‘Hoe groot is de spotmarkt voor glasgroente?’

Zijn de afzetpartijen niets opgeschoten in hun streven naar afzet in vaste ketens? Die vraag lijkt op te doemen na een publicatie van het Financieele Dagblad.

Met een mooi stevig artikel over de kwetsbaarheid van de afzet van glasgroente is de vraag hoe groot de spotmarkt precies is.

In het artikel zeggen ervaren bestuurders uit de coöperatieve wereld dat de spotmarkt nog heel groot is. Zo zegt voorzitter Aad Sonneveld van Van Nature dat paprika’s en komkommers voor 85 tot 95% wordt verkocht via dag- en weekprijzen. De rest is contractteelt. Uitzondering is losse tomaat waarvan 40% via dag- en weekprijzen wordt afgezet. Hiervan gaat relatief meer product per contract naar Engelse afnemers die voor langere periode prijzen willen afspreken.

In een toelichting stelt Sonneveld dat hij bedoelt dat voor veel glasgroentepartijen wel contractafzet plaatsvindt, maar dat de prijzen nog steeds wekelijks worden vastgesteld. “Er is maar een kleine percentage van de afzet op basis van een lange termijn prijs.” Het is het onderscheid tussen volume- en prijscontracten bij Van Nature. Er zijn veel volumecontracten (met wekelijkse prijzen), maar weinig vaste prijscontracten.

50% variabele prijzen

Het Wageningen Economisch Research (WER) kwam afgelopen najaar op de volgende omschrijving voor groente en fruit. “Circa 75% van het volume is vastgelegd in afzetcontracten per seizoen met de inkooporganisaties van de supermarktketens, waarvan 25% tegen vaste prijzen en 50% tegen variabele weekprijzen binnen een zekere bandbreedte van minimum- en maximumprijzen.”

Voor glasgroente had WER eerder dat jaar een andere opsomming. Ongeveer twee derde van de glasgroente wordt via dag- of weekhandel afgezet. Ongeveer 15% heeft een lange termijncontract en bijna 16% werkt via bemiddeling. Opgeteld is dat bijna 100%.

Richting vaste ketens

De cijfers van de Wageningse onderzoekers laten zien dat de markt toch echt beweegt richting vaste ketens. Dat vindt ook marktanalist Cindy van Rijswick van de Rabobank. “De cijfers in het Financieele Dagblad komen wat negatief over. Ik ga ervan uit dat iets meer dan de helft van het volume op contract wordt gekocht. Prijzen worden vervolgens op verschillende manieren vastgelegd. Het is ingewikkeld dat onderscheid te maken.” Dat veel product dan ook het erf verlaten zonder dat een prijs is afgesproken is niet gek, stelt Van Rijswick.

Volledige reactie Cindy van Rijswick, marktanalist Rabobank

“Een teler weet misschien niet meteen een prijs als het product het erf verlaat, omdat ie de afzet via een coöperatie/telersvereniging doet. Dan is het logisch dat je er op vertrouwt dat deze partij de hoogste prijs uit de markt haalt en dat je later pas de (gemiddelde) prijs weet. Dan is uiteindelijk ook de gemiddelde jaarprijs van meer belang dan de prijs van iedere vrachtauto die het bedrijf verlaat.

Sommige telers kiezen er bewust voor om het product aan een handelaar mee te geven en vertrouwen er op dat die het tegen een goede prijs voor de teler verkoopt. Je moet voorzichtig zijn om daar een oordeel over te vellen.

Er zijn zeer veel verschillende manieren/strategieën voor de afzet, maar het is moeilijk in percentages uit te drukken en het is ook moeilijk om te oordelen over wat een succesvolle strategie is en wat niet. Dat moet je ook op langere termijn bekijken. Het ene kan het ene jaar goed uitpakken en het andere het andere jaar. Het lijkt me in ieder geval goed als daar een weloverwogen keuze in wordt gemaakt. Het wil ook niet altijd zeggen dat wanneer iets zonder prijs het erf verlaat dat die teler ook achteraf een slechtere prijs heeft gekregen dan de teler die het product met prijs heeft laten vertrekken. En ook met ketenafspraken heb je allerlei varianten.”

Of registreer je om te kunnen reageren.