelkas waarvoor je die laatste opslagcapaciteit moet aanhouden om
voldoende GLK-punten te kunnen halen.”Rondom de polder komt wel een
landschappelijk ingepaste waterpartij, als mogelijke back-upvoorziening voor
gietwater en tevens als compensatie voor het te realiseren verharde oppervlak
(een eis van het Waterschap, die dus niet meer door individuele telers hoeft te
worden gerealiseerd). Plas: “De kwaliteit van dat water is echter nu nog
onbekend. Je kunt de waterpartij bij droogte ook niet helemaal leeg pompen. Er
is namelijk een minimale (grond)waterstand nodig voor de groenvoorziening rondom
het tuinbouwgebied. Om gebruik te mogen maken van dit water is eerst goedkeuring
van het Waterschap nodig.” Verder wordt nog een waterleiding aangelegd. “Dat is
wel een erg minimale voorziening, met een capaciteit van slechts 3,5 liter per
vierkante meter teeltoppervlak per dag.” Voor omgekeerde osmose of ondergrondse
wateropslag is de ondergrond te zout, mede door kwelwater vanuit de Schelde. Ook
de gelaagdheid van de bodem is ongunstig voor opslag van water. Mochten
teeltbedrijven een keer drainwater moeten spuien, dan gaat dit niet het
‘openbare’ riool in, maar wordt het via een separate rioolleiding naar
afvalverwerkings- en waterzuiveringsbedrijf Heros gepompt. De kosten van deze
aansluiting zijn aan de hoge kant in vergelijking met een gangbare aansluiting.
Hierover is DLV glas&energie namens drie klanten in gesprek met Heros. “Wij
zijn van mening dat het ontwerp efficiënter kan, waardoor aansluit- en
gebruikskosten voor de teler lager kunnen worden,” stelt Plas.Behalve de
wateraanvoer vinden de DLV’ers ook de elektriciteitsaansluiting niet aan de
royale kant: per 2 hectare glas 3 x 80 Ampère. “Dan moet je niet alle tomaten
tegelijk willen sorteren…” De krappe water- en zeker elektriciteitvoorziening
kan nog wel worden aangepast gedurende de periode waarin tuinbouwgebied
Terneuzen vol loopt.Aan de beschikbaarheid van arbeid wordt gewerkt. Er komt
onder andere een opleidingskas, waar regionale bewoners getraind kunnen worden
om in een kas te werken.

Kader

Eerste percelen verkocht
De auberginetelers Pleun, Jan en Rob van Duijn hebben in Terneuzen 14
hectare grond gekocht, waarop ze twee keer 5 hectare kassen gaan bouwen.
Verder heeft de Belgische telersvereniging Greenpartners in
Sint-Katelijne-Waver 85 hectare gekocht. Het glastuinbouwgebied bij
Terneuzen is geschikt voor ongeveer 168 hectare netto glas. De eerste
bouwactiviteiten vinden plaats in de Smidsschorrepolder. Hier is ruimte voor
ongeveer 95 hectare kassen. De Autrichepolder en Koegorspolder zijn nog in het
beginstadium, en bieden respectievelijk ruimte aan nog eens 60 en 15 hectare
glas.

Redactie GFActueel

Of registreer je om te kunnen reageren.