commentaar

Supermarkten moéten helemaal niks

Greenpeace leent de ‘plofkip’-strategie van Wakker Dier. De milieu­organisatie spreekt supermarkten aan op toepassing van gewas­beschermingsmiddelen in diverse teelten. In de ogen van deze club wordt het tijd dat supermarkten hun maatschappelijke verantwoordelijkheid nemen.

‘Eén partij is tot nu toe te veel buiten schot gebleven in het debat over de toekomst van de landbouw: de supermarkten. Toch kunnen zij een cruciale rol spelen om het tij te keren’, oordeelt Greenpeace in het rapport Bijensterfte in het schap. Supermarkten: stop de stille lente.

In de lijvige literatuurstudie berijdt de organisatie de bekende stokpaardjes. Intensivering leidt tot kaalslag onder bijen, hommels, vlinders en vogels. De biodiversiteit daalt. Greenpeace winkelt selectief in publicaties en rapporten, en hutselt wetenschappelijke feiten en (eigen) meningen door elkaar om uiteindelijk tot één oplossing te komen: een versnelde overgang naar ecologische landbouw. Geen woord over biologische bestrijding in moderne kassen of uitgekiende, duurzame technieken op terrein van klimaat, water en energie. De term ‘smart farming’ komt in het rapport in zijn geheel niet voor.

Opmerkelijk is dat de milieugroep eist dat supermarkten bovenwettelijke normen hanteert. Eisen bovendien, die verder gaan dan de gebruikelijke residunormen, en ingrijpen in het productieproces. In Duitsland is Aldi al gezwicht. De keten verbiedt het gebruik van acht pesticiden. Greenpeace richt in Nederland haar pijlen op Albert Heijn, Jumbo en Lidl, samen verantwoordelijk voor twee derde van de markt.

Het wensenlijstje van Greenpeace is niet vrijwillig. De supermarkten moeten vooral. Moéten een bovenwettelijke zwarte lijst met pesticiden opstellen; moéten de stap naar ecologische landbouw steunen; moéten een eerlijke prijs betalen, et cetera. De vraag is namens wie Greenpeace spreekt. De supermarkten moéten niks, behalve producten leveren die de klant vraagt. De overheid stelt de normen, laat de markt verder zijn werk doen.

Jan Vullings, hoofdredacteur

Of registreer je om te kunnen reageren.