Artikel

Twee dagen alleen maar over asperge praten

0 46 Algemeen

Mierlo was eind februari even de hoofdstad van de ‘Europese Asperge Unie’. Twee dagen werd tijdens het symposium EuroAsper alleen gepraat over asperge. De onderwerpen liepen uiteen van de vrees voor Peru naar de productie per hectare in de Pfalz en de succesvolle promotie van (groene) asperge in Engeland.DOOR STAN VERSTEGENstan.verstegen@reedbusiness.nl

Andrés Casas, professor aan de Universiteit La Molina
in Lima, Peru, was louter door zijn herkomst misschien wel de meest prominente
spreker tijdens het tweedaags symposium EuroAsper op 28 en 29 februari 2008 in
het Brabantse Mierlo. Hij probeerde het 160-koppige, volledig Europese gehoor
gerust te stellen. Peru exporteert vooral naar de Verenigde Staten als het om de
versmarkt gaat en wat verwerkte asperge betreft is Spanje de belangrijkste
afzetmarkt. Toch zijn de door de Peruaan gepresenteerde cijfers bij nadere
bestudering niet helemaal geruststellend voor de Nederlandse teler, die zich
steeds meer richt op de binnenlandse markt.

7 miljoen export ‘peanuts’Op de markt voor verse
asperge, waar het in Nederland om draait, zijn de Verenigde Staten met ruim 66
miljoen kilo inderdaad het belangrijkste ‘doelwit’ van Peru. Nederland is in de
VS echter knap tweede met ruim 7 miljoen kilo, gevolgd door Spanje met 6,6
miljoen en Groot Brittannië met 5,2 miljoen. De export van Peru naar Nederland
is sinds de 2 miljoen kilo in 2000 alleen maar gestegen. Dan mag 7 miljoen kilo
asperge ‘peanuts’ zijn tegen de 66 miljoen, maar het is wel de helft van de
Nederlandse productie in 2007! De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat het,
bekeken over de hele Peruaanse export, ‘slechts’ voor 30 procent om witte
asperge gaat, maar wat dat dan voor Nederland betekent, valt uit de cijfers niet
op te maken. En in hoeverre is groene asperge een concurrent voor de
witte?Casas ziet, na een periode met een stijgende belangstelling voor
groene asperge, wel een lichte kentering in zijn land, maar dan naar verwerkte
witte asperge. Hij denkt dat Peru nog veel ervaring en kennis moet opdoen om het
kwaliteitsniveau van Europa te kunnen evenaren. Toch had in de wandelgangen in
Mierlo de handel ontzag voor de gemiddelde kwaliteit en houdbaarheid van het
Peruaanse product. Er is gezocht naar het geheim van die houdbaarheid, maar die
onderzoeken leverden geen aanwijzingen op.

Sterk afwijkende teeltwijzeIn Peru staat zo’n 20
duizend hectare asperge, ongeveer evenveel als in Duitsland. De hele productie
wordt geëxporteerd; in 2007 bijna 393 miljoen kilo. Daarvan gaat 222,5 miljoen
kilo naar de versmarkt, 143 miljoen wordt verwerkt en 26,5 miljoen ingevroren.
De stijging in de export zat in de afgelopen jaren hoofdzakelijk in het verse
(groene) product. Omgerekend bedraagt de productie bijna 20 ton per hectare.
Daarbij moet worden aangetekend dat er per jaar per perceel 2 tot 3
oogstperioden zijn in verband met het constante klimaat overdag van 17 à 20
graden Celsius in de winter en 25 à 30 graden in de zomer. De teeltwijze wijkt
dus sterk af van de Nederlandse, maar desondanks geldt dat niet voor de
levensduur van een aanplant.
’Op naar 15 ton’De Duitse voorlichter Joachim Ziegler
baarde opzien toen hij stelde dat ook in Europa 15 ton marktbare asperge per
hectare het (bereikbare) doel moet zijn. Hij baseert dat onder andere op de
ontwikkeling in de resultaten van vijf aspergetelers in de Pfalz. Hun gemiddelde
bruto productie steeg van 6 ton per hectare in 1980 naar bijna 11 ton in 2000 en
naar verwachting 12 ton in 2010 en het eind is volgens hem nog niet in zicht.
Blijft de vraag of de productie van enkele ‘toppers’ als maat mag worden gesteld
voor de op alle percelen haalbare productie. Ziegler vindt van wel.Hij liet
ook resultaten zien van een proef met twee plantdiepten: 15 en 20 centimeter.
Het object met 15 centimeter, gecombineerd met een oogst van bruto 2 ton in het
1e oogstjaar, 7 ton in het 2e jaar, 12 ton in het 3e jaar en 15 ton in het 4e
oogstjaar, leverde 29 procent meer marktbaar product op dan dezelfde bruto
oogst met planten op 20 centimeter diepte. In geld uitgedrukt betekende het
zelfs 43 procent meer opbrengst aan asperges, die gemiddeld9 procent
zwaarder waren.Volgens Ziegler hoeven heel hoge producties niet ten koste te
gaan van de levensduur van de aanplant, daarbij uitgaande van de lengte van het
groeiseizoen in de Pfalz. Hij benadrukte dat topproducties alleen haalbaar zijn
als álle denkbare factoren optimaal zijn. Vooral de groei-omstandigheden in
september, oktober (lange, droge herfst, zoals in de Pfalz) zijn volgens hem een
onderschatte factor voor de productie het jaar erop en winterkou heeft invloed
op het eerder uitlopen van de knoppen in het voorjaar. Gemiddeld 1 graadje meer
in april en mei betekent zo’n 1.000 kilo extra productie per maand. Dat geeft de
Pfalz wel een voorsprong. Ziegler pleitte ook voor een minimale afstand van
500 meter tot oudere aspergepercelen, in verband met virusoverdracht. Nu is
virus in Duitsland gewoon meer ‘ein Thema’ dan in Nederland (wie heeft het er
hier over?), maar die 500 meter wordt in de Limburgse en Brabantse teeltregio’s
toch een probleem. “Dan hoeven we hier nergens meer asperges aan te leggen”,
aldus een toehoorder.

