Home

Achtergrond

Geld zoekt tuinder

Er is veel geld op zoek naar rendement. Bovenaan de lijst van interessante sectoren staan nog steeds IT, fintech en life sciences. Maar ook de tuinbouw is op de radar van investeerders aan de Amsterdamse Zuidas verschenen. En niet alleen daar, maar wereldwijd.

Bancaire financiering is en blijft het goedkoopste geld. Maar door de strengere normen voor eigen vermogen is de draagwijdte van een ouderwetse banklening beperkt. Een ondernemer met grotere ambitie dan wat een bank aankan, hoeft anno 2020 echter niet te wanhopen. Want er is geld, heel veel geld, dat op zoek is naar rendement.

Financiële boost voor techleap.nl

Start-ups hoeven maar eens te surfen naar techleap.nl, het start-up en scale-upplatform dat vorige week een kontje van € 35 miljoen kreeg van premier Rutte. Bij die paar miljoen blijft het niet. Op techleap.nl staan 1.596 verschillende investeerders te dringen, met in potentie geen miljoenen, maar vele miljarden euro’s aan beschikbaar kapitaal.

Werknemers van bedrijven die zijn gevestigd aan de Amsterdamse Zuidas scheppen een luchtje op een warme zomerdag. Investeerders die hier gevestigd zijn, tonen veel interesse voor de tuinbouw. - Foto: ANP
Werknemers van bedrijven die zijn gevestigd aan de Amsterdamse Zuidas scheppen een luchtje op een warme zomerdag. Investeerders die hier gevestigd zijn, tonen veel interesse voor de tuinbouw. - Foto: ANP

Met tientallen tegelijk

Niet alleen voor start-ups, maar ook voor volwassen bedrijven met groeiambitie staan de private geldschieters in de rij, voor interessante bedrijven in de tuinbouw met tientallen tegelijk. Dat merkte tomatenteler Kees van Veen van Agro Care de afgelopen jaren. Hij kon vlak voor kerst bekendmaken dat investeerder NPM Capital een minderheidsbelang in Agro Care had genomen. Maar dat was zeker niet de eerste de beste private-equitypartij die contact had opgenomen met ’s lands grootste tomatenbedrijf. “We hebben er al heel wat op de stoep gehad. Maar de meesten hebben we ook meteen weer bedankt en weggestuurd. Dat waren dan toch meer kortetermijninvesteerders, die de tent wilden oppompen om hun aandeel met winst weer te verkopen.”

Agro Care is met kwekerijen in Nederland, Frankrijk en Noord-Afrika al internationaal actief, maar wil dat verder uitbreiden. - Foto: Joep van der Pal
Agro Care is met kwekerijen in Nederland, Frankrijk en Noord-Afrika al internationaal actief, maar wil dat verder uitbreiden. - Foto: Joep van der Pal

Nederlands investeringsbedrijf met langetermijnvisie

Waarom dan wel in zee met NPM Capital? Omdat Van Veen en zijn compagnons bij Agro Care zich wél konden vinden in een Nederlands investeringsbedrijf, dat voor de langere termijn wil meedenken en meedoen in een groeistrategie. Die strategie is erin gelegen dat Agro Care de Europese markt wil bedienen vanuit nog meer productielocaties dan nu, in meer Europese landen en in Noord-Afrika.

Het is voor onze organisatie beter om dichter bij onze klanten te produceren

Tomatenteler Kees van Veen van Agro Care

Ondernemersklimaat in Nederland

“Omvang is geen doel”, stelt Van Veen. “Maar wel zien we dat het voor onze organisatie beter is om dichter bij onze klanten te produceren. Dat heeft ook met het ondernemersklimaat hier in Nederland te maken. Hier groeien en alles op export zetten, geeft veel te veel obstakels.”

NPM verschaft niet alleen kapitaal, maar gaat ook een zetel in de Raad van Bestuur innemen. “Niet om te vertellen hoe wij tomaten moeten telen. Dat kunnen wij beter. Maar zij hebben meer expertise in fusies en overnames en internationale strategie.”

27 investeringspartijen met interesse in tuinbouw

Hillenraad Partners heeft een lijst van 27 investeringspartijen met een interesse in de tuinbouw. Dat is een selectie van het veel grotere aantal partijen dat bij het adviesbureau in strategie, organisatie en finance heeft aangeklopt om meer te weten te komen over hoe het speelveld in de tuinbouw eruit ziet.

