Home

Achtergrond laatste update:23 dec 2008

Laboratoria gaan concurrentiestrijd aan

Blgg in Oosterbeek is van oudsher het laboratorium voor grond-, gewas- en (be)mest(ings)onderzoek. De alleenheerschappij is echter sinds enkele jaren doorbroken door laboratoria als Altic, Lab ZVL, Eijkpunt en SGS. Telers worden inmiddels bedolven onder een zee van mogelijke analyses. 'Er heerst wildgroei in de advisering'.

"Laboratoria met elkaar vergelijken is niet eenvoudig, maar onmogelijk is het niet. Wel is het zo dat elk lab zijn eigen specifieke zaken heeft waarmee het zich onderscheidt van de concurrenten. Vijf laboratoria die zich bezighouden met onderzoek op het gebied van grond, gewas en bemesting worden hierna onder de loep genomen. Blgg zoekt vernieuwingBlgg in Oosterbeek introduceerde onlangs een aantal nieuwe methoden die inspelen op de wet- en regelgeving rond de gebruiksnormen die per 2006 in werking treden met de introductie van het nieuwe mestbeleid. Volgens Blgg zijn hiermee betere bemestingsadviezen aan telers te geven. Een van de nieuwe methoden is de zogenoemde PAE-bepaling (Plant Available Elements) van fosfor in plaats van een bepaling via het Pw-getal. De PAE-bepaling geeft volgens Blgg een beter beeld van de vrijkomende hoeveelheid fosfaat in de grond. De hoeveelheden stikstof en koolstof in de bodem worden voortaan gemeten, wat volgens Blgg een betere inschatting van de vrijkomende hoeveelheden tijdens het seizoen mogelijk maakt. De waardering van het stikstofleverend vermogen (NLV laag/hoog) van de bodem wordt bovendien verwerkt in het advies. Ook het zwavelleverend vermogen (SLV) wordt voortaan gemeten, evenals de bezetting van het kleihumuscomplex (afkorting CEC). Daadwerkelijk meten in plaats van inschatten leidt volgens Blgg tot betere adviezen. Er wordt ook meer rekening gehouden met de samenhang tussen de gemeten waarden van (spoor)elementen en grondeigenschappen.Blgg heeft een eigen (nacht)trans-portdienst, waardoor een monster de volgende werkdag kan worden geanalyseerd. De uitslag wordt in 95 procent van de gevallen binnen tien werkdagen verstuurd.Behalve een basisbemestingsonderzoek (pH, organische stof, CEC, NLV, C/N, P-PAE en P-Al, SLV, kali, magnesium en natrium; op klei ook lutum en koolzure kalk) biedt Blgg onderzoek naar spoorelementen, N-minonderzoek en een pluspakket (stikstof plus kali, magnesium, borium en zwavel), alsmede gewasonderzoek en aaltjesonderzoek.Een standaard onderzoek (pH, organische stof, fosfaat, kali en magnesium) kost 28,50 euro, exlusief monstername (16,25 euro) en advies (5 euro). Een standaard onderzoek aangevuld met NLV, SLV, CEC en CEC-bezetting kost 36,60 euro. Een N-minanalyse kost 20 euro per monster; bij 4 monsters is dat 15 euro per monster. In overleg zijn aangepaste pakketten en prijzen mogelijk.Unieke methode AlticAlle onderzoeken en bepalingen die Blgg doet, kan Altic in Dronten ook uitvoeren. Altic voert analyses volgens de nieuwe bepalingsmethoden alleen uit op verzoek, omdat volgens dit lab de oude bepalingsmethoden net zo betrouwbaar zijn. 'De analyse volgens de nieuwe methode van bijvoorbeeld de totale bodemcapaciteit straalt schijnnauwkeurigheid uit', meent Arjan Mager. Hij gelooft niet dat de hoeveelheid stikstof die mineraliseert uit een bodemvoorraad van 15 duizend kilo per hectare te berekenen is. 'Het zijn modelmatige benaderingen op basis van gemiddelden. Voor ons is het niet meer dan een indicatieve waarde!'Altic onderscheidt zich door haar Spurway-methode: in een licht zure oplossing worden alle direct opneembare hoofd- en spoorelementen in een keer vastgesteld. Dat maakt de gevonden waarden vergelijkbaar. Bij het meten van K-HCl in een 1:10 volume-extract en het magnesiumgehalte in een 1:5 volume-extract in NaCl is dat volgens Mager niet zo. Bij de Spurway Plus-methode worden aanvullend organische stof, afslibbare delen, koolzure kalk en pH-KCl bepaald.Altic werkt bij de standaard bepalingen volgens de door het Instituut Bodemvruchtbaarheid (IB) vastgestelde