Home

Achtergrond

Bregje Hamelynck en Michel Pauluis: ‘Elk dorp en wijk zijn eigen zelfoogsttuin’

Bregje Hamelynck en Michel Pauluis startten in 2013 een zelfoogsttuinderij in het Friese Sibrandabuorren. Inspiratiebron: de filosofie van de permacultuur. Er is veel animo, ook onder jonge melkveehouders, die een gemengder bedrijf willen en de verbinding met de omgeving willen herstellen.

Een mooie herfstmiddag, twee oogstabonnees op rubberlaarzen oogsten spruitjes en boerenkool van een van de genummerde ‘ekers’ van Us Hôf. Herfstgroente als savooiekool, spruitkool, groene en rode boerenkool groeien in kleine eenheden naast elkaar. De akkertjes (ekers) zijn bollend aangelegd en worden begrensd door een greppeltje dat ’s winters op natuurlijke wijze afwatert en ’s zomers voldoende gietwater vasthoudt. Tussen de akkertjes liggen ‘bosrandstroken’, ontworpen volgens de principes van de permacultuur. “Eenjarige groente, frambozen, dan bessenstruikjes, fruitbomen, bramen, asperges en rabarber.

“Het lijkt op een voedselbos, maar de hoge bomen ontbreken”, legt Michel uit. De diversiteit in de stroken beschermt de gewassen tegen de wind, plagen en ziektes. Een assortiment van zo’n zeventig soorten groente en kruiden is in kleine aantallen gemengd aangeplant, goed voor uitwisseling van schaduw, steun en voeding aan de bodem.

Michel Pauluis en Bregje Hamelinck van zelfoogsttuinderij Us Hôf. - Foto: Koen van Wijk
Michel Pauluis en Bregje Hamelinck van zelfoogsttuinderij Us Hôf. - Foto: Koen van Wijk

Inmiddels tweehonderd deelnemers

Het hoogopgeleide echtpaar verhuisde in 2003 vanuit Den Haag naar Friesland om een gezin te stichten en om plattelands te leven op een woonboerderij. De kinderen kwamen en de boerderij in de buurt van Sneek werd grondig verbouwd. Het perceel weidegrond van 1,9 hectare grond werd aanvankelijk verhuurd aan naburige melkveehouders.

Bij Bregje, econome van beroep, gingen tijdens de kredietcrisis van 2008 de ogen open voor de kwetsbaarheid van de economie. “Hoe robuust is dit systeem als het echt misgaat? Dan zijn na drie dagen de supermarkten leeg. Voedsel is een van onze basisbehoeften, maar ik wist er tot mijn eigen ergernis niets vanaf.”

Na een tv-uitzending over permacultuur in 2012 besloot ze een cursus in deze teeltfilosofie te volgen. “Een medecursist startte een zelfoogsttuin. Ik besefte: dat kan hier ook.”

Na een jaar stapte Michel in. Het eerste jaar had Us Hôf al veertig leden en daarna groeide het snel, tot inmiddels tweehonderd deelnemers. Een jaarabonnement voor hun CSA-tuinderij (Community Supported Agriculture) kost € 250 per persoon. “Daarvoor heb je veertig weken lang al je groenten en kruiden”, zegt Michel. Hij hoopt dat ze dit jaar doorgroeien naar 250 leden, dan is de basis voor hem groot genoeg om nieuwe ideeën uit te werken. Afzet via lokale restaurants en een voedselcoöperatie is er nu al.

Als je de bodem niet ploegt, dan krijg je geleidelijk aan ‘terroir’, net als bij wijn

Bodemleven

Het toepassen van permacultuur heeft het bodemleven sterk verbeterd. Er is ruimte voor natuurlijke vijanden en niet onbelangrijk: de groente smaakt lekkerder dan uit de gangbare tuinbouw, volgens de telers. “Als je de bodem niet ploegt, dan krijg je geleidelijk aan ‘terroir’, net als bij wijn. Ook aan groente kun je de bodem van herkomst proeven”, stelt Michel.

