1 reactie

Cijfers tonen ratrace van boer en tuinder

Het CBS en Wageningen Economic Research (WER,voorheen LEI) kijken terug op 2016. Hun cijfers geven een interessante inkijk hoe het op de Nederlandse primaire bedrijven toegaat.

Het CBS laat zien dat het inkomen van boeren en tuinders bij lange na geen gelijke tred heeft gehouden met de productie die ze hebben gerealiseerd. De productie steeg sinds 1995 met een kwart, terwijl de inkomens iets daalden.

Betere en groeiende bedrijven

Nu hoeft niet altijd de inkomensgroei gelijk op te gaan met de productiviteitsgroei. Groei kost niet per se meer arbeid of ondernemersrisico. Maar dat de inkomens in twintig jaar tijd juist gedaald zijn, en dat in die tijd ook aantal bedrijven is gehalveerd, geeft scherp aan in wat voor een ratrace boer en tuinder zitten. Alleen de betere en groeiende bedrijven redden het, anderen vallen af.

En dat dan ook nog tegen een achtergrond van niet eens zo hoge inkomens: €16.200 voor 2016 in de melkveehouderij, €58.100 in de akkerbouw, €75.700 in de vleesvarkenshouderij en €130.900 in de zeugenhouderij (was min €60.000 in 2015). Hieruit moeten arbeid en vermogen van de ondernemer worden vergoed, alsmede zijn ondernemersrisico.

Niches in de markt

WER adviseert boeren die zich aan deze ratrace willen onttrekken, te zoeken naar niches in de markt. Alleen inzetten op volume heeft geen toekomst, aldus WER. Waar misschien, maar is het niet juist de kern van het probleem dat deze eventuele gaten in de markt weer gauw tot over de rand worden gevuld.

Eén reactie

  • P Verschuren

    precies, met extra kosten en risico voor de primaire ondernemer en nog steeds in hetzelfde schuitje.

Of registreer je om te kunnen reageren.