‘Die groeikracht heb ik toch wat onderschat’

Het gewas bij Martijn van Onselen in ’s-Gravenzande heeft het warme weer goed doorstaan. “Roodverkleuring is binnen de perken gebleven. De warme nachten waren uiteraard niet ideaal: hier en daar hebben we best wat zetting verloren. Maar de Gabriella is een ras dat makkelijk stuks maakt, dus de plantbelasting bleef redelijk goed op peil.”

 

Gewasgroei

“Een klein nadeel van het ras is wel dat hij eerder te veel dan te weinig gewasgroei geeft. Hij is erg groeierig. Die groei heb ik toch wat onderschat, omdat je in het achterhoofd nog steeds de Jaylo van vorig jaar hebt. Daar blijf je dan toch een beetje op telen, terwijl dat ras juist wat makkelijker generatief ging staan en je het soms zelfs een beetje moest helpen bij de groei. Bij de Gabriella ben je dan te voorzichtig om niet te schraal te willen worden. Er zijn achteraf periodes geweest dat ik hem wat meer op z’n kop had kunnen geven.”

Naast de standaard werkzaamheden als oogsten en indraaien, besteedt van Onselen nu ook aandacht aan het tussen het gewas steken van uitstekende takken, om de paden open te houden. Dode en kale takken worden weggebroken.

 

Langzaam naar hoge middagtemperatuur

Door wat grover oogsten en generatiever sturen, staat het gewas nu wel rustig. “Ik hoop dat ik hem zo het najaar in kan krijgen.”

Op mooie dagen lucht hij ’s ochtends nog op 19 graden en laat hij de temperatuur in de kas geleidelijk oplopen naar 28 graden Celsius, wat rond 17.00 uur of 18.00 uur bereikt wordt. Om 21.15 gaat de nacht in, waarbij hij de temperatuur zo snel mogelijk probeert af te bouwen. Dat lukt aardig, met een periode met wat koelere nachten. De nachten houden we in principe zo koel mogelijk, nachten onder de 18 graden realiseer je echter nauwelijks.

Op donkere dagen, met praktisch geen instraling, wordt heel rustig aan geteeld. “Dan luchten we in principe de hele dag op 19 a 20 graden. Met wisselende dagen kijk je wat het gewas kan hebben. Iets meer temperatuur, maar je laat het niet zo gek hoog oplopen in de namiddag.”

 

Meer spint

Bij de meeste plagen is het rustig. Weinig trips en wittevlieg. “Door de hele kas heen hebben we wel spint zitten, maar daar zit ook vrij veel roofmijt (Phytoseiulus) bij. Toch ontkom je er niet aan om pleksgewijs wat te corrigeren. Ik hoop zo het najaar in te kunnen gaan. En anders moeten we toch een keertje volvelds spuiten.” 

 

Bron: Groenten & Fruit – Auteur: Peter Visser

Of registreer je om te kunnen reageren.