De grond van Us Hôf bestaat uit zware klei, vruchtbaar, maar aanvankelijk ontbrak het aan organisch materiaal. Michel: “We hebben elke winter compost opgebracht. De mineraalrijke klei werd door het bodemleven vermengd met het organische materiaal. In het derde jaar zagen we al zoveel verbetering.”

Niet ploegen maar frezen draagt er ook aan bij, weet hij. “Anders verstoor je de samenleving in de bodem: allerlei organismen hebben daar hun eigen diepte en hun eigen rol. Ook de interactie tussen de plantenwortels en mineralen en sporenelementen is van belang voor sterkere gewassen, bovendien zorgt dit voor een betere smaak en gezonde voedingstoffen.”

Permacultuur heeft het bodemleven sterk verbeterd en de groenten smaken lekkerder, vinden de telers en de 200 zelfoogstende abonnees. - Foto: Koen van Wijk
Permacultuur heeft het bodemleven sterk verbeterd en de groenten smaken lekkerder, vinden de telers en de 200 zelfoogstende abonnees. - Foto: Koen van Wijk

Natuurlijke vijanden

Op Us Hôf wordt geboerd met de natuur mee. Ecologische en biologische processen bieden oplossingen tegen plaaginsecten en andere schadelijke dieren. Tussen de groente staan bijvoorbeeld venkel en dille. Een schermbloemige als venkel trekt veel zweefvliegen en sluipwespen aan. Dille verspreidt een geur die koolgeur maskeert en zo koolwitjes weghoudt. Zo zijn er nog vele andere trucjes in de permacultuur.

“Variatie van gewassen op een klein oppervlak is de sleutel in gewasbescherming. Door de diverse kleuren en vormen raken insecten van de wijs en vinden hun voedselbron moeilijker”, verklaart Michel. Achterin de tuin zijn poeltjes aangelegd waar kikkers, padden en salamanders leven, allemaal insecteneters. Een koppeltje eenden houdt de slakken in toom.

Dit seizoen hebben we drie nieuwe tuinders ‘afgeleverd’, met plannen voor een eigen CSA-tuinderij

Verdienmodel

Een keerzijde van dit teeltsysteem is dat het oogsten niet valt te mechaniseren. “Dankzij het concept ‘zelfoogsttuin’ heeft onze kwekerij toch een goed verdienmodel”, volgens Bregje. Dankzij meerdere oogsten per meter is het rendement uit de permacultuur hoog. Zo wordt er weinig zelf gezaaid en verspeend. Het meeste plantgoed komt van een biologische plantenkwekerij. Dat geldt ook voor tomaten, komkommers en andere kasgroenten, die in twee tunnelkassen geteeld worden.

“We werken zonder personeel, maar hebben in het seizoen wel een aantal leerling-tuinders meewerken”, vertelt Michel. Hij is de tuinder, op twee vaste dagen bijgestaan door groepjes vrijwilligers. Bregje doet de ondersteunende diensten zoals het beheer van de site.

Boodschap verspreiden

De permacultuur is een eindeloze inspiratiebron, want je leert kijken en processen op de tuinderij herkennen, vindt het echtpaar. Inmiddels proberen ze hun tuinmodel te verspreiden en leiden aspirant-tuinders op. Hun ambitie is om tuinderijen door heel Friesland op te zetten en daar beheerders voor klaar te stomen.

“Dit seizoen hebben we drie nieuwe tuinders ‘afgeleverd’, met plannen voor een eigen CSA-tuinderij. Er is veel animo voor dit idee”, vertelt Bregje. Ook onder jonge melkveehouders, die een gemengder bedrijf willen en de verbinding met de omgeving willen herstellen. “Daar is dit een geschikt model voor. Met een klein stuk land kun je al beginnen. Elk dorp en stadswijk kan zijn eigen zelfoogsttuinderij hebben.”

Koen van Wijk

Of registreer je om te kunnen reageren.