Glas

Achtergrond

Bleiswijk groeit uit naar kennisboulevard

Vijftien jaar geleden werd de kennisstraat in Bleiswijk gebouwd: de businessunit Glastuinbouw van Wageningen UR en het Improvement Centre, naast elkaar aan de Violierenweg. Inmiddels zijn er plannen voor uitbouw van de kennisstraat naar een kennisboulevard.

Eerst de kas, dan het huis. Zo hoort het in de tuinbouw. Toen in 2006 locatie Bleiswijk van de businessunit Glastuinbouw van Wageningen UR werd gebouwd, ging het ook in die volgorde. De onderzoekers werden ondergebracht in noodgebouwen, vier jaar lang, tot het hoofdgebouw er kwam. Het plan om de proefstations Naaldwijk en Aalsmeer samen te voegen bestond al sinds de jaren negentig. In die tijd werden veel proeftuinen gesloten, zoals Klazienaveen en Horst. Het was een politiek besluit om de nieuwe locatie niet in Naaldwijk of Aalsmeer te vestigen, maar ergens halverwege. De Businessunit Glastuinbouw heeft nu twee locaties: een op de campus in Wageningen, waar de nadruk ligt op techniek, en een ’in de praktijk’ in Bleiswijk, met de focus op plantfysiologie.

Van kleine naar grote schaal

In dezelfde tijd was adviesbureau GreenQ op zoek naar een nieuwe onderzoekslocatie. Peter Klapwijk, oprichter van GreenQ, was een Westlandse glastuinder die in zijn kas met meloenen en tomaten vaak ruimte maakte voor proeven van toeleveranciers. Hij en compagnon Aad van den Berg zagen dat er vraag was naar onderzoek op praktijkschaal en wilden zelf kennis ontwikkelen om tuinders op het hoogste niveau te kunnen adviseren.

Vanuit WUR Glastuinbouw kwam het voorstel om naast elkaar te gaan zitten. “In een gesprek constateerden we al snel dat we complementair zouden worden”, vertelt Van den Berg. “We zagen allebei de meerwaarde van een kennisstraat. WUR Glastuinbouw had afdelingen van 150 vierkante meter; wij wilden naar 1.000 vierkante meter om de praktijkschaal te benaderen. Samen zouden we onderzoek klein kunnen beginnen en daarna opschalen.” GreenQ kocht een stuk grond van WUR en bouwde daarop het Improvement Centre (IC).

Eind 2012 vroeg Jacco van der Wekken, directeur van DLV Plant, of hij enkele afdelingen in het IC kon huren. Die ruimte wilde hij gebruiken om klanten uit te nodigen. GreenQ zag dat eerst niet zitten, omdat ze daarmee haar eigen meerwaarde zou weggeven. Maar de gesprekken leidden er wel toe dat beide adviesorganisaties in 2013 zouden fuseren tot Delphy. Het ontwikkelen van kennis werd een kernactiviteit.

Horti Science Park Event Weeks

WUR Glastuinbouw, Delphy Improvement Centre en de gemeente Lansingerland vieren van 20 september tot 8 oktober vijftien jaar kennisontwikkeling voor de glastuinbouw met de Horti Science Park Event Weeks. Die bestaat uit meer dan tien events, waaronder het Water-event en een kennisdag. Ook op het programma staat de opening van de Vertical Farming faciliteiten van WUR en Delphy op 1 oktober, inclusief een seminar over dit onderwerp.

Tekst gaat verder onder de foto

Aad van den Berg (Delphy), Sjaak Bakker en Eric Poot (WUR Glastuinbouw): "We zagen vanaf het begin de meerwaarde van een kennisstraat." - Foto: Joef Sleegers
Aad van den Berg (Delphy), Sjaak Bakker en Eric Poot (WUR Glastuinbouw): "We zagen vanaf het begin de meerwaarde van een kennisstraat." - Foto: Joef Sleegers

Sindsdien hebben WUR Glastuinbouw en Delphy ieder hun eigen onderzoeksdomein. WUR doet grensverleggend en verkennend onderzoek in kleine proefkassen; Delphy zet de tussenstap naar de praktijk in grotere proefkassen. De grenzen zijn echter niet zo scherp. Er zijn projecten bij Delphy waar onderzoekers van WUR lopen, zoals de Perfecte Roos. En bij het onderzoek van WUR Glastuinbouw lopen ook adviseurs van Delphy mee in de begeleidingscommissies.

