1153 bekeken

‘Gesleuteld aan de rassenkeus spruitkool’

André Noordhoek in Bleiswijk had zijn eerste hoekje spruiten toen hij zestien jaar oud was, in navolging van zijn vader en zijn oom. Dat was nog in de tijd dat handpluk gemeengoed was.

"Ik weet dat mijn vader me toen ook adviseerde om altijd goed onderin het gewas te kijken. Zo wilde hij me misschien ontmoedigen om ook in de teelt te stappen..."

Prijs vloog omhoog

Die eerste teelt ging ten onder aan waterschade. De eerste echte klapper kwam enkele jaren later. "Ik had een behoorlijke oppervlakte, maar het was het hele jaar slecht geweest. Rond Kerstmis kon vanwege vorst niemand plukken; alles was vastgevroren, de prijs vloog omhoog. Een veeboer had net tevoren al mijn stammen naar binnen gehaald, om er zijn beesten mee te voeren. Die waren toen drie keer voorgeplukt. Voordat de stammen voor de koeien gingen, heb ik er eerst nog de resterende spruiten geplukt, voor drie gulden per kilo. Dat ware dure spruitenkopjes."

Alleen nog kluitplanten

De tweede tak is de opkweek van spruitkoolplanten. "In 1991 hebben we een kas van een plantenkweker overgenomen, met zijn klanten erbij. We hebben ze toen meteen verteld, dat we het anders gingen doen: geen losse planten meer, alleen nog kluitplanten." Twee derde van de huidige planten is voor klanten, de rest is voor de eigen teelt.

Oogst op laag pitje

De oogst stond eind februari op een laag pitje. "Komt er een ordertje, dan plukken we die spruiten bij elkaar. Deze week hebben we twee ochtenden werk gehad. Als we ons een beetje druk maken, hebben we de resterende oppervlakte er in drie dagen af. Maar met dit tempo, kunnen we volgende week ook nog gemakkelijk aan de vraag voldoen..."

Twee blokken geruimd

Daar komt bij dat Noordhoek zich gedwongen zag 8 hectare te frezen, omdat de kwaliteit door light leaf spot volledig onderuit was gegaan. "Na veel getob, en klachten van klanten hebben we twee blokken geruimd. Dan zit je wel meteen in een jong gewas, waar veel minder werk aan is." Terugblikkend is hem wel duidelijk waardoor de schimmel kon toeslaan. "We zaten op een spuitinterval van drie tot drieënhalve week, totdat er in september ineens een plens water viel. Toen konden we twee weken niets doen. Door dat gat viel de schimmel in het gewas, of kon uitbreiden. Dan helpt ingrijpen met een hogere dosering ook niet meer. Ik heb ook spruiten in de koeling gehad, ik heb het idee dat de aantasting ook toen doorging. Je zag er een waas overheen komen." Met de kennis van nu durft Noordhoek de stelling aan dat hij de schimmel ook vorig jaar al had gezien. "Dat was in Abacus en Staedia, we konden die plekjes toen nog niet thuisbrengen."

Of registreer je om te kunnen reageren.