Door voedselcrisis aandacht van durfkapitaal

De interesse om geld te steken in de tuinbouw is niet van vandaag of gisteren, vertelt Martien Penning van Hillenraad Partners. Dat startte al een jaar of tien geleden. Vlak voor de economische crisis was er sprake van de alweer bijna vergeten voedselcrisis. Tussen 2006 en 2008 stegen op de wereldmarkten de voedselprijzen enorm. Behalve dat het de nodige politieke onrust gaf, trok het ook de aandacht van durfkapitaal. Het voeden van de snelgroeiende en snel verstedelijkende wereldbevolking kwam op de radar als een van de grootste uitdagingen voor politiek en economie.

Investeerders gaan door die concurrentie ook genoegen nemen met lagere rendementen. Dan komt de tuinbouw met een gemiddeld rendement van 6% in beeld

Martien Penning, Hillenraad Partners

Historisch lage rente

Het herstel na de crisis, die ook de tuinbouw flink raakte, gaat al jaren gepaard met historisch lage rente. Voorheen was alles met een rendement van minder dan 15% bij investeerders eigenlijk niet in beeld. Die stopten hun geld liever in hoogrenderende tech- en IT-bedrijven. Maar door die lagere rente – op de bank inmiddels zo goed als nul en straks zelfs voor grotere spaarders negatief – is er nu veel meer geld dat op zoek is naar rendement.

Rendement van gemiddeld 6%

Penning: “Investeerders gaan door die concurrentie ook genoegen nemen met lagere rendementen. Dan komt de tuinbouw met een gemiddeld rendement van 6% in beeld. Zeker gezien die uitdaging van het steeds meer mensen moeten voeden met steeds schaarsere grondstoffen. Dat is op het lijf van vooral de glastuinbouw geschreven: minder gevoelig voor de extremen van weer en klimaat.”

Jonge fondsen

Op die lijst van 27 investeringsfondsen en participatiemaatschappijen staat van alles. “Rijp en groen”, zegt Penning. Nederlands en internationaal. Grote partijen zoals pensioenfondsen. Maar ook kleinere, deels pas net opgerichte fondsen met een speciale belangstelling voor de groene sectoren. “Wat de meeste van die investeerders gemeen hebben, is dat ze veel verstand hebben van geld, maar niet genoeg weten van de tuinbouwsector. Zo kwamen we ook in contact met NPM Capital. Incotec zou te koop komen en die propositie werd aan NPM Capital voorgelegd. Die gingen naar de cijfers kijken, maar ze wilden ook meer weten van de sector en met die vraag kwamen ze bij ons.”

Strategische samenwerking

Al snel werd duidelijk dat er vanuit Engeland een niet te evenaren bod kwam op Incotec. Maar de gesprekken tussen NPM Capital en Hillenraad Partners werden voortgezet en leidden tot een strategische samenwerking. Hillenraad Partners was dan ook partij in de vlak voor kerst bekendgemaakte participatie van NPM Capital in Agro Care.

De rol van Hillenraad Partners is die van strategisch adviseur die vooral de tuinbouwbedrijven kent en kan inschatten wat de behoefte van die bedrijven is. Wil het bedrijf een technologiesprong maken? Of wil het internationaliseren? Of is het een ondernemer zonder opvolger die zijn bedrijf wil verkopen? En hoe matcht dat met de vermogensbehoefte van een onderneming?

‘Langer dan zeven jaar’

“Wat wij in elk geval belangrijk vinden, is dat zo’n investeerder een langere termijn heeft dan zeven jaar”, zegt Penning. “Als een geldschieter sneller rendement terug wil zien, is de kans te groot dat die periode negatief wordt beïnvloed door een of meer slechte jaren, zoals je die nu eenmaal om de zoveel jaren hebben kunt in de tuinbouw.”

Private equity: geleend geld met een termijn

Daarom is wat private equity heet vaak niet zo geschikt. Achter die verzamelnaam gaan meestal partijen schuil die voor een deel geld in een gesloten fonds leggen en voor een deel geld uit de markt halen. “Dat is dus eigenlijk geleend geld en dat heeft altijd een termijn waarbinnen de uitlenende partij het weer terug wil. Zulke investeerders denken bij het instappen al aan het moment dat ze er weer uitstappen.”