Snel door het dal heen

Toen het Productschap Tuinbouw (PT) in 2015 werd opgeheven, waren er grote zorgen over het voortbestaan van het onderzoek bij WUR Glastuinbouw. Het PT was goed voor een jaarlijkse bijdrage van € 4 miljoen. “Er kwam een dip in de omzet, maar we zijn nooit echt in de rode cijfers gekomen”, zegt Sjaak Bakker, businessunit manager van WUR Glastuinbouw. Er volgde een reorganisatie waarbij zo’n twintig onderzoekers zijn vertrokken.

De situatie herstelde snel door de oprichting van de gewascoöperaties, de Club van 100 en het topsectorenbeleid van het ministerie van Economische Zaken, waarbij elke euro uit het bedrijfsleven werd verdubbeld door de overheid.

Bij Delphy Improvement Centre heeft de afschaffing van het PT nooit tot een dip geleid. “Natuurlijk waren er projecten met collectief geld”, vertelt Van den Berg. “Maar we deden toen al meer proeven met private financiering, vooral via toeleveranciers. Daar konden we op voortborduren. Dat heeft ons geholpen om de publiek-private samenwerking te versterken.”

De huidige kennisagenda is voor een groot deel bepaald door de politiek. Een belangrijk item bij WUR Glastuinbouw is bijvoorbeeld het sluiten van de kringloop, iets waar landbouwminister Carola Schouten sterk op heeft ingezet. In de gewasbescherming ligt een focus op weerbaarheid. Energiebesparing wordt doorgetrokken naar fossielvrije en emissievrije teelt. Andere onderzoeksgebieden zijn digitalisering, kunstmatige intelligentie en robots, autonomous greenhouse en vertical farming, terreinen waar ook Delphy op ontwikkelt.

Betrokkenheid van telers

In de betrokkenheid van telers is eigenlijk niet zo veel veranderd. Bij de PPS-projecten, waarbij het onderzoek gewasoverstijgend is, is er een ondernemersplatform. En als een gewascoöperatie gewasspecifiek onderzoek financiert, bepalen de leden van de coöperatie waaraan het geld wordt uitgegeven.

“Vroeger vonden onderzoekers het nog weleens lastig als tuinders over hun schouder meekeken”, zegt Eric Poot, teamleider bij WUR. “Maar de resultaten moeten de sector vooruit helpen. Daarom worden alle proeven die we doen begeleid door een begeleidingscommissie. Zelfs als we onderzoek doen zonder geld van tuinders, vragen we hen om begeleiding en advies. Dat levert altijd meerwaarde op.” Ook bij Delphy is betrokkenheid van de telers een voorwaarde bij het onderzoek.

Vroeger vonden onderzoekers het nog weleens lastig als tuinders over hun schouder meekeken

Telers hebben dus een dikke vinger in de pap bij de opzet van proeven. Dat leidt nog weleens tot discussies. Vanuit wetenschappelijk oogpunt moet er bijvoorbeeld een referentie zijn, een standaard behandeling, waarmee de onderzoeksresultaten kunnen worden vergeleken. ’Dat is een kas extra, dat gaan we niet doen’, luidt vaak de redenering van tuinders.

“Daarom zetten we veel inspanning op modellen”, zegt Bakker. “We kunnen allerlei situaties doorrekenen voordat we een onderzoek opzetten. Dat helpt ons richting te geven. Zo zijn de resultaten van een demokas, bijvoorbeeld het energieverbruik, met modellen te extrapoleren naar de praktijk.”

