Home

Achtergrond laatste update:23 dec 2008

Bij bouw kas komt steeds meer kijken

Een teler laat maar 2 of 3 keer in zijn leven een nieuwe kas bouwen. Dat hij niet van alle details op de hoogte is, is logisch. Gelukkig is er heel wat professionele ondersteuning voorhanden om de weg te vinden in het oerwoud van regelgeving en praktische problemen tijdens de voorbereiding en de bouw.DOOR GERARD BOONEKAMPgerard.boonekamp@reedbusiness.nl

“Het valt op hoe weinig kassenbouwers rekening houden
met de installatie die in een kas moet komen. Degene die zo’n installatie
aanbrengt, moet zelf maar zien hoe hij het oplost.” Aan het woord is Jan Jansen,
projectmanager bij adviesbureau Looije Agro Technics in Oosterhout. In de negen
jaar dat hij in de bouwbegeleiding en -advisering zit, heeft hij al heel wat
bloopers gezien. ‘‘Neem het schermdoek. Bij drie trekdraden per 8-metertralie is
het schermpakket veel kleiner, doordat het profiel gelijkmatiger tegen het spant
loopt. Gaat een kassenbouwer echter uit van 2 draden met een slipkracht van 6
kilo, dan heb je een probleem als de scherminstallateur er drie trekdraden met
een slipkracht van 9 kilo in legt. De hele gevel wordt dan naar binnen
getrokken, met mogelijk glasbreuk tot gevolg.’’ “Het
ontwerpcomputerprogramma Casta van TNO, dat iedereen in de kassenbouw gebruikt,
ondervangt dit probleem ook niet”, vult Jansens’ collega, projectvoorbereider
John van Dijk, aan. “Het wordt steeds moeilijker offertes vergelijkbaar te
krijgen. Telers letten vooral op de prijs en zien vaak niet waarop kassenbouwers
hebben beknibbeld. Vaak moeten nog tientallen essentiële vragen worden
beantwoord voordat een offerte duidelijk is. En dan zien we veel offertes alsnog
duurder worden.”

Dekwasser in plaats van gecoat glasDe eerste vraag die
bij de bouw van een kas vaak moeten worden beantwoord betreft de traliemaat.
Voor elke teelt en voor elke teler kan de ideale traliemaat anders zijn.
Groentetelers kiezen vooral voor 8-metertralies met een onderlinge afstand van 5
meter. Het is de goedkoopste oplossing en zorgt, in combinatie met breed glas en
een smalle goot, voor een goede lichte kas. Er staan dan weliswaar meer
kolommen, maar die zijn vrij slank (120 bij 50 millimeter). De vraag naar
bredere tralies lijkt een trend. Het biedt meer mogelijkheden om andere
rijafstanden aan te houden. In plaats van 8 rijen in een 12,80 meter tralie
kunnen er bijvoorbeeld 7 rijen (komkommer) of 10 rijen (paprika) in worden
aangebracht. Toch is een bredere tralie niet altijd voordelig. Het maakt een
kas 1,5 tot 2 euro per vierkante meter duurder. “Vaak wordt flexibiliteit
als argument gebruikt, maar er is vrijwel geen teler die eventjes de teeltgoten
en buisrailsteunen gaat omleggen”, aldus Van Dijk. Bovendien moeten de kolommen
worden verzwaard naar een minimale breedte van 60 millimeter. Doordat het
traliespant bij voorkeur 50 millimeter breed blijft, vereist dat aanpassingen om
het schermdoek goed te laten sluiten. Een breder spant neemt ook veel licht weg.
“Je kunt het bovenste deel van de kolom ‘verjongen’ (versmallen), maar de hoogte
daarvan is beperkt”, aldus Jansen. Dat bepaalt meteen ook het omslagpunt voor de
hoogte van de kas.‘‘Er worden soms de wildste beweringen gedaan over nog
hogere kassen. Wij vragen vaak als eerste: moet de kas hoog zijn of licht? Het
omslagpunt voor een 8-metertralie ligt tussen 5,60 en 5,80 meter. Voor een
12-metertralie is dat 6,20 meter. Als je daar boven komt, ga je inleveren op
licht door een zwaardere constructie.” Met glas van 1,67 meter breedte en smalle
goten is juist extra lichtwinst te halen. De verhalen over lichtwinst van
speciaal glas relativeren beide adviseurs enigszins. “Dat extra licht verdien je
pas terug als je alle teeltomstandigheden hebt geoptimaliseerd. Bij de aanschaf
van kaderloze luchtramen wordt al een lichtwinst van 0,5 procent gehaald, net
als glassoorten met hogere lichtdoorlatendheid. Bovendien is met goed schoon
houden van het glas vaak veel meer verdienen.” Laatst kwamen Jansen en Van
Dijk bij een teler die net gecoat GroGlass had gekocht voor zijn nieuwe kas. ”Op
zijn bestaande kas zaten algen en mos bij de roeden. Die man had voor die 12
euro per vierkante meter glas beter een goede automatische dekwasser kunnen
kopen.”