Uitstap vooraf goed regelen

Uiteraard moet je de uitstap sowieso vooraf goed regelen. “Dat doet een partij als NPM Capital ook. Maar het uitgangspunt is dat ze pas vertrekken als ze het bedrijf beter achterlaten. En met aan de basis een familiebedrijf in de elfde generatie is dat ook geen loze belofte.”

Agro Care kon zich wél vinden in een Nederlands investeringsbedrijf, dat voor de langere termijn wilde meedenken en meedoen in een groeistrategie. - Foto: Wick Natzijl
Agro Care kon zich wél vinden in een Nederlands investeringsbedrijf, dat voor de langere termijn wilde meedenken en meedoen in een groeistrategie. - Foto: Wick Natzijl

‘Langgerekt peloton’

Penning ziet het speelveld in de tuinbouw zoals in veel sectoren veranderen naar een groep bedrijven met een kleinere kop en een langere staart. “In wielertermen: voorheen had je een breder peloton met dus ook meer bedrijven voorin dat peloton. Nu is het peloton langgerekt. De top is veel smaller. In allerlei sectoren en branches zie je een top-3 die meer en meer winst en groei naar zich toe trekt. Die kunnen investeren en overnemen en markten pakken. Dat geldt in de teelt, in de handel en in de techniek.”

Hoe bouw en borg ik een solide marktpositie op mijn continent?

Proces van consolidatie

Penning relateert die versnelling in het proces van consolidatie van bedrijven aan het langzaam verdwijnen van het ouderwetse coöperatieve tuinbouwmodel. Banken, veilingen en andere coöperaties, ondersteund door een collectief kennissysteem, maakten het makkelijker voor veel kleine bedrijven om samen goed te blijven presteren en renderen. “Uit die tijd stamt nog het exportmodel. Dat model maakt voor de grotere bedrijven plaats voor internationalisatie. De nieuwe vraag van die bedrijven is nu: hoe bouw en borg ik een solide marktpositie op mijn continent?”

Denk per continent

Dat speelt bij Agro Care zeker een rol. Maar ook een bedrijf als PB Techniek, dat twee jaar geleden in zee ging met de nog nieuwe participatiemaatschappij Victus heeft sindsdien laten zien dat het denkt per werelddeel. Het Westlandse familiebedrijf had altijd al een zeer internationale orderportefeuille. Maar met het geld van Victus erbij, bouwt het nu met overnames en strategische samenwerkingen aan een marktpositie in Noord-Amerika, Australië en Azië.

Een ander voorbeeld is de Codema Systems Group, waarin anderhalf jaar geleden Nordian Capital – het voormalige Rabo Capital – is gaan participeren. Ook dit bedrijf denkt nu in continenten, meer dan aan de volgende stap in Nederland. Er werden al kantoren geopend in België en Duitsland, maar samen met Nordian worden ook posities in Noord-Amerika en Azië nagestreefd. De opening van een kantoor in Beijing in november markeert die strategie.

Van private equity tot business angels

Private equity is Engels voor privaat vermogen. Het geld dat een bedrijf binnenhaalt via private equity komt dan ook als eigen vermogen op de balans te staan, anders dan bancair krediet, dat als vreemd vermogen geldt.

Onder de letterlijke betekenis van private equity vallen eigenlijk alle investeerders die buiten de aandelenbeurs om geld steken in bedrijven. Familie of vrienden die een startende ondernemer op gang helpen of financieel bijspringen waar de bank het laat afweten, vallen strikt genomen ook onder deze omschrijving. Doorgaans scharen we deze kleinere particuliere investeerders echter onder de term informal investors of business angels. Grotere PE-partijen vallen doorgaans onder de noemer participatiemaatschappij: een tijdelijke aandeelhouder in het bedrijf, die in ruil voor het beschikbaar stellen van kapitaal medezeggenschap krijgt over de onderneming en na verloop van tijd het aandeel weer zal verkopen. Er is sprake van venture capital (of durfkapitaal) als het gaat om geld voor startende of jonge snelgroeiende bedrijven. Private equity is kapitaal voor volwassen bedrijven.

Het verschil met hedgefondsen is dat die doorgaans in beursgenoteerde bedrijven beleggen en geen inhoudelijke betrokkenheid nastreven bij de bedrijfsvoering van de ondernemingen waarin ze investeren.

Of registreer je om te kunnen reageren.