analysemethoden. De adviezen zijn gebaseerd op de Bemestingsadviesbasis, goedgekeurd door de Bemestingscommissie. Door middel van proefvelden in diverse gewassen probeert Altic haar adviezen te verfijnen. Dat gebeurt door elementenbepalingen in bodem en gewas in relatie tot de gewasstand.De adviesprijs van een standaard onderzoek op zand- en dalgrond (pH-KCl, organische stof, Pw-getal, K-getal en magnesium) is 31,50 euro. Plus koolzure kalk en afslibbare delen is dat 37,50 euro. Een N-minmonster kost 22,50 euro; vier monsters voor 65 euro. De prijzen zijn inclusief advies en behandelingskosten.Lab ZVL blijft klassiekHet Grond-, gewas en milieulaboratorium 'Zeeuws-Vlaanderen' (ZVL) in Graauw werkt met name in de akkerbouw en vollegrondsgroenteteteelt. Behalve land- en tuinbouwkundig onderzoek worden ook mestanalyses en milieukundig onderzoek uitgevoerd. Lab ZVL werkt eveneens volgens de richtlijnen van het IB en baseert haar adviezen op de Bemestings-adviesbasis.Volgens Jos Heyens geven P-Al- en Pw-bepalingen een zeer goed inzicht in de totale fosfaattoestand van de grond. Ook de K-HCl-bepaling geeft een goed beeld voor de lange termijn. In combinatie met organische stof, pH-KCl en magnesium ontstaat een zeer betrouwbaar beeld van de bemestingstoestand. NLV en SLV bepaalt het lab wel. 'Op dit moment heerst er wildgroei in de advisering. Als we daar dan ook nog allerlei methoden op gaan zetten, waar blijft dan de betrouwbaarheid?'Een algemeen grondonderzoek tuinbouw (pH-KCl, organische stof, P-Al en Pw-getal, kali en magnesium) kost 28,61 euro. Met koolzure kalk 30,98 euro en koolzure kalk plus afslibbare delen 37,28 euro. Een standaard N-minmonster met advies kost 22,50 euro (exclusief monstername en transportkosten). In speciale gevallen zijn prijzen bespreekbaar.Eijkpunt regiospecialist'Ons laboratorium wijkt niet of nauwelijks af van de andere laboratoria', zegt Joke de Geus van Eijkpunt. 'Wel afwijkend is ons bladstelenonderzoek voor heel Nederland in aardappels en spruitkool en onze advisering.' Eijkpunt heeft zich gespecialiseerd in adviezen voor het zuidwestelijk kleigebied op grond van de Bemestingsadviesbasis, aangevuld met jarenlange eigen ervaringen en die van bemestingsdeskundige Nelis van de Bok van DLV. Het stikstofadvies voor spruiten en aardappels is rasspecifiek. Ook wordt per perceel de stikstofnalevering uit dierlijke mest of gewasresten berekend en in mindering gebracht op het stikstofadvies. De uitslagen van N-mineraalonderzoek worden binnen 3 (e-mail/fax) a 4 dagen (post) verzonden. Het bladstelenonderzoek voor spruitkool en consumptieaardappels vindt plaats volgens de droge-stofmethode. De uitslagen van het onderzoek worden binnen twee dagen gefaxt of gemaild. Via Eijkpunt is ook aaltjesonderzoek mogelijk. Dat onderzoek wordt uitbesteed aan de Groene Vlieg.Vanaf 28,60 euro voert Eijkpunt een algemeen grondonderzoek uit als telers zelf het monster steken. De analyse van een gestoken N-minmonster kost 22,50 euro. Voor het steken van een monster rekent Eijkpunt 12,50 euro per perceel. Een grondboor met toebehoren is te koop voor 49,50 euro. Op een aantal locaties in Zuidwest-Nederland zijn gratis grondboren, duimspatel en monsterzakken te leen. Voor vaste klanten heeft Eijkpunt een actie met gratis grondboor en een cursus grondmonster steken.SGS richt zich op glasHet onderzoekslaboratorium SGS in Roelofarendsveen is voortgekomen uit een fusie van laboratorium Van der Sprong en het tuinbouwgedeelte van het CBB in Deventer. SGS richt zich voornamelijk op de glastuinbouw, maar doet ook algemeen grondonderzoek voor de vollegrondsgroenteteelt. Het werkgebied ligt hoofdzakelijk in Noord- en Zuid-Holland, Gelderland en Noord-Brabant. Ook SGS werkt bij haar algemeen grondonderzoek volgens 'de IB-methode' en met de Bemestingsadviesbasis. De prijs van een basisonderzoek stelt SGS in overleg vast en is onder andere afhankelijk van het aantal monsters en de locatie."

Redactie GFActueel

Of registreer je om te kunnen reageren.