Home

Nieuws 271 bekeken

‘Groentezaad mag niet veel duurder worden’

Nederland wil voorkomen dat veredelaars met extreem hoge rechten opgezadeld worden voor het in het verleden gebruikte materiaal van wilde genetische bronnen.

Dat kan de prijs van zaad voor groente, sierteelt en aardappelen onnodig opjagen. Internationale afspraken in het zogenoemde Nagoya Protocol worden door China en India zo uitgelegd dat met terugwerkende kracht hiervoor betaald moet worden. De toepassing van het Nagoya Protocol met terugwerkende kracht kan daarmee een enorme impact hebben op onderzoek, productontwikkeling en de handel in plantmateriaal in Nederland, zo schrijft staatssecretaris Martijn van Dam van EZ in antwoorden op kamervragen van het CDA.

Tijdelijke rechten

Het protocol is bedoeld om de biodiversiteit wereldwijd te beschermen de opbrengst daarvan te verdelen, maar kan omslaan in het achteraf patenteren van planteigenschappen. Nederland wil met andere landen de afspraken zo uitwerken dat de bijdrage van gebruikers van het genetische materiaal een tijdelijke is en niet geldt voor het materiaal dat al sinds 2014 in eigendom is van de veredelaars. Ook zou een vrijstelling voor commerciële rassen nodig zijn, al moet nog in internationaal overleg precies worden vastgelegd wat onder commerciële rassen wordt verstaan.

NVWA-controles

In april 2016 is de Nederlandse Wet implementatie Nagoya Protocol in werking getreden en de eerste NVWA-controles bij Nederlandse veredelaars zijn al uitgevoerd. De wet regelt de rechtstreekse werking van de Europese verordeningen. Hierin wordt specifiek de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) aangewezen als toezichthouder en het Centrum voor Genetische Bronnen Nederland (CGN) van Wageningen UR als nationaal contactpunt voor toegang en verdeling van voordelen. In 2016 is de NVWA begonnen met het opleiden van haar inspecteurs op dit thema.

Of registreer je om te kunnen reageren.