‘Vertrouwen is goed, nameten beter’De adviseurs van
Looye Agro Technics schrijven de opdrachtgever niet voor wat hij moet doen. “We
stellen hem vooral veel vragen, zodat hij scherp krijgt wat hij wil en we
leveren hem alle benodigde gegevens om gefundeerd beslissingen te kunnen nemen.”
Soms behoeden ze een teler voor verkeerde zuinigheid. “Wij willen altijd
sonderingen laten uitvoeren voor de bouw. Het is kortzichtig om 5 duizend euro
te willen besparen op een project van 5 hectare waarin wordt geïnvesteerd.
Als de zaak verzakt, kost dat vaak heel veel geld, terwijl niemand meer
garanties wil nakomen.” Naast het technische voorbereidingswerk is ook het
regelen van vergunningen en nutsvoorzieningen snel ingewikkelder geworden.
Jansen: “Je bent nu soms drie jaar kwijt voor je een gemeentelijke vergunning
rond hebt. Met een eenvoudige bouwtekening ben je er namelijk niet. Je moet met
veel geduld en takt contact onderhouden met ambtenaren die vaak moeilijk
bereikbaar zijn en je hebt veel inzicht nodig in de steeds strengere
regelgeving.” Voor subsidiemogelijkheden als GroenLabelKas, MIA en Vamil heeft
Looije een paar specialisten in dienst. Zij constateren een groot probleem bij
de nieuwe groenlabeleisen. Het valt niet alleen niet mee om de 115 punten (85
voor extensieve teelten) in de wacht te slepen. Om in aanmerking te komen voor
groenfinanciering zal gedurende de looptijd daarvan elk jaar worden
gecontroleerd of nog aan die eisen wordt voldaan.Een belangrijk onderdeel
van het werk bij de bouw van een nieuwe kas zit nog steeds in de coördinatie van
en de controle op de uitvoering. De projectleider komt 2 tot 3 keer per week of
eens in de 2 weken kijken, al naargelang de fase in en de werkzaamheden bij de
bouw. Onder het motto ‘vertrouwen is goed, meten is beter’ worden heel veel
controles uitgevoerd op de materiaalkeus en de uitvoering van het werk. “Het is
superbelangrijk dat het werk goed wordt uitgevoerd. Je ziet dat kassenbouwers
graag beknibbelen op de uitgangspunten, terwijl de belasting van een kas door de
inrichting van kassen flink is toegenomen.”

‘Dat doen we altijd zo’Jansen en Van Dijk zijn in de
praktijk genoeg gevallen tegengekomen waar moest worden ingegrepen. “De
uitvoerders zeggen dan al gauw ‘dat doen we altijd zo’, maar wij weten wel
beter.” Zo komt het voor dat de gewasdraden minder strak worden getrokken, zodat
kan worden bespaard op de hoeveelheid staal in de constructie. Als
standpijpen van goedkoop pvc worden gebruikt, zie je dat niet meteen. Later
verkleuren de pijpen echter en trekken ze krom, zodat problemen kunnen ontstaan
met de regenwaterafvoer. “We kwamen pas op een project van 11 hectare, waar
de verwarmingsbuizen schuin waren afgesneden. De teler vond een bredere las op
zich niet zo’n probleem, maar had niet gezien dat ze ook gegolfd waren. Die
buizen zijn toen wel vervangen, ook al waren ze al geverfd.”

Kader

Casta is heilig
Met het ontwerpcomputerprogramma Casta/Kassenbouw van TNO berekenen
kassenbouwers de onderbouw van venlo- en breedkapkassen. Ook voor telers biedt
het programma voordelen. Het programma geeft snel inzicht in de consequenties
van verschillende alternatieven. Daardoor kan eenvoudig de meest optimale en
economisch aantrekkelijke kasconstructie op maat worden gemaakt.Verzekeraars
vragen om een uitdraai van de Casta-berekeningen voor de gekozen kas. Wanneer
blijkt dat bewust de alarmbellen van het computerprogramma zijn genegeerd, wordt
het lastig onderhandelen bij schade.Aan dit Casta-programma voegde TNO vorig
jaar het ‘Radiace’-programma toe. Dit programma berekent de lichttransmissie van
het totale kasdek en andere licht onderscheppende objecten in een kas op grond
van hoekafhankelijke metingen. Daardoor kunnen de beste stand van de kas, de
ideale dekhelling en de lichteffecten van de inrichting worden
bepaald.

Redactie GFActueel

Of registreer je om te kunnen reageren.