Meer onbekende belagersStemphylium is inmiddels de
belangrijkste schimmelziekte in Noord-Europa, die preventief moetworden
bestreden. Jürgen Schulze van het Duitse adviesbureau Ubiga adviseerde te
planten in oost-westrichting, op een rijafstand van 1,80 tot 2,10 meter. Om het
gewas goed te laten drogen is dat begrijpelijk, alleen zakt het aantal meters
ruggen op een hectare dan wel van 6 duizend naar 5 duizend. Dat lijkt niet goed
voor het productiedoel van Ziegler…Schulze belichtte onder andere ook enkele
(nog) vrij onbekende aantastingen, zoals Sclerotinia (vooral op plantenvelden in
vochtige zomers), wantsen (opkomend probleem), de wortelvlieg (hoewel de
geschetste aantasting sterk overeenkomt met die van de bonenvlieg in Nederland),
aspergeluis (bonsaïgroei op plantenvelden) en de vaak moeilijk als zodanig te
herkennen virusaantasting.

campagne succesvolJames Hallet sprak als voorzitter
van de ‘Britisch Asparagus Campaign’ over de verrichte inspanningen om de markt
in Groot-Brittannië, die volledig op groene asperge is gericht, te vergroten.
Met een naar verhouding gering budget van 50 duizend euro per jaar werd van 2003
tot 2007 campagne gevoerd. Via posters, informatiefolders, recepten en spotjes
worden groene asperge én de telers tijdens het seizoen onder de aandacht
gebracht in bladen, op radio en op TV. Ook een website maakt onderdeel uit van
de campagne. Behalve een pro-actieve houding, jaarlijkse herhaling en goede
banden opbouwen met de media, is aanreiken van gebruiks-mogelijkheden van
asperge een belangrijk onderdeel. Bijvoorbeeld als hartige taart, als zonnige
zomerse salade of zelfs op de barbecue. Een en ander resulteerde in een stijging
van de penetratiegraad in Britse huishoudens: van 3,1 procent in 2002 naar 14,3
in 2007. Daarmee aten vorig jaar 3,6 miljoen Britse huishoudens asperge. De op
de markt gebrachte hoeveelheid steeg jaarlijks met zo’n 27
procent tot 2.305 ton in 2007. Hallet constateerde wel dat het consumptieniveau
van de Britten nog steeds op een laag niveau is. Er blijft dus ‘a hell of a job
to do’.

het gaat om ‘de vier g’s’ Simonette Kraaij van
communicatiebureau Heijenberg ISMC, het instituut voor Strategie, Marketing
& Communicatie in Nijkerk, vindt dat in campagnes het gezondheidsaspect van
asperge beter moet worden benadrukt. “Gezondheid staat op de lijst van
verkoopargumenten op plaats twee.” Gezond, genieten, gemak en goed gedrag zijn
‘de vier g’s’ waar het om gaat, waarbij minimaal 2 van de 4 voor het gevoel van
de consument moeten kloppen. Bij genieten hoort ook smaak en de tendens dat zoet
steeds beter in de smaak valt. Een ware groeimarkt is de consumptie buitenshuis,
waaraan in Nederland in 2007 maar liefst 18,9 miljard euro werd uitgegeven.
Volgens Kraaij is het eind van die groei nog niet in zicht. Een markt dus om op
in te spelen.Biologisch is in opkomst vanwege ‘goed gedrag’. Of asperge uit
Peru daar ook bij past vroeg Kraaij zich af, in verband met de ‘foodmiles’. Zij
denkt niet dat dit aspect van duurzaamheid van voorbij gaande aard is. “Hoe
lekker is een product dat milieubelastend is? Steeds meer mensen houden zich
daarmee bezig.” In het verlengde daarvan winnen ook streekproducten (in brede of
enge zin) steeds meer aan populariteit. Misschien had Casas toch gelijk dat
Nederlandse telers zich geen zorgen hoeven maken…

