weblog

1 reactie

‘Doorgeslagen perfectie in Kenia’

Duurzaamheid is niet louter een westers feestje.

Wist u dat er sinds kort een totaalverbod op plastic tassen geldt in Kenia?! Ik kreeg daar van KLM een bericht over toen ik een paar dagen geleden naar Nairobi vloog. Een lokale collega vertelde me dat er zelfs geen vuilniszakken meer te koop zijn. Gelukkig kon ik thuis nog een old school linnen tas vinden om mee te nemen voor mijn vuile was.

Gewasbescherming

Duurzaamheid is dus niet louter een westers feestje. Ik heb tijdens mijn korte bezoek aan de Keniaanse hoofdstad Nairobi diverse telers en exporteurs van groenten, fruit en bloemen gesproken en bezocht. Ook zij zijn bezig met duurzaamheidsthema’s, zoals de opvang van regenwater, het terugdringen van chemische gewasbescherming, duurzamer energiegebruik en het verminderen van afval. Het vervoer door de lucht is misschien niet heel duurzaam, maar de werkgelegenheid die wordt gecreëerd weer wel. Waar verpakkingshallen in Nederland vol met machines staan, staan ze in Kenia vol met mensen. Deze staan aan grote roestvrijstalen tafels de puntjes en draadjes van de boontjes af te halen en alles wat perfect recht, egaal groen en van een standaardlengte is, mag heel secuur in een zakje gelegd worden voor export naar Europa.

Tracering producten

Dit gebeurt in – naar voor onze begrippen – vrij armoedige loodsen en gedateerde kantoren. Desondanks wordt er netjes en hygiënisch gewerkt, allemaal volgens standaarden als GlobalGap, BRC, HACCP enzovoort. Ook is er een fijnmazig systeem ontwikkeld om producten te kunnen traceren naar de vaak vele kleinschalige telers en naar de tafel waaraan het verpakt is.

Verse producten

Toen ik daar letterlijk en figuurlijk bij stil stond in zo’n verpakkingshal in Nairobi, besefte ik maar weer eens dat er door de tuinbouwsector geweldige prestaties geleverd worden, ook in Kenia. Het is bijna een onmogelijke opgave om met een slechte infrastructuur, primitieve faciliteiten, afhankelijkheid van schaarse luchtvaartcapaciteit en hoge kosten van productiemiddelen, ultraverse producten in topconditie en –kwaliteit in ons winkelschap te krijgen. En dan ook nog eens tegen scherpe prijzen.

De cosmetische eisen zijn belachelijk en onnodig

Kromme groenten

Voordat de producten bij het verpakkingsstation aankomen hebben ze al een hele reis gemaakt, door de keten en door het land. Omdat de producten aan hoge supermarktstandaarden moeten voldoen, maakt veel ‘afkeur’ weer de lange reis terug richting teler om als veevoer gebruikt te worden. En dat terwijl deze producten misschien nog wel 93% goed zijn op een schaal van 1-100%-perfectie. De krommingen of kleurafwijkingen op sommige afgekeurde haricot verts, snijbonen of babymais zijn zo klein dat je echt 2 keer moet kijken om het te kunnen zien. Het is geruststellend dat er oog voor duurzaamheid en hygiëne is, maar de cosmetische eisen zijn belachelijk en onnodig.

Eén reactie

  • P Verschuren

    Beste Cindy, deze cosmetische overkill is niet alleen in Kenia, maar speelt sinds pak em beet een jaar of 10 overal in toenemende mate overal. Het probleem is echter niet simpelweg op te lossen door de eisen weer naar beneden bij te stellen. De consument (jij waarschijnlijk ook) pakt het mooiste uit het schap. Wat de retailer dus niet verkoopt wil hij niet meer hebben. Wat je zou kunnen doen is product met cosmetische issues verder bewerken tot soep of salade. Dat is ook weer geen sinecure want je kunt niet alles wat je uit sorteert verder gebruiken. Je moet dus weer kosten gaan maken om het bruikbare van het onbruikbare te onderscheiden. Alleen als het bruikbare meer oplevert dan deze kosten is het interessant. Dan blijft weer de vraag , hoeveel soep kun je verkopen , anders blijf je daar weer mee zitten. De range van snacks in de friettent is hier het gevolg van. De eindconclusie is dat voedsel gewoon te goedkoop is, maar voor veel mensen is het toch al duur genoeg. Wat de Rabo kan doen is naast die hal in Kenia een verwerkingsfabriekje wegzetten. Wellicht voor een nieuwe Heinz bonenspread (regel het maar;) ). Wat de Retail kan doen is zijn marketingbudget inzetten om de consument te wijzen op zijn selectieve voorkeur voor perfectie en de verspillingsgevolgen hiervan. Niet enkel perfect product gebruiken in reclame is al een begin.

Of registreer je om te kunnen reageren.