Home

Achtergrond laatste update:23 dec 2008

Veel fruit brengt maar helft van de kostprijs op

Slechte en goede jaren wisselden elkaar lang af in de fruitteelt. De goede jaren werden echter minder goed en de slechte jaren lijken dramatisch te worden. De opbrengstprijs is vaak nog maar de helft van de kostprijs. Fruit Consult trok aan de bel tijdens de jaarlijkse klantendagen, want dit houdt geen teler vol. DOOR ANTON OOSTVEENfreelance journalist

De huidige situatie bij de afzet van hardfruit is
dramatisch. Tot deze conclusie kwam adviseur Jan Peeters van Fruit Consult
tijdens de jaarlijkse klantendag, die op 8 en 9 januari plaatsvond in Vleuten.
Doorgaans een dag vol informatie van teelttechnische aard, maar deze keer gaf
Peeters de aanwezige telers inzicht in de kostprijs van hun product, inclusief
die van de nieuwe rassen.“De kostprijs is veel hoger dan vaak wordt
aangenomen”, stelde de adviseur. “Veel onderdelen worden niet of onvoldoende
meegenomen. Bedroeg de kostprijs voor de teelt van Elstar begin jaren negentig
nog 55 cent per kilo, nu is dat 55 eurocent geworden. Terwijl de productie per
hectare verder is gestegen en de rente bijvoorbeeld lager is dan toen.” Dat
steekt schril af tegen de huidige opbrengstprijzen, die niet zijn omgevormd van
gulden naar euro. Enkele oudere telers in de zaal relativeerden de negatieve
stemming. “Toen wij eind jaren zestig begonnen was het ook 5 voor 12”, merkte
een van hen op. De maatregelen die de sector in de laatste decennia van de
vorige eeuw in de benen hebben gehouden, bieden nu echter geen soelaas. De
marktbescherming is vrijwel volledig afgebroken. Nieuwe rassen zijn er ook nu,
maar die zijn geen alternatief voor het hele areaal met de huidige rassen,
schetste Peeters.

Stichtingsperiode oneindigPeeters berekende de
kostprijs van Elstar, Jonagold, Conference en Rubens. De kosten voor grond en
duurzame productiemiddelen komen uit de KWIN en bedragen respectievelijk 2.300
en 2.500 euro per hectare. Losse arbeid kost 14 euro per uur, vaste arbeid 25
euro. Dan zijn er nog toegerekende materialen en de reservering voor het rooien.
De hagelverzekering is gesteld op 9,5 procent voor appel en 5
procent voor peer. Tot slot zijn er de rente en afschrijvingen van de
stichtingskosten. De resultaten staan in de tabel.Per ras heeft Peeters de
kostprijs op diverse manieren aangepast, conform de denkwijzen in de praktijk.
De grondkosten is enigszins reëel, want grond is vaak allang in eigendom. Als
daarbij ook nog fors lagere kosten voor duurzame productiemiddelen worden
aangehouden (-75 procent), scheelt dat ongeveer 5 cent. Menige trekker en spuit
draait ook eenmaal afgeschreven nog de nodige uren. De hagelverzekering weglaten
geeft een vergelijkbare besparing, maar dat risico moet een bedrijf wel kunnen
dragen.Uit de toelichting op de stichtingsperiode blijkt dat de financiële
pijn verder teruggaat dan de huidige prijzen. Normaal gesproken stopt de
stichtingsperiode als de toegenomen productie meer opbrengt dan de aanplant
jaarlijks kost. Met de gemiddelde prijzen van de laatste vijf jaar wordt dat
punt echter nooit bereikt, tenzij diverse kosten buiten beschouwing worden
gelaten of laag worden ingeteld. Voor deze berekening heeft Peeters echter de
stichtingsperiode verkort tot maximaal 5 jaar voor appel en 7 jaar voor peer.
Alleen bij nieuwe rassen als Rubens evenaart de opbrengstprijs de kostprijs,
zodat de stichtingsperiode daadwerkelijk wordt beëindigd na drie jaar. Dat
scheelt afschrijving in de kostprijs.

