weblog

2 reacties

1993 was pas erg

2014 alweer een crisisjaar in de tuinbouw? Misschien een beetje vroeg om dat nu al te roepen. We zijn nog niet op de helft.

De gemiddelde glasgroenteteler is financieel nog niet bijgekomen van Ehec-jaar 2011. Dat we nog met zijn allen naar Den Haag trokken om bij kamerleden duidelijk te maken dat het zo niet langer kon was toen pas net twee jaar geleden.

Pas echt slecht ging het in de jaren 90. Niet voor niets gingen alle groente- en fruitveilingen toen bij elkaar zitten om zo massaal mogelijk te fuseren. Dat bleek toen niet massaal genoeg. Of juist nog iets té massaal. Het is maar net hoe je het bekijkt.

Toen The Greenery van start ging, had deze afzetorganisatie meer dan 10.000 leden. Tienduizend telers, actief in de groenten het fruit danwel de paddenstoelen! Hoezo versnippering? Toen even niet.

Maar ook in die beginjaren na de vorming van The Greenery volgden crisisjaren elkaar vrolijk op.  De komkommercrisis van 1997 bijvoorbeeld, was voor de telers verre van prettig. En de ellende in de ijsbergsla, het hardfruit, de witlof, de champignons - ach u weet het allemaal zelf nog het beste wannéér precies– je hoeft geen gepromoveerd econometrist te zijn om te snappen hoe het zit: veel partijen proberen heel veel (te veel?) product te verkopen aan een klein aantal heel grote afnemers.

In een open markt van min of meer vrije concurrentie ligt dan de crisis elk jaar weer op de loer.

Laatste reacties

  • C.N. AMMERLAAN

    Er is eigenlijk geen sprake van een crisisjaar, dat ons overkomt. Met de veilingen hebben we de mogelijkheid van interventie in de markt op de vuilnisbelt gegooid. Wat rest zijn de economische wetten in elke markt:
    1 Prijzen voor producten richten zich naar 85-90% van de gemiddelde kostprijs van de producenten
    2 Groot tegen klein levert altijd venijn, met verlies voor de kleinen.
    3 Grote inkopers tegenover kleine verkopers drukken de prijzen naar de ondergrens, als beschreven in 1.
    4 Kleine partijen blijven tegen elkaar vechten in plaats van samen te werken, als enkele groten de markt naar hun hand zetten.
    Volgens deze wetten zijn de te verwachten prijzen voor tomaten grof rond € 0,46, voor middengrof rond € 0,55, voor komkommers € 0,18.
    Als we het daar niet voor willen doen, moeten we samen werken om de markt te reguleren. Als we dat niet doen, blijft er één - de sterkste - over.
    Probleem blijft natuurlijk de arrogantie van de 'sterken': Zij denken dat ze de strijd zullen overleven, dus offeren ze anderen op. Ze dienen daarmee de overheid, niet hun eigen belang.
    De overheid heeft belang bij grote partijen. De grote partijen hebben daar geen belang bij, omdat diegene die vandaag de grootste is, morgen klein zal blijken.

  • P Verschuren

    In 1993 draaide de klok nog op volle toeren, maar dit mocht niet baten zoals je kunt lezen.

Of registreer je om te kunnen reageren.