teeltgeluid

‘Met warme nachten weet je dat zetting moeilijk gaat worden’

“Het gewas zegt ‘laat de hitte maar komen’ maar ik hou mijn hart vast voor de zetting”, zei teler Janus Kanters van Kleine Kaveling in Haarsteeg (N.-Br.) halverwege vorige week over de Sunstream-minipruim-trostomaat.

Het gewas staat nog steeds goed in balans en de productie loopt gelijk op met vorig jaar. “Als je kijkt naar de hoeveelheid licht, dan had ik wel meer verwacht. Maar we hebben ook wat problemen met de wkk gehad waardoor we minder CO2 konden geven.” In korte tijd liep de etheenwaarde achter de rookgasreiniger op. ‘Etheen is een echte sluipmoordenaar. Ik denk dat de planten er hooguit 1,5 week last van hebben gehad, maar je zag het al aan de tomaatjes. De trosstelen mochten wel wat groener zijn. Sinds alle katalysatorblokken zijn vervangen draait alles weer perfect. De trosstelen zijn weer mooi donkergroen.”

Dubbel zoveel hommels

Het gewas staat er dus goed op en de trossen die nu geoogst worden zien er prachtig uit. Maar de zetting bij het ras Sunstream is gevoelig voor hitte. “Deze week zien we de nachttemperatuur boven 20 graden gaan en dan weet je dat het met de zetting moeilijk gaat worden. Ik zet er nu en volgende week de dubbele hoeveelheid nieuwe hommelkasten bij: 17 per week op 2,5 hectare. Maar als de bloem niet 100% is, gaat het toch mis.”

Medewerkster Liesbeth Peters van Kleine Kaveling in Haarsteeg hoefde vorige week weinig apart te leggen. De trossen zagen er weer prachtig uit, na een wat mindere week als gevolg van de vorige hete periode.
- Foto: Van Assendelft Fotografie
Medewerkster Liesbeth Peters van Kleine Kaveling in Haarsteeg hoefde vorige week weinig apart te leggen. De trossen zagen er weer prachtig uit, na een wat mindere week als gevolg van de vorige hete periode. - Foto: Van Assendelft Fotografie

Scheuren voorkomen

Daarbij komt dat Sunstream erg gevoelig is voor scheuren. “Tot nu toe hebben we er nog weinig last van gehad. Maar je moet alert blijven.” Zo heeft hij de reactie van de luchtramen op regen bijgesteld. “De stook en ventilatietemperatuur staan op 12 graden, dus alles staat 100% open. Maar als het licht gaat regenen kunnen de ramen toch dicht gaan waardoor de verdamping deels wegvalt en de druk op de vruchtwand te groot wordt. Die snelle reactie is eruit gehaald.”

Krappe bezetting

Wat de gevolgen zijn van de hitte zal over een paar weken duidelijk worden. In week 29 werden er ook wat trossen met gemiste zetting geknipt door heet weer in week 23. “Maar nu ziet het er allemaal mooi uit.”

‘De mensen die nu starten met werken in de kas schrikken van de warmte’

Het rond krijgen van het werk in de kas wordt er niet gemakkelijker op door de langdurige warmte. “De draaiers/dievers beginnen om 5 uur en gaan meestal tot 14 uur door. De anderen starten een uur later en werken tot maximaal 14.30 uur. Maar er gaan er een aantal op vakantie en het wordt steeds moeilijker om goede mensen te vinden. En de mensen die nu starten met werken in de kas schrikken van de warmte.”

Water en CO2

Net als de werknemers drinken de planten ook record hoeveelheden water. “Per dag geven we 8 tot 8,5 liter per vierkante meter. De ec is iets verlaagd, naar 2,7.” De watergift start om 8 uur met een klein beurtje en tussen 10 en 15 uur wordt op de weegschaal water gegeven, vrijwel continu. In de nacht teert het substraat rond 20% in. Tussen 4 en 9 uur staat er een minimum buis in van 45 graden om te wortels te activeren en vooral ook de buffer leger te maken. “We kunnen zo tussen 8 en 14 uur CO2 doseren uit de wkk of ketel. Dat is voldoende bij deze temperaturen.”

Aan goed uitgangswater heeft Kleine Kaveling geen gebrek. “We halen water uit een bron van 180 meter diep, dus het is redelijk schoon.” Na ontijzering gaat het in de dagvoorraad waar het met UV ontsmet drainwater bij komt. “De dagvoorraad is genoeg voor een kleine dag water geven. We zijn heel tevreden met het watergeefsysteem. We hebben nauwelijks storingen.”

Weinig plagen

Omdat het tomatenras redelijk gevoelig is voor meeldauw, staan 2 of 3 keer per week de zwavelverdampers aan tussen 22 en 4 uur. “Maar je kunt je afvragen wat dat doet met de ramen volledig open.” Op het gebied van plagen is het rustig. “We hebben een beetje spint maar het is goed onder controle. Er zit volop Macrolophus en in de haarden hebben we Phytoseiulus-roofmijten uitgezet. Er waren hoekjes met 10 tot 15 weggevreten planten, maar nu is het er weer mooi groen.” Wittevlieg is geen enkel probleem en er zit sporadisch een rupsje. “Daar doe ik voorlopig niets tegen. Ze worden door Macrolophus en de kwikstaartjes wel gepakt.” Tuta is de laatste jaren geen probleem meer, nadat een keer heel vroeg in het seizoen met Altacor was gedruppeld.

Eerste galmijt gevonden

Een paar weken geleden is wel de eerste plant met galmijt gevonden. “Die hebben we meteen in een gesloten zak afgevoerd en de planten eromheen zijn een keer met Oberon gespoten. We weten hoe erg het kan worden, want 4 jaar geleden hadden we er veel last van. Ik ben benieuwd wat de invloed van de hoge temperatuur zal zijn. Het personeel staat in ieder geval weer op scherp om aantastingen te melden.”

Auteur: Gerard Boonekamp

Of registreer je om te kunnen reageren.