Bussels met wikkels zijn versHet aspect ‘goed gedrag’
is ook bij de Britse supermarktketen Tesco een belangrijk aandachtspunt. Dat
betreft vooral de hoeveelheid verpakking, die Tesco tot een minimum wil
reduceren. Daarom werd het aanbod op schaaltjes en in zakjes grotendeels
vervangen door bussels met een wikkel er omheen. Dat resulteerde in een
besparing van 40 procent en volgens David Collins van Tesco heeft die verpakking
ook een ‘versere uitstraling’. Het totale percentage afval zakte van 5,3 in 2006
naar 4,3 in 2007. Een daling van 19 procent, maar het is nog altijd teveel,
vindt Collins. Door de veranderde verpakking, de ondersteunende British Aspargus
Campaign en de presentatie in de winkel stegen de aspergeverkopen van Tesco de
laatste jaren steeds met 50 procent.

Telerprijs 7 à 8 euro per kiloTesco is de op een na
grootste supermarktketen in Europa en op twee na in de wereld. Hun
marketingconcept lijkt even simpel als voor de hand liggend: ‘luister naar de
consument en handel ernaar’. Constante kwaliteit, een goed sortiment,
streekproducten, productaanwezigheid, concurrerend, constant geprijsd en het
huismerk zijn daarbij sleutelwoorden. Bij de supermarkt gaat 99 procent onder
het, bij de consument in hoog aanzien staande, eigen merk de deur uit. Tesco
staat in direct contact met haar telers en hanteert een prijsstrategie die
totaal afwijkt van wat we in Nederland meemaken met de prijzenoorlogen. “Wij
willen een goede prijs voor de consument, voor de teler en voor ons.” Het gaat
dan om telersprijzen van 7 à 8 euro per kilo! Er vielen nog net geen Nederlandse
aspergetelers van hun stoel… Anderzijds is de productie op
groene-aspergepercelen in Groot Brittannië 2 tot 5 ton per hectare, dus van
‘knalgroen goud’ is nou ook weer geen sprake. Een rondje door de zaal leverde,
voor wat het waard is, de volgende prijsvergelijking op in euro’s per kilo:
Nederland 2,50 à 2,70 (98 procent wit), Frankrijk 3 euro (80 procent wit),
Duitsland 3,30 (98 procent wit), Zuid-Italië 2,50 (100 procent groen) en
Noord-Italië 2 euro (100 procent groen, later dan in het Zuiden).

In de wandelgangenIn de wandelgangen viel te
beluisteren dat Bejo Zaden dit jaar zaad levert van haar rassen Bejo 2674 en
Bejo 2735. Het zijn twee volledig mannelijke hybriden, die de concurrentie
moeten aangaan met de rassen van marktleider Limseeds. Volgens Grieks
onderzoek verbetert een korte dompeling - 2 tot 3 minuten - van asperges in
water van 55 graden Celsius binnen 3 uur na de oogst de kwaliteit tijdens de
hele periode na de oogst. Alleen... hoe pas je dat in?Met de
elektrische verwarmingstrips van Timtrade Heating International is volgens de
firma zo’n 30 procent te besparen op de jaarlijkse energiekosten. De crux zit in
de infraroodstraling die voor een snelle opwarming zorgt. Daardoor zou 2 tot 3
weken eerder met de oogst kunnen worden begonnen ten opzichte van
verwarmingsslangen. De aanlegkosten van grofweg 80 duizend euro zouden in 3 tot
4 jaar terug te verdienen zijn. Onder deze gegevens liggen (nog beperkte)
cijfers van PPO Vredepeel. Het systeem is twee jaar geleden op kleine schaal in
de praktijk aangelegd en vorig jaar is er voor het eerst enkele weken van
geoogst. Hierover binnenkort meer…, want de ontwikkelingen in de praktijk gaan
ook na zo’n tweedaagse in een zaal natuurlijk gewoon verder…

door Redactie GFActueel laatste update:23 dec 2008

reageer

Of registreer je om te kunnen reageren.