1018 bekeken

Johan Vermeulen

Prei
‘Het begint met een anti-stuifdek’

Windstil, en groeizaam: vorige week dinsdagavond was het ideaal om nog even wat Aramo te spuiten, vertelt Johan Vermeulen in Ossendrecht. De grassenbestrijder diende als correctie in een zaaisel van eind april, om wat overgebleven gerst op te ruimen. “Dan neem je ook nog wat straatgras en hanenpoot mee.”

Bedevaart
Vermeulen teelt zaaiprei om arbeidspieken in juni en juli te voorkomen.  Naast prei teelt hij ijsbergsla en broccoli, en bovendien past plantprei wat minder bij de vraag van zijn afnemer. Die wil graag ingekorte prei. Voorheen plantte hij wel prei, toen met een Grégoire Bresson, dat was een bedevaart van wel dertig dagen, als alles meezat.”

Risico
Daar tegenover staat dat de teelt wat meer risico vraagt, en dan met name in het begin. ‘Het gaat er om het onkruid er goed uit te houden, dat vraagt een aanzienlijke trucendoos.” Een week of drie voor het zaaien van de prei wordt gerst gezaaid om zo een anti-stuifdek te krijgen. Het zaaien van die gerst gaat met een gewone nokkenradzaaier. Waar de rijtjes prei komen staan, zijn de zaaipijpen dichtgestopt. Vermeulen houdt voor de prei een rijenafstand aan van 60 centimeter. Na opkomst van de gerst blijven zaaipaadjes over van 10 centimeter breed, de prei wordt hier gezaaid met een Monosem precisiezaaier. Al die bewerkingen gaan met GPS , evenals klussen als schoffelen, aanaarden, en het rooien van de prei. ‘We werken al drie jaar met GPS, ook voor de teelt van broccoli en ijsbergsla, het systeem is volledig geïntegreerd in ons bedrijf, het is echt ideaal.”

Schone lei
Direct na de preizaai wordt de gerst afgebrand, zodat de gewasresten de grond afdekken, waardoor de kans op verstuiving wordt geminimaliseerd. Vervolgens wordt net voor opkomst van de prei een onkruidbestrijding uitgevoerd om alles op te ruimen.“Vanaf dat moment begin je dus met een schone lei.” Vervolgens is het zaak de onkruidgroei voor te blijven, wat betekent dat er regelmatig bestreden moet worden, steeds in kleine doseringen. Wat het beste past, hangt af van de omstandigheden. In het kramstadium passen Lentagran en bromotril doorgaans het beste; is het vochtig dan kunnen Chloor IPC en Stomp beter uitpakken. “In het daarop volgende vlagstadium, is het gewas tijdelijk erg kwetsbaar, dan moet je proberen weg te blijven. Eventueel kun je dan wat met chloor, maar dan moeten de weersomstandigheden wel meewerken. Vochtig en een beetje bedompt, dan kun je met een beetje chloor heel veel doen.”

Inmiddels zitten alle 5 zaaisels erin. Het vroegste was van eind april, met het ras Walton. Eind april volgde de tweede zaai voor de oogst vanaf half oktober/begin november, gevolgd door drie zaaisels in mei ( 8, 15 en 28 mei), met het ras Harston. “Het tweede en derde zaaisel hebben we echt uit moeten regenen.”

Schoffelen
In een later stadium is het een kwestie van regelmatig schoffelen. “Dat stellen we het liefst zo lang mogelijk uit. Ga je daar al in een vroeg stadium mee beginnen, dan is de kans groter dat je ook preiplanten verliest. Het is het mooiste als de prei een maat heeft zodat je wat kunt aanaarden. Dan heb je het meeste risico wel achter de rug. Het komt erop neer dat de opkomst allesbepalend is; is die goed, dan is het verder relatief makkelijk.” 

Bron: Groenten&Fruit - Auteur: Joost Stallen

Of registreer je om te kunnen reageren.