laatste update:12 nov 2009

Redactie GFActueel
De invloed van het najaar op de groeisnelheid van de sla is al goed merkbaar.

De teelt van de diverse sla-types bij Paul Leenheer in Zwijndrecht verloopt nog steeds naar zijn zin, al is de invloed van de kortere en koelere dagen op de groei al goed te merken.
 
Kachel aan voor hartvulling
“We beginnen nu een beetje last te krijgen van erg trage groei. Ik heb daar wel een beetje op ingespeeld met het schema van planten, maar dat werkt nooit helemaal vlekkeloos.”
In koude nachten stookt hij al wat bij. “Een uurtje of anderhalf, ’s morgens als het licht wordt. Met een beetje temperatuur en CO2 proberen we een beetje hartvulling te maken. De omvang hebben ze nog wel, maar de vulling kan iets beter.”
 
Iets harder maken met paar EC
De watergift is beperkt. “De lollo bionda krijgt elke week nog een beetje. De rossa houden we droog, en de kropsla geven we sporadisch nog een beurtje.” Met de gietbeurten geeft hij een paar EC kalisalpeter mee. “Om de sla even wat harder te maken.”
 
Goede roodkleuring
Bij de zware kropsla begint hij van Gardia te oogsten. Voor de lichte polysla gebruikt hij Abeba. Bij de rode types verloopt de doorkleuring goed. “We hebben een paar koude nachten gehad, in combinatie met dagen met meer licht. Dan worden ze roder. Als het donkerder weer wordt, dan worden ze minder rood. Dat is standaard bij lollo rossa.”
Van ziekten en plagen heeft het gewas op het ogenblik geen last. “Ook meeldauw zijn we nog niet tegengekomen.

Of registreer je om te kunnen reageren.