Nieuwe rassen beperkte oplossingNieuwe rassen waren in
de jaren tachtig de oplossing. Elstar en Jonagold maakten na het actieplan
‘Keerpunt ‘80’ de helft van het areaal uit, blijkt uit het boek van Arie Groot
over het 100-jarig bestaan van de NFO. Daaruit blijkt ook dat er zeker zoveel
slechte als goede jaren waren, maar de goede jaren zorgden wel voor reserve.
Volgens Peeters zijn nieuwe rassen maar een deel van de oplossing. Hij
haalde Pink Lady aan, het oudste en wellicht meest succesvolle clubras. Het
concept staat open voor iedereen die zich eraan wil conformeren. De productie op
het Zuidelijk Halfrond bedraagt 200 miljoen kilo. In Europa wordt 150 miljoen
kilo Pink Lady geteeld, onder andere door buitenlandse klanten van Fruit
Consult. Die zijn daar zeer tevreden over, hoewel ze een flinke bijdrage betalen
aan reclame en promotie. Ongeveer tweederde van de productie wordt afgezet als
Pink Lady en de rest grotendeels als Crisp Pink, de iets mindere
kwaliteit.Naar verwachting groeit het areaal Junami, Kanzi, Rubens en
Wellant naar 1.200 tot 1.400 hectare. Als deze in productie komen, geven de
nieuwe rassen gezamenlijk grofweg de helft van de Europese productie aan Pink
Lady. Het zal niet meevallen om al die appels voor de huidige goede prijzen af
te blijven zetten. Dat is wel nodig, want de kostprijs is hoog. Wellicht dat die
omlaag kan als de ervaring groeit. Vooral het aantal uren handdunnen is een
flinke kostenpost. Net als bij alle rassen moeten productie en kwaliteit wel
overeind blijven. Want als de opbrengst maar 20 procent lager uitvalt dan de
gestelde 55 ton voor Elstar, Rubens en Conference en 65 ton voor Jonagold, neemt
de kostprijs met meer dan 10 cent toe.

Podium voor prijsvormingEen andere kanttekening bij de
nieuwe rassen is de concurrentie met Elstar en Jonagold, zeker als die voor
actieprijzen in de winkel liggen, wat overigens uit marketingoogpunt voor deze
rassen niet verkeerd hoeft te zijn. Het zou echter niet nodig moeten zijn, vindt
Peeters. De productie is in evenwicht met de consumptie. Dat geldt niet voor de
plaats waar de prijs wordt gemaakt. Hier komen bijvoorbeeld 10 procent van het
aanbod en slechts 5 procent van de vraag bijeen. “Er is geen prijsvormend podium
meer. Bijna alle appels gaan rechtstreeks naar de afnemer.”Koninklijke
Fruitmasters maakte 2 januari de middenprijzen bekend van 2007. Appels brachten
bruto gemiddeld 42 cent per kilo op, peren 47 cent. De prijzen van andere
afzetorganisaties zullen daar niet veel van afwijken. Ook al worden de kosten na
de oogst net zo uitgekleed als de teeltkosten, ze bedragen voor de gangbare
rassen zeker 20 cent per kilo. Als dat nog van de bruto prijzen af gaat,
blijft amper de helft van de kostprijs over. Produceren voor dergelijke prijzen
houdt niemand vol.Het roer moet om om de kansen te benutten, benadrukte
Peeters. Conference blijft een topproduct, maar ook voor Elstar en Jonagold
liggen er kansen voor een betere prijsvorming. De productie is in evenwicht met
de consumptie. En als residuen en CO2-uitstoot belangrijker worden, scoort ook
Nederlands product van eigen bodem hogere ogen.

Redactie GFActueel

Of registreer je om te kunnen reageren.