teeltgeluid

‘Diffuus glas levert 7% meer tomatenproductie op’

“We telen op verzoek van twee grote klanten 7,3 hectare Foundation en 3,5 hectare van het ras Sevance”, zegt Tom Vlaemynck (28) van Tomato Masters in Deinze (B.). De tomaten gaan via coöperatie Hoogstraten naar de klanten.

Tomatenras Foundation is in België toegelaten tot het middeltros segment (Flandria-Elite), maar Sevance niet. “We hebben het ras puur in afspraak met de veiling en de afnemer geplant.” Sevance staat in de nieuwste kas (2012) met diffuus glas erop die 4,5 hectare groot is. Daardoor staan de Foundation-trostomaten dit jaar zowel onder helder glas als onder diffuus glas. “Bij Merlice zagen we een productieverhoging van 7% onder diffuus glas”, zegt Vlaemynck. Hij vervolgt: “De sensoren laten zien dat in de diffuse kas op dagbasis 6% meer PAR-licht binnenkomt, ook in de winter.” Toen de tomaten op 3 en 4 januari werden geplant waren ze 62 dagen oud en 60 centimeter hoog. “We zetten altijd een grote plant, omdat we niet zo vroeg zijn.” De vorige teelt is wel eerder gestopt omdat het druppelsysteem moest worden aangepast.

Al 8 jaar veensubstraat in gangbare kas

De eerste tros bloeide binnen acht dagen. In de diffuse kas werden de planten naast het plantgat op steenwolmatten gezet tot de eerste tros volop bloeide, twee weken na het planten. In de gangbare kas ligt Peltracom-veensubstraat dat op voorhand 3 liter voedingsoplossing per mat kreeg toegediend. Via de plantpot werd het aangevuld tot een watergehalte van 45 tot 50%. Vlaemynck: “We hebben al 8 jaar ervaring met dit substraat. Het is ook onderdeel van de afzetafspraken.” In het veensubstraat wordt pas na de bloei van de vierde tros drain toegelaten. De steenwolmatten moeten tot dat moment interen naar 50% watergehalte.

Halverwege vorige week bloeide op het veensubstraat de derde tros volop, maar op de steenwolmat kwam de vierde tros al tot bloei. “De planten op steenwol staan netjes in balans, maar mogen niet zwakker worden. Op Peltracom staat het gewas sterker. Vanaf nu gaat dit gewas inlopen.”

Op de steenwol begon Vlaemynck vorige week met het langzaam verhogen van het watergehalte met twee nachtgiften van 200 tot 300 milliliter per druppelaar en enkele beurten overdag. Het veensubstraat werd nog even op hetzelfde vochtgehalte gehouden met een gift van circa 0,5 liter per vierkante meter in de nacht aangevuld met 1 of 2 beurten van 150 cc op de dag. “Nachtbeurten zijn bij ons standaard tot het moment dat we drain maken. Ik geef liever geen water als hij het meteen opneem, want dat stimuleert de vegetatieve groei. Nu moeten de wortels overdag zoeken naar water.”

Snellere ontwikkeling onder diffuus glas

Het stookregime verschilt in de twee kassen. In de heldere kas staat een dagtemperatuur ingesteld van 22 graden plus 3,5 graden lichtverhoging tot zon-onder. De voornacht staat op 14 graden en de nanacht op 18 graden plus 3 graden op lichtsom. Begin vorige week werd zo een etmaaltemperatuur van 20,5 graden gerealiseerd. Maar op een donkere dag is het maar 18 graden. In de diffuse kas is de nachttemperatuur 1,5 graden lager ingesteld, waardoor de etmaaltemperatuur 0,5 graden lager uitkomt. “Doordat je meer licht hebt, zijn we daar in het begin sneller gegaan en is de plant verder in ontwikkeling. Daarom kunnen we bij dezelfde lichtomstandigheden nu niet meer zo snel gaan.”

Warmte volledig via warmtekrachtkoppeling

De warmte is volledig afkomstig van de WKK (warmtekrachtkoppeling) met 7,5 MW capaciteit. “We hoeven nooit bij te stoken. Een deel van de warmte gaat zelfs naar de buren die vissen kweken.” Tot en met week 5 lag het schermdoek (LS10) soms hele dagen dicht. Dat werd vorige week al minder. “Op lichte dagen gaat het altijd een paar uur open.”

Hoge plantdichtheid

Sevance heeft een gemiddeld vruchtgewicht van 120 gram, Foundation is zwaarder: 150 gram. De eerste twee trossen zijn bij beide op 5 gezet, maar daarna wordt tot de langste dag op 6 vruchten gesnoeid. Beide gewassen zijn gestart op een plantafstand van 55 centimeter (2,25 stengels per m2).

Medewerkster Laura (21) zette vorige week de in week 4 aangehouden extra stengels vast aan het touw. - Foto: Peter Roek
Medewerkster Laura (21) zette vorige week de in week 4 aangehouden extra stengels vast aan het touw. - Foto: Peter Roek

In week 4 is bij een op de drie planten een extra stengel aangehouden. Vorige week werd die vastgezet aan het touw. Bij Foundation wordt nog een keer hetzelfde gedaan zodat de eindafstand 33 centimeter wordt. Bij Sevance komt er daarna bij 1 op de 6 planten nog een stengel bij. “Sevance mag niet te grof worden. In de diffuse kas is de kans daarop groter zodat we hem dichter willen zetten.” Drie weken na het planten zijn de twee oudste bladeren weggebroken. Vorige week werd bij de tweede ronde 2 tot 3 bladeren weggesneden. “We halen nog geen blad uit de kop. Dat gaan we vanaf week 7 doen, normaal bij elke tros.”

Macrolophus snel op peil

In de gewasbescherming heeft Vlaemynck nog helemaal niets hoeven doen. “Op de gele vangplaten hebben we tot nu toe nog geen wittevlieg gevonden.” Encarsia wordt pas ingezet als de eerste wittevlieg wordt gevonden, vermoedelijk pas begin maart. Vorige week heeft hij wel de Macrolophus uitgezet: in een keer maar 0,5 nimf per vierkante meter, in 1 pad per 2 tralies. “Dat is meer dan genoeg. We voeren ze 4 keer, om de twee weken, bij. We hebben altijd een erg snelle populatie-opbouw. Vorig jaar moesten we begin juni al corrigeren met Spruzit. Koppert staart zich daar zot op. Het gaat zo al 4 jaar goed.”

Auteur: Gerard Boonekamp

Of registreer je om te kunnen reageren.