Horti Science Park

In vijftien jaar tijd is er het een en ander gebouwd aan de Violierenweg, maar de basis van de kassen stamt uit 2006. “We gaan renoveren en nieuwe proefkassen bouwen”, vertelt directeur Bakker. “Daarvoor hebben we 2 hectare grond, grenzend aan de huidige locatie.”

Tekst gaat verder onder de foto

Onderzoek in Kas 2030. In deze demonstratiekas wordt gestreefd naar een fossielvrije en emissieloze teelt. -Foto: Joef Sleegers
Onderzoek in Kas 2030. In deze demonstratiekas wordt gestreefd naar een fossielvrije en emissieloze teelt. -Foto: Joef Sleegers

Op dit moment ontwikkelt de gemeente Lansingerland een ‘horti-sciencevisie’. Daarin wordt gedacht aan het uitbouwen van de kennisstraat tot een kennisboulevard aan de Violierenweg, aan nieuwe bedrijfsactiviteiten en het aantrekken van start-ups. Onderzocht wordt of dit kan worden gekoppeld aan de nieuwbouw van WUR. Verder zouden er faciliteiten kunnen komen voor training of onderwijs. De gemeente Lansingerland hoopt daarmee hoog opgeleide mensen aan te trekken voor de tuinbouw. Het plan is dat er over drie jaar nieuwe kassen staan.

’Focus in Horti Science Park moet op de plant blijven’

Voor Van den Berg is het belangrijk dat nieuwe bedrijvigheid hier in het teken staat van plant en omgeving, waarmee het zich onderscheidt van het World Horti Center, dat meer gericht is op de techniek. “Bijvoorbeeld start-ups in sensoren of bedrijven die groeimodellen ontwikkelen, die digitaliseren. De focus moet op de plant liggen, dan is het duidelijk waarom men aan de Violierenweg moet zijn.”

Begroting voor onderzoek groter dan ooit

De totale begroting van WUR Glastuinbouw bedraagt ongeveer € 17 miljoen. Vlak voordat het Productschap Tuinbouw wegviel in 2015, was dat ongeveer € 12 miljoen. De financiering is nu grofweg voor 40% afkomstig van het topsectorenbeleid, 40% van het bedrijfsleven, zoals de Club van 100, stichting Kennis in je Kas en de gewascoöperaties, en voor 20% gaat het om subsidies, vanuit onder meer de Europese Unie en provincies.
De gewascoöperaties dragen samen enkele honderdduizenden euro’s bij; de Club van 100 meer dan een miljoen. De internationale omzet, inclusief de gelden uit Brussel, maakt ongeveer 25% uit van de omzet van WUR Glastuinbouw.

Sierteeltgewassen
Van het onderzoek was in het afgelopen jaar ongeveer 65% gericht op de sierteelt. In de Kas 2030 staan naast komkommers drie sierteeltgewassen (gerbera, fresia en anthurium). In de eerste jaren van WUR Glastuinbouw werd er juist meer onderzoek naar groenten gedaan.
WUR Glastuinbouw is steeds meer internationaal gaan werken. Die strategie loopt via drie lijnen: Azië, Afrika en het Midden-Oosten. In China en India draait het om de kwaliteit van voedsel. In Afrika om de ontwikkeling van de land- en tuinbouw over de volle breedte. In het Midden-Oosten is een enorme waterproblematiek, weinig kennis en enorm veel geld. WUR Glastuinbouw heeft samenwerkingsprojecten in Abu Dhabi en Saoedi-Arabië. In verschillende landen zijn samen met onder meer Avag-leden democentra opgezet.
Het Delphy Improvement Centre doet op dit moment voor 60% onderzoek in de groenten, en voor 40% in de sierteelt. De financiering is voor 50% publiek en voor 50% privaat. De jaaromzet bedraagt ongeveer € 3,5 miljoen. De financiering vanuit het buitenland is naar schatting 15 tot 20% van de totale omzet. Het Improvement Centre doet geen onderzoek in het buitenland. Wel wordt er veel privaat onderzoek gedaan voor buitenlandse opdrachtgevers.

Of registreer je om te kunnen reageren.