Fruit

Achtergrond

Cider van appels met een vlekje

Hoe gebruik je producten die ‘over’ zijn of door hun afwijkende vorm minder goed verkoopbaar, zo goed mogelijk? Tuinder Bert den Haan komt in actie. Hij verwerkt samen met collega-fruittelers restappels tot cider.

Te klein, niet goed gekleurd, vlekjes op de schil. Een deel van het fruit is niet geschikt voor het winkelschap. Telers spreken over restfruit. De Coöperatieve Betuwse Fruitmotor verwerkt appels met een ‘vlekje en een plekje’ tot cider (6% alcohol) en sprankel onder de naam Betuwse Krenkelaar. In de Betuwe is de coöperatie inmiddels bekend. Vorig oogstjaar is 30 ton restfruit verwerkt. 4 telers leveren hun restappels aan het Betuws Wijndomein in Erichem, waar de verwerking plaatsheeft.

De coöperatie vindt dat niet genoeg. Telers worden aangetrokken, het aantal verkooppunten verder uitgebreid, er wordt geïnvesteerd in een eigen bottle-lijn. Alle partijen die bij het initiatief zijn betrokken – gemeenten, Wageningen UR, winkeliers, de aangesloten fruittelers – hebben hoge verwachtingen.

15 cent per kilo voor restfruit

Op fruitteeltbedrijven valt 6 tot 8% in de categorie restfruit. Op een bedrijf van 25 hectare is dat zo’n 60 ton. Dit fruit wordt voor gemiddeld 7 cent per kilo verkocht aan de
levensmiddelenindustrie, ongeveer de kosten voor plukken en sorteren. In een goed oogstjaar zakt de prijs naar 2 of zelfs 1 cent. De coöperatie Betuwse Fruitmotor betaalt zo’n 15 cent per kilo.

Met de aangesloten telers is afgesproken dat zij een deel van de extra inkomsten investeren in het verduurzamen van hun bedrijf. Bijvoorbeeld door perceelsranden in te zaaien met een bloemenmengsel en coniferenhagen te vervangen door inheemse struiken. Dat is goed voor het insectenleven, maar ook voor de bestuiving in de boomgaarden.

‘In een topjaar qua productie zakt de prijs naar een paar cent per kilo. Daar kan ik de plukkers nog niet van betalen’

Volgens fruitteler Bert den Haan – hij is een van de 4 telers die restappels door de coöperatie laat verwerken – is het verhaal achter de Betuwse Krenkelaar simpel. Hij produceert per jaar 1 miljoen kilo appels, waarvan 60.000 tot 80.000 kilo in de categorie restfruit valt. Die restappels verkocht hij tot vorig jaar allemaal aan de sap-industrie, vooral aan Duitse bedrijven. “De prijs die ik daar krijg, is afhankelijk van de omvang van de Europese oogst. In een topjaar qua productie zakt de prijs naar een paar cent per kilo. Daar kan ik de plukkers nog niet van betalen. Vandaar dat we op zoek zijn gegaan naar een alternatieve afzet. Met de Krenkelaar hebben we een mooie stap in de goede richting gezet.”

Bert den Haan, fruitteler in Kerk Avezaath, is een van de 4 telers die restappels door de coöperatie laten bewerken. Hij produceert per jaar 1 miljoen kilo appels, waarvan 60.000 tot 80.000 kilo in de categorie restfruit valt. - Foto: Herbert Wiggerman
Bert den Haan, fruitteler in Kerk Avezaath, is een van de 4 telers die restappels door de coöperatie laten bewerken. Hij produceert per jaar 1 miljoen kilo appels, waarvan 60.000 tot 80.000 kilo in de categorie restfruit valt. - Foto: Herbert Wiggerman

Ecologische tegenprestatie

De ecologische tegenprestatie die van Den Haan wordt verlangd, ervaart hij niet als een drempel om mee te doen. Afgelopen voorjaar ging hij aan de slag. Op een klein stuk van zijn bedrijf heeft hij de coniferenhaag vervangen door inheemse struiken zoals vlier, zwarte els en sleedoorn.
Elders in de boomgaard heeft hij tussen 2 percelen een bloemenstrook van 200 meter gerealiseerd. Deze maatregelen moeten bijdragen aan het insectenleven.

Den Haan: “Ik verwacht meer nuttige insecten. Dat helpt weer bij de bestrijding van schadelijke insecten. Het idee is ook dat bloemenstroken bijen aantrekken, en dat is weer goed voor de bestuiving. Of dat inderdaad gebeurt, wordt komende jaren onderzocht door onderzoekers van Wageningen Universiteit.”

Tekst gaat verder onder tweet

PlanetProof

Misschien wel het belangrijkste motief voor deelname van Den Haan, is de introductie van Milieukeur PlanetProof voor de plantaardige sectoren. In 2019 of 2020 gaat deze nieuwe certificering van start. Telers scoren punten als zij duurzame maatregelen nemen. “Afnemers kijken niet meer alleen naar de kwaliteit van het product, maar ook naar de teeltwijze. Hun eisen worden steeds strenger. Met zo’n bloemenstrook kan ik extra punten behalen. Dat komt de afzet ten goede.”

‘Afnemers kijken niet meer alleen naar de kwaliteit van het product, maar ook naar de teeltwijze’

Een aantrekkelijk landschap, meer bijen, samenwerking in de keten, verbinding van consumenten en producenten; het zijn allemaal doelen van de Betuwse Fruitmotor. Dat kan worden gerealiseerd als de verwerking van restfruit verder wordt opgeschaald, want dat is het verdienmodel.

Uitbreiden tot 8 telers

Plan is om het aantal aangesloten telers (nu 4) nog dit jaar uit te breiden tot 8. Taak van de aangetrokken verkoopmedewerker is om het aantal afzetpunten te vergroten. Met een eigen bottle-lijn kunnen de verwerkingskosten worden verlaagd. En er wordt nagedacht over mogelijkheden om de pulp die overblijft bij de productie van cider, te verwerken tot een product voor de voedselindustrie.

Den Haan hoopt dat de verwerking van restappels over 5 jaar is gestegen naar een paar honderd ton per jaar. “Het zou mooi zijn als dan al mijn restfruit wordt verwerkt tot cider. Voor het rendement van mijn bedrijf is dat van weinig betekenis, maar wel voor het draagvlak van de sector. Duurzaam produceren is een gegeven, we moeten als sector meebewegen. Dat doen we met de Betuwse Krenkelaar.”

Cider en sprankel

De Coöperatieve Betuwse Fruitmotor verwerkt restappels tot
cider en sprankel. Deze dranken worden onder de naam Betuwse Krenkelaar op de markt gebracht. Een krenkelaar is een oud-Nederlands woord voor fruit met een vlekje of een plekje.

De coöperatie verwerkte in 2017 zo’n 30 ton restappels van vier telers. Zij ontvingen hiervoor 15 tot 20 eurocent per kilo. Dat is in een gemiddeld jaar aanzienlijk hoger dan de sap-industrie betaalt. Op 65 plaatsen wordt De Krenkelaar inmiddels verkocht.

Een van de initiatiefnemers van de coöperatie is fruitteler Bert den Haan uit Kerk-Avezaath. Hij produceert appels (18 hectare) en peren (9 hectare). Circa 8% van de appels valt in de categorie restfruit (60 ton). Een deel daarvan levert hij aan de Betuwse Fruitmotor.

Of registreer je om te kunnen reageren.