6/5 ‘Je blijft zo langer stamkomkommers oogsten’

Rino Kaljouw in Sint-Annaland heeft 21 april de helft van het gewas tussengeplant. Vijf dagen later volgde de andere helft. Het zonnige weer zorgde voor een goede start van de tussengeplante Sheila. “Ik heb toch dat vertrouwde standaardras weer gezet, omdat hij wat minder gevoelig lijkt voor Mycosphaerella. Daar was ik bang voor, omdat er een beetje Mycos in de oude teelt zat.”
De zon draait ook nog eens gunstig over de kas. “Die draait precies de goede kant op. ‘s Morgens staat het ene deel in de zon, ’s middags de andere rijen.” Verder droegen de brede gewaspaden, van twee meter breed, bij aan een goede lichtinval. “Daar hebben we bij de nieuwbouw voor gekozen. De plantdichtheid is hetzelfde, maar 20 procent minder rijen geeft minder loopwerk.”

Jonge planten gaan voor
Begin week 18 zijn de laatste komkommers van het oude gewas geoogst, 8 dagen vanaf het moment dat de tweede planting er in ging. “Er zijn nog 3 tot 4 goede komkommers afgekomen. En wat stek ook. Maar langer wilde ik de jonge planten niet tussen het oude gewas laten staan. De jonge planten gaan toch voor.”

Dubbele stengel
Kaljouw werkt altijd met een dubbele stengel, waarbij op het zevende blad een zijstengel wordt aangehouden, en de hoofdstengel ongeveer op het veertiende blad wordt gekopt. De zijstengels worden dan later overgehangen naar de rijen waar stengels van het oude gewas stonden.
Zo’n 13 centimeter onder de draad wordt bij elke stengel een nieuwe zijscheut aangehouden die dan over de draad heen gaat.
“Je kunt zo langer stamkomkommers oogsten, en het gewas groeit niet zo snel vol. Met het toppen kun je de plant in evenwicht houden. De plant is constant belast. Er zijn weinig telers die het zo doen. Er zit ook best meer arbeid aan, al is het relatief eenvoudig werk. Vooral in de tweede en derde week, waarin het normaal even rustig is met de arbeid, ben je juist extra druk met zijscheuten indraaien en twee stengels dieven in plaats van één.”

Spint vraagt aandacht
Meeldauw is goed onder controle gebleven. De uit de oude teelt overgehouden spint vraagt wat aandacht. “Het was te weinig om de hele kas te gaan spuiten. Maar er zaten wel wat plekjes die we gecorrigeerd hebben met Torque, om de roofmijten de overhand te laten houden.”
Op de nieuwe planten zijn inmiddels Phytoseiulus en swirskii gestrooid, en zijn er weer zakjes met roofmijten opgehangen. Tijdens de teeltwisseling is geen Vertimec gebruikt, om de wittevliegbestrijding niet om zeep te helpen.

Gasverbruik valt tegen
Overdag stookt Kaljouw op tijd naar de 21 graden Celsius toe, waarbij de temperatuur tot 25 graden kan doorlopen. ’s Avonds mag de temperatuur naar 18 graden Celsius. “Om snelheid te houden, wil ik in deze fase de temperatuur ’s nachts niet te ver weg laten zakken.”
Met een aantal regenachtige dagen kon hij goed merken dat de buisvraag aantrok. “Het gasverbruik valt tegen met zulke dagen.”

Bron: Groenten&Fruit – Auteur: Peter Visser

Of registreer je om te